Auteursarchief: Klokwerk

Topzegeltjes

KoopzegelsMogen bijzondere prestaties beloond worden? Tuurlijk wel! De beloning moet echter wel daar terecht komen, waar dat hoort. Een aardig salaris is al een heel redelijke beloning voor mannetjes die een bedrijf opstuwen in de vaart der economie. Het lijkt me ook niet meer dan redelijk dat zo'n mannetje vriendelijk bedankt wordt, als hij daar ruimschoots in slaagt. Een bloemetje, een cadeaubon en een benoeming tot ere-lid van het bestuur zijn leuke extraatjes. Tenslotte kunnen die mannetjes van het opgestreken salaris, de rest van hun leven in een tropisch paradijs doorbrengen. Dat is op zichzelf al een beloning. Als het bedrijfsleven meent dat er verder nog iemand moet worden beloond, is dat niemand meer en mindere dan….. de klant.
Ja hoor, denken vele lezers hier. Daar heb je hem weer. Wat heeft die klant dan helemaal gepresteerd? Nou, laat ik dat even op een rijtje zetten.
Om te beginnen moeten we er van uit gaan dat een vrije markt absoluut niets voorstelt als er geen klanten zijn. In ons economisch systeem wordt het dogma hoog gehouden dat klanten vrij zijn om te kiezen welk product of bedrijf ze vertrouwen, vrij om te kiezen bij wie ze willen kopen en vrij om te kiezen hoeveel men er voor over heeft. De prestaties van de klanten zijn dus: vertrouwen schenken, de moeite nemen om naar de winkel te gaan en een substantieel deel van hun inkomen te investeren in de economie door ook daadwerkelijk een aantal produkten in die winkel te kopen.
Kijk, klanten kunnen er ook voor kiezen bij de groenteboer wat worteltjes te kopen, die thuis fijn te hakken en dat hun zuigelingen door de strot te stampen. Een stuk goedkoper, veel gezonder en het stimuleert de onderlinge band in het gezin. Maar wat doen de klanten? In een vlaag van verstandsverheldering slikken ze de boodschap dat de economie er baat bij heeft als de consument wat dieper in de portomonnee grijpt en gaat babyvoeding kopen. Ze kijken wat rond in de winkel en hoppa….. die leuke potjes van Numeco lijken ze wel wat. De klant wordt bedankt en krijgt in de ochtenkrant bij zijn ontbijt voorgeschoteld dat de heer Bennink 12 miljoen euro extra krijgt. Ja, daar lusten wij wel pap van.
De rest van de voorbeelden kent u ondertussen ook. Bedrijven van allerlei electronische apparatuur, die er voor kiezen de nederlandse economie een impuls te geven door de chips van Philips noodgedwongen elders in te kopen, zien hun investeringen beloond in de vorm van bonussen aan de Philips-top. En milieubewust als de hedendaagse consument inmiddels is, wordt er meer gebruik gemaakt van de trein. Om het de NS niet al te lastig te maken, rent men zich suf om de trein te halen, zodat die op tijd kan vertrekken. Bovendien is men niet te beroerd zich solidair te verklaren met de NS, ook al gaat er nog steeds aardig wat mis. De inzet van de treinreiziger wordt beloond met een symbolisch gebaar naar het NS-personeel.
Hoe kan dat anders? Simpel: voer de bonuszegeltjes in. Met een kleine aanpassing van het syteem dat u wel kent van uw groenteboer of supermarkt, kunnen de bonussen terecht komen waar ze horen: bij de klant. Het is en blijft tenslotte de klant die, in al zijn vrijheid, de moeite neemt produkten en diensten in te kopen van Numeco, Philips en de NS.
Hoe werkt het? Wat hetzelfde blijft, is dat elke klant één of meerdere zegeltjes krijgt bij de aankoop. Als aan het einde van het boekjaar blijkt dat een bedrijf flinke winst heeft gemaakt, kunnen de bonuszegeltjes ingeruild worden voor aandelen of obligaties. De voordelen zijn: de klant krijgt wat terug voor zijn investeringen en kan met die aandelen meer zeggenschap krijgen over het bedrijfsleven.
Ik vrees dat het bedrijfsleven met name dat laatste niet zo wenselijk vindt. Maar laat dat bedrijfsleven me eerst eens uitleggen waarom die bonussen alleen naar de top-bestuurders moeten en niet naar de klanten. Bovendien mag men ook uitleggen waarom er ook bonussen uitgedeeld worden als de prestaties wat minder zijn. In zo''n geval zou een bestuurder toch juist een deel van dat riante inkomen moeten inleveren?
Elke lezer die meer verstand heeft van economie dan de redaktie hier, mag natuurlijk ook komen vertellen wat er hij/zij vindt van de bonuszegeltjes voor klanten. Of zijn die net zo overbodig als de bonussen van de topbestuurders?

Anti-doping code

Het is weer zover. In mijn hoofd zit een deuntje dat er maar niet uit wil. Het vrolijke liedje ''She likes weed'' van de Tee-Set. En ik zit met dat deuntje opgescheept dankzij staatssecretaris Ross. Zij vindt de anti-doping code voor de sport een prima zaak, maar het moet niet al te gek worden. Prestatieverhogende middelen moeten verboden blijven. Middeltjes die niks met prestatieverhoging hebben te maken, mogen wel van de lijst af. Softdrugs bijvoorbeeld. Ja, ja, she likes weed!
Is dit een geniale strategische zet van mevrouw Ross om meer Nederlandse wereldkampioenen te krijgen? Het buitenland kijkt met gemengde gevoelens naar het gedoogbeleid hier. Het trekt wel massa''s drugstoeristen. Ross hoopt wellicht dat er buitenlandse sportslieden tussen zitten die zich suf blowen, zodat onze montere en cleane sporters op menig toernooi de de rest van de wereld er dik uitrennen, fietsen, roeien en voetballen.
Of meent Ross dat de vergaande regelgeving van de overheid ook op dit gebied teruggedrongen moet worden? Nederland wereldkampioen in het afschaffen van allerlei codes? Dat zal het in internationaal verband goed doen. In de verre toekomst valt in de geschiedeniscanons te lezen: “Zo''n 2000 jaar geleden was heel Global World (zo heette de aarde toen) bezeten van regeltjes en codes. Héél de Global World? Nee, een kleine nederzetting bleef moedig weerstand bieden aan de gedragscode-fanaten en maakte het leven van de regelgevers in de omringende legerplaatsen bepaald niet gemakkelijk.” Ross is een visionaire staatssecretaris, die goed aanvoelt dat Nederland de beste kan zijn in die typische nederlandse gewoontes: dwarsliggerij en anarchisme.
''She likes weed'' blijft ondertussen doordreunen en roept nostalgische gevoelens op. Dat komt natuurlijk ook omdat de geschiedenis zich lijkt te herhalen. Gisteren kon u hier lezen dat er enige overeenkomsten zijn tussen de periode van het kabinet van Agt/Wiegel en de actualiteit. Terwijl VVD-minister Remkes zijn best doet de aanstaande coalitie met de nodige maatschappelijke onrust op te zadelen, probeert Ross de scherpe kantjes van het nieuwe regeerakkoord er af te halen.
Onder van Agt en Wiegel gingen ambtenaren de straat op, omdat ze teveel gekort werden. Vandaag doen ze dat weer. En Remkes gooit olie op het vuur door aan te kondigen dat het loon van actievoerende ambtenaren zal worden ingehouden. Dat moet je een dwarsliggend en anarchistisch volkje natuurlijk niet zeggen. De ambtenaren worden zo woedend dat het nieuwe kabinet gedwongen zal zijn de plannen om flink wat overheidsdienaars te ontslaan, in te trekken.
In het kabinet van Agt/Wiegel was het vooral het CDA dat hier en daar de harde maatregelen van Bestek ''81 wilde verzachten. Wordt CDA-staatssecretaris Ross ook door nostalgische gevoelens overmand? Wil ze de keiharde uitspraken van het triumviraat B, B & R om de coffeeshops aan te pakken, enigzins neutraliseren door softdrugs op de dopinglijst te gedogen?
Het meest waarschijnlijke is dat er van al het hiervoor genoemde geen sprake is. De staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport maakt een denkfoutje. Sporten is gezond. Blowen geeft een tevreden gevoel. Ross denkt nu: een tevreden roker is geen onruststoker.

Voor ezelsoren bestemd

Toen koning Midas de god van het dierlijk instinct, Pan, aanwees als een betere muzikant dan Appolon (de god van de rationaliteit) werd hij gestraft met een paar ezelsoren. De koning probeerde die schande te verbergen onder een muts, maar omdat één van zijn slaven te weinig rekening hield met de spelingen der natuur kwam het geheim toch uit en wist heel de wereld van zijn ezelsoren.

Wat beweegt een 18-jarige jongeman om zijn oorspronkelijke naam Wandert, te veranderen in die van de koning met de ezelsoren? Hoopte hij dronkaards te kunnen redden en daarmee de mythologische kracht te verwerven om alles wat hij zou aanraken, in goud te kunnen veranderen?

Midas Dekkers
, bioloog/schrijver/columnist, stopt morgen met zijn wekelijkse column bij Vara''s Vroege Vogels. Die stukjes gesproken goud zullen we dus moeten missen. Wat rest zijn de gouden boeken die hij schreef, waarin hij op creatieve, spitsvondige en humoristische wijze verbanden legt tussen mens en dier.
Het menselijk gebrek aan respect voor de natuur is door hem met scherpe en soms bizarre voorbeelden aan de kaak gesteld. Hoewel hij zelf vindt dat we elkaar met rationele argumenten moeten overtuigen, weet hij herhaaldelijk aan te tonen waar we met al onze rationaliteit de mist in gaan. En dat leidt dan tot respectloze omgang met de natuur. Van het massaal rondstampen in bossen, onder het mom van natuurbeleving, tot aan dierenmishandeling toe.

In een interview met Pauw en Witteman (vrijdagavond 9 februari) zegt hij dat zijn werk er uit bestaat de feiten en de kennis aan te dragen. De mensen moeten dan zelf maar kiezen wat ze ermee doen.

Toch heeft hij zich niet beperkt tot het aanwijzen van wat er zo al mis gaat. Hij heeft ook regelmatig oplossingen aangedragen om het anders te doen.
Het zijn wel het soort oplossingen waar de redactie hier laaiend enthousiast over kan zijn, maar waar de meeste mensen geen oren naar hebben. In een interview uit 2002 stelt hij bijvoorbeeld dat de ovebevolking niet aangepakt moet worden door ''buitenlanders'' het land uit te gooien, maar een verbod op grote gezinnen in te stellen. Eén kind per gezin is voorlopig wel genoeg.
En over de opvoeding van kinderen stelt hij onder andere dat het wreed is om kinderen op 12-, 13-jarige leeftijd te martelen met de grammatica van vreemde talen. Nee, beter is het om anderstalig personeel in te zetten op kinderchrèches, omdat juist in de allerjongste periode kinderen het taalgevoeligst zijn.

Gouden ideeën van de man met de ezelsoren. Midas Dekkers blijft volhouden dat we onze rationaliteit beter, creatiever en slimmer moeten benutten. Dat is goed voor mens en dier.
Helaas zijn Midas'' voorbeelden aan dovemansoren gericht. Zijn bedoelingen zijn buitengewoon goed, maar het egoïsme en de hebberigheid van de mensen om hen heen, zorgen er vooralsnog voor dat veel mensen de verkeerde keuzes maken.

Daarmee wordt ook Midas, de koning met de ezelsoren, een prima genomineerde voor de Donkey Shocking Award.

Hopelijk blijft hij wel nog wat boeken schrijven. Kijkt u ook eens rond op zijn website. De hierboven genoemde gouden oplossingen zijn terug te vinden in de interviews die daar zijn gepubliceerd.
Of ga 31 maart naar de
Nacht van de Filosofie. Het thema is dit jaar ''Het Redelijke Beest''. Midas Dekkers wordt dan geïnterviewd en mag zijn gouden visie over de mens-dier verhoudingen nog eens uit de doeken doen.

Het akkoord in de polder

Het regeerakkoord mag een feit heten. Vol trots loopt het triumviraat, knorrend van tevredenheid, over het Binnenhof: Balkenende: 'Ja, het gaat goed met het land, het gaat goed met de politiek, het gaat goed met ons. Ik ben dan ook zeer verheugd dat ik voor de vierde keer schipper naast God mag zijn, met twee montere jongens aan mijn zijde.' Balkenende: 'Eerst wilden ze niet. Maar u kent mij: die varkentjes zou ik wel even wassen. En toen we akkoord waren dat een beetje landsbelang wel wat salarisverhogingen voor ministers mag opleveren, was er geen vuiltje meer aan de lucht.' De heren hebben respect voor elkaar, ze hebben zich met elkander solidair verklaard en zijn vol ambitie om er een duurzaam kabinet van te maken. Ze vinden het een prachtig akkoord. De hoofdlijnen weten we ondertussen, maar hoe zit het met de kleine lettertjes? Welnu, u kunt de komende jaren meer van dit soort krantenkoppen verwachten.

B, B + R: 'De publieke sectoren worden het Walhalla voor de calculerende consument. Om te beginnen verlagen we de prijzen door flink te snoeien in ons personeelsbestand. Verder kan de consument shoppen in de superzorgmarkt.'

B, B + R: 'We gaan de hele zorg in de aanbieding gooien. Daarmee geven we een impuls aan onderlinge saamhorigheid en solidariteit. De prijzenoorlog zal er toe leiden dat burgers die collectief hun spaarcentjes bij elkaar leggen, in staat zijn bijvoorbeeld een mooi ziekenhuis te kopen. De gezondheid is van ons allemaal en op deze manier stimuleren we de gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.'

B, B + R: 'Een substantieel deel van het onderwijsgeld gaat naar de militaire supermarkt. De Joint Strike Fighter is een complexe straaljager. Om ongelukken te voorkomen leren we de piloten wat ze niet moeten doen. Ook krijgt elke militair les in publiciteitsgevoelige zaken. Zo leren ze bijvoorbeeld welke martelingen wel en welke niet in internationaal verband toegestaan zijn. Onderzoek naar het verleden schiet niet op. Dus investeren we in een toekomst waar Nederland vol trots zijn militaire mannetje kan staan.' En, beste lezer, heeft u de kleine lettertjes ook al gelezen? Kunt u voorspellen welke krantenkoppen we de komende vier jaar nog meer kunnen verwachten? Update woensdag 7 februari, 15.45 u. Niet dat u dat dan meteen aan Wouter Bos moet vertellen. Want wat zei hij toen een journalist vroeg of men echt naar de mensen gaat luisteren? Hij zei: 'We weten precies wat we wilen. We laten onze oren natuurlijk niet hangen naar de samenleving….' Kijk hier naar de presentatie. Op 30 minuten en 54 seconden begint de vraagstelling aan Bos die op tussen 31:30 en 31:54 zich verspreekt. Of niet?

Zalmnorm

Op de drempel van de uitgang doet hij nog een laatste poging zijn zuurverdiende centjes veilig te stellen. Het ziet er naar uit dat het nieuwe kabinet bereid is wat meer uit te geven dan de laatste jaren het geval was. Dat moet heer Zalm een doorn in het oog zijn. De redaktie ging even peilen hoe het er nu met de gemoedstoestand van ''s land penningmeester voorstaat.
pp: “Goedemorgen, mag ik even w….” Zalm: “Ah! Daar bent u weer. Ik was al even bang dat u me vergeten zou zijn. nog voor ik goed en wel vertrokken ben.” pp: “Nou nee, zelfs al zou u echt weg zijn, dan zal ik u nog lang herinneren.” Zalm: “Wel, dat doet me deugd.” pp: “Hm, mij niet, maar daar gaat het niet om. Ik wilde even weten of u werkelijk denkt dat uw oproep om de zalmnorm te handhaven serieus gehoor zal krijgen bij de drie formerende heren.” Zalm: “Tja, daar heeft u een punt. Het baart me wel enigzins zorgen. Van de huidige en toekomstige premier is bekend dat hij met zijn zoetzure glimlach behoorlijk slappe knieën heeft. Het valt te vrezen dat hij daar doorheen zakt als hij door die andere twee onder druk wordt gezet.” pp: “Want die andere twee hebben maling aan uw norm?” Zalm: “Daar begint het wel op te lijken, ja. Die nieuwkomer wil natuurlijk god's water over god''s akker laten lopen. Maar dat zet geen zoden aan de dijk. En die zal hij hard nodig hebben als hij zijn talenten verkwist.” pp: “En Bos dan? U heeft toch al een gesprek met hem gehad?” Zalm: “Ja, ik moet toegeven dat dit de enige cruciale fout wordt van mijn ganse carrière. Bij hoge uitzondering mocht hij even een blik werpen in de boeken en die gunst gebruikt hij nu voor zijn eigen belang, zoals je dat eigenlijk ook wel kan verwachten van salonsocialisten.” pp: ” Hoe bedoelt u?” Zalm: “De man maakt zich meer zorgen over de electorale consequenties die zijn deelname aan het kabinet zal hebben dan over het landsbelang. Ik vrees dat hij zijn positie veilig wil stellen door een beetje de sinterklaas uit te gaan hangen.” pp: “Maar meneer Zalm, er is toch best wel wat geld om uit te geven?” Zalm: “Dat u niet zo goed kunt rekenen en weinig verstand van de economie heeft is dankzij uw blog ondertussen in brede kringen bekend.” pp: “Maar u heeft zelf gezegd dat een overschot gebruikt moet worden als het tegenzit. Nou, er zit genoeg tegen. Het Sociaal Cultureel Planburo liet bijvoorbeeld weten dat er zo''n € 750 miljoen nodig is om het onderwijs uit het slop te halen.” Zalm: “Ho, ho, ho! Het onderwijs is er zo erbarmelijk aan toe omdat men jarenlang de leerplicht heeft verzaakt!” pp: “Pardon…?'' Zalm: “Ja, dat u dat niet begrijpt bewijst wel hoezeer ook u daar slachtoffer van bent geworden. Leerplicht wil zeggen dat het verplicht is wat te leren. Dat doe je niet met voorleesontbijtjes en het ''nieuwe'' leren. Ik ben dan ook zeer verheugd over de nieuwe generatie studenten die weer echt wil leren. Het door de 2e Kamer aangevraagde onderzoek zal aantonen dat de plicht om daadwerkelijk te leren ernstig is verkwanseld. Gewoon weer de feitenkennis er in stampen, daar ben ik ook groot mee geworden en dat hoeft geen cent extra te kosten.” pp: “Zo, zo, u houdt er wel meer normen op na dan alleen die zalmnorm, hè?” Zalm: “Meneer, ik handel naar eer en geweten, da's alles.” pp: “Dan moet u toch flink teleurgesteld zijn over de financiële plannetjes van het aanstaande triumviraat?” Zalm: “Meneer, het is niet briljant wat ze daar bedenken, maar het kan ook zo zijn voordelen hebben.” pp: “Ja, dat er nu eindelijk eens geld uitgegeven wordt daar waar het ook nodig is!” Zalm: “(grote zucht) Och wat ben ik toch blij dat ons huidige democratische stelsel het onmogelijk maakt dat mensen als u het voor het zeggen krijgen. Wat ik bedoelde te zeggen was, dat als men werkelijk het begrotingsoverschot over de balk gaat smijten, de kiezer binnen de korste keren terugverlangt naar de tijden dat de VVD in het kabinet zat. Ik reken op een dikke winst voor onze partij.” pp: “Winst, winst, winst… Uiteindelijk is dat de kern van de zalmnorm, nietwaar?” Zalm: “Gezien de vele lofuitingen die mij bij mijn vertrek ten deel vallen is daar in het geheel niks mis mee.”
pp: “Meneer Zalm, geniet u rustig verder…..”

Prijskaartje van vertrouwen

Veel Nederlanders hebben meer vertrouwen in de gezondheidszorg dan een jaar geleden. Men vindt wel dat het duurder is geworden (onderzoek TNS Nipo). Is er dan zoveel veranderd in de zorg? Of gelooft men dat een hogere prijs ook wel een betere kwaliteit garandeert?
Als dat laatste het geval is, komt men bedrogen uit. Nederland loopt wat dat betreft nog aardig achter bij andere landen. Gisteren kon u hier lezen wat het SCP (Sociaal Cultureel Planburo) te melden had over de publieke sectoren. Citaat over de gezondheidszorg: “Nederland heeft het uitgavenniveau van Zweden maar blijft in gezondheidstoestand achter bij Zweden. Nederlanders hebben een wat lagere (gezonde) levensverwachting en een wat hogere kindersterfte. In Zweden is veel aandacht voor preventieve zorg en screening programma’s en is vooral succes geboekt met de bestrijding van riskante gewoonten zoals roken en alcoholgebruik.” Dus voor dezelfde prijs zijn we hier slechter af dan in Zweden. Het vertrouwen in de huidige zorg is dus enigzins misplaatst.
Verder blijkt uit het TNS Nipo onderzoek dat een grote meerderheid vind dat de zorg wel verbeterd moet worden. Ja, het mag dan wat kosten, maar dan wil je er wel wat voor hebben natuurlijk. Om de diskussie over de toekomst van de zorg een beetje op gang te helpen, kreeg minsiter Hoogervorst afgelopen maandag een tweetal stukken gepresenteerd. In ''Niet van later zorg'' worden vier scenario''s geschetst: Collectieve Voorspoed (de nadruk ligt sterk op de verantwoordelijke overheid), Keuzerijk Perspectief (beschrijft vergroting van de individuele verantwoordelijkheid), Samen Delen (gaat uit van een collectieve verantwoordelijkheid) en Selectieve Groei (is gericht op de individuele verantwoordelijkheid ondanks een lage economische groei).
Hoogervorst gaf onmiddelijk zijn voorkeur aan: veel eigen verantwoordelijkheid en een grote mate van keuze­vrijheid, gekoppeld aan een sterke groei van de economie. Afgaande op het beleid van de laatste jaren valt dat maar op één manier te vertalen. De burger moet zelf maar zien wat-ie met zijn gezondheid doet en denkt hij daar een dokter bij nodig te hebben dan moet er flink in de buidel getast worden. Eventuele tegemoetkomingen hangen af van de gezondheid van de economie.
Welnu, dan is er nog een vijfde scenario mogelijk. Combineer de opvating dat ''geld niet gelukkig maakt, als je maar gezond bent'' met de principes van onze markteconomie. Eén van die principes is dat lonen laag moeten blijven. Hogere lonen leiden tot hogere prijzen en dat zou niet goed zijn voor de economie. Nou, dan stellen we onze arbeidskracht toch helemaal voor niks beschikbaar? Volgens de logica van de huidige economische wetten zou dan alles gratis moeten worden.
Zo werkt dat niet, zullen de deskundigen zeggen. Alles heeft zo zijn prijs. En zo zal de burger het slechts moeten doen met het ''vertrouwen'' dat die prijs ook biedt wat men er van verwacht. Heel gezonde situatie…

De toestand in de polder (11)

klik de krantenkoppen voor de volledige artikelen

Remkes: “Ja, ja, puik stukje werk was dat! Jammer dat de site er even uitlag, maar verder hebben we alle telefoontjes kunnen beantwoorden en iedereen gerust kunnen stellen: er was absoluut geen enkel moment van crisis. Natuurlijk zijn er van die windbuilen die daar anders over denken, maar die moeten zich bij een volgende keer melden bij het dichtsbijzijnde politieburo en krijgen een crisisverbod.”

Hoogervorst: “Een maas in de wet! Waar denken die malloten wel waar dat voor is, hè? Een beetje goedkoop lekker in de zon liggen te therapieën?! Ik kots van dat soort mentaliteit. Reken maar dat die types straks achter het net vissen.”

Hirsch Ballin: “Hm, ja, kijkt u eens hier. Er wordt al genoeg in de keuken gekeken. Er zijn bijvoorbeeld al van die journalisten die undurkoffur in restaurants gaan eten. Dat levert soms crimineel smakelijke verhaaltjes op en daar moet het dan ook bij blijven, vinnik. Als we dat breder gaan inzetten, wil straks iedereen stiekem een kijkje nemen in de potjes die wij zoal op het vuur hebben staan. Goede polletiek bedrijft men het best ver uit het zicht van het grote publiek. Het succes van de huidige kabinetsformatie is daar wel het beste bewijs van.”

Bot: “Weet u, op dit weblog verschijnt doorgaans je reinste flauwekul. Maar wie goed leest pikt er toch een enkel goed ideetje uit op. Ik meen dat het ergens in augustus was, dat één van mijn ambtenaren, die belast is met het screenen van al die weblogs, mij wees op een leuk ideetje dat op Codes, keuzes en maakbaarheid verscheen. We hebben dat bestudeerd en wij zagen daar mogelijkheden in. Gelukkig hebben bloggers geen boodschap aan auteursrechten en patenten. Dus nu gaat dat hele verhaal de geschiedenis in als Bot''s briljante boodschap.”

Buitenreclame

De reclame moet eens verlost worden uit de benauwende advertenties in bladen en die luttele minuten zendtijd waarmee tv-programma''s worden onderbroken. Ook de reclame die gevangen zit achter de glaswand van bus-en tramhokjes moet worden bevrijd. Ja, reclame moet de ruimte krijgen. En die is er ook! In de openbare ruimte is nog plek genoeg. Hoe die ruimte voor reclame kan worden benut, kunt u zien op een tentoonstelling in het Arcam (Architectuurcentrum Amsterdam – te zien tot 27 januari). Het moet natuurlijk geen rommeltje worden, aldus Maarten Kloos, directeur van het Arcam. Als architecten, reclameburo''s en beleidsmakers een beetje zorgvuldig nadenken kan buitenreclame flink de ruimte krijgen, zonder dat het storend wordt. Nu wordt er nog teveel lukraak reclame gekwakt op gebouwen, rondrijdende bussen, billboards, lantarenpalen en abri''s. Je moet dat een beetje doseren, zegt Kloos. De overdonderende reclame-uitingen op Times Square (New York) vindt hij overigens een mooi voorbeeld.
Reclame in het algemeen en buitenreclame in het bijzonder zijn voorbeelden van volstrekte overbodigheid. Eigenlijk is reclame helemaal niet nodig. De consument weet zelf wel wat hij/zij nodig heeft. Het argument dat reclame nodig is om de consument er op te wijzen uit welke mogelijkheden hij de keuze heeft, is een schijnheilig argument. Reclame is slechts een middel om de vraag naar producten, waar niemand nog om heeft gevraagd, te creëren. Succesvoorbeelden zijn de route-navigatoren als de TomToms. Iedereen kon de weg best zelf wel vinden. Inmiddels lijkt niemand meer zonder te kunnen. Voor producten waar wel een normale vraag naar is, werkt reclame als een slagveld waar vele merken elkaar bestrijden om de gunst van de consument te winnen. Volkomen overbodig. In de winkel kan de consument zelf zien welke producten er zijn. Zo werkt dat met ons dagelijks brood ook. Daar wordt nauwelijks reclame voor gemaakt en toch wordt het elke dag gekocht.
Buitenreclame is er al in tal van irritante voorbeelden. Niet alleen de opdringerige billboards, ook de schapen in weilanden langs de weg, met een reclamekleedje op hun rug. De reclamewereld denkt er verder over flatgebouwen te versieren. Da''s natuurlijk om de mond-tot-mond-reclame een impuls te geven. Als je moet uitleggen waar je woont of werkt, kun je vertellen dat je in de ''Volkswagen''-flat te vinden bent.
In plaats van te bedenken hoe reclame nog meer de ruimte krijgt, zou er nagedacht moeten worden of er niet veel minder reclame gemaakt kan worden. Voor bestaande producten is het voldoende om die te laten beoordelen door organisaties die zich met consumentenvoorlichting bezig houden. Wil een fabrikant iets nieuws op de markt brengen dan kunnen diezelfe organisaties de noviteit beoordelen op nut, duurzaamheid en prijs. De consument bepaalt vervolgens of het produkt welkom is op de markt.
Reclame beperken tot louter de aanwezigheid van produkten in de winkels en de consument het verder mond-tot-mond laten doorvertellen zou meer dan genoeg moeten zijn. De al aanwezige reclame kunnen we wellicht niet meer terugdringen. We hebben zelf daar nog enige keuze in, hoe we ermee omgaan. TV-commercials zappen we weg en de folders in onze postbus flikkeren we meteen in de doos ''te verwijderen items''. Dat is de reclamemakers een doorn in het oog. Of zoals directeur Fred Kuhlman, directeur van het Nationaal Adviesbureau Buitenreclame, het zegt: ''de fragmentatie in mediagedrag zorgt ervoor dat de traditionele massamedia als kranten en tv steeds minder invloed op de massa hebben en dus minder geschikt zijn om een reclameboodschap uit te dragen. Als je in één keer een grote groep wilt bereiken kun je dat tegenwoordig het best op straat doen. Buitenreclame is niet weg te zappen''.
De plannen om de openbare ruimte nog meer te voorzien van allerlei reclame moet snel het afkeurmerk ''Overbodig'' krijgen. Die ruimte is van iedereen. In een democratisch land zou het niet mogelijk moeten zijn dat de openbare ruimte wordt overgeleverd aan de dictatuur van de commercie.

De kleine lettertjes

Het zou heel wat schelen als we onze energie (zowel die via het stopcontact binnenkomt als onze eigen energie) niet meer steken in overbodige zaken. Om te beginnen met de echt overbodige dingetjes. Bloemengeur uit een appaaraatje dat je in het stopcontact steekt is zo''n overbodigheid, maar je zou nog kunnen zeggen dat het in sommige kamertjes zijn nut heeft. Een middagje flaneren op het strand heeft economisch gezien weinig nut, maar je beweegt wel en da''s dan weer goed voor je gezondheid. Een echt gevalletje van overbodigheid is een verzekeringspolis tegen geweld. Op het eerste gezicht een prima produkt, tot je de kleine lettertjes goed tot je door laat dringen.
Krantenartikelen werken precies hetzelfde als verzekeringspolissen. De koppen zien er veelbelovend uit, maar je krijgt een heel ander beeld als je de kleine lettertjes leest. In de media werd de noviteit aankondigd met: ''Verzekeraar biedt polis tegen geweld''. Prachtig, denk je dan. Ik sluit zo''n verzekering en mij zal nooit meer iets gebeuren. Ik kan veilig een avondje stappen zonder in elkaar geslagen te worden. Mocht er ooit hier een oorlog uitbreken: ik kan gerust gaan slapen, want het geweld zal mij niet treffen. De verzekeraar heeft kennelijk een oplossing voor het ''toenemend geweld in de samenleving''.
Maar dan de kleine lettertjes: het gaat, zoals bij elke verzekering, niet om een preventieve garantie, maar om de gevolgen te bekostigen van de opgelopen schade: ''De verzekering vergoedt begeleiding als iemand psychische problemen krijgt na bijvoorbeeld mishandeling. Er volgt een uitkering van 34.000 euro bij invaliditeit en 17.000 euro bij overlijden''.
Pardon? Dat is toch allemaal al verzekerd? Tot nu toe dekken ziektekosten-, invaliditeits- , begrafenis- en levensverzekeringen dit soort gevallen? Het lijkt me sterk dat de verzekeraar die met dit geweldige aanbod komt, ook iets gaat uitkeren bovenop die bestaande verzekeringen. Ook al behoor je tot de zogenaamde risicogroepen als ambulancepersoneel en horecaportiers.
Op mijn werk hebben we regelmatig met agressie en geweld te maken. Het personeel zit bij toerbeurt in de ziektewet of heeft wat nazorg nodig. En dat is allemaal al verzekerd. Verder hebben we de mogelijkheid om via de rechter schadevergoedingen af te dwingen bij de daders. Ook als de werkgever nalatig is geweest om de veiligheid van het personeel te garanderen, kun je een aardige schadeclaim afdwingen. Die nieuwe verzekering biedt dus niets extra''s en het is mij dan ook een volkomen raadsel waarom een stuk of dertig nieuwsberichten hier zonder enig commentaar melding van maken. De verzekeraar zelf zegt: ''met de verzekering te zijn gekomen na gevallen van agressie tegen onder meer ambulancepersoneel en werknemers van het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI). We hebben bekeken of we iets voor hen konden doen.''
Wel, beste verzekeraar, wat dacht u ervan om uw geld eens te steken in de sponsoring van beveiliging? Of doneer fikse bedragen in al die initiatieven die geweld proberen te voorkomen.
Verzekeringen zijn altijd al prima in staat geweest angst tot een marktprodukt te maken, maar dit slaat weer alles. Het is dat er op dit weblog al een prijs is uitgeloofd (de Donkey Shocking-award), maar dit vraagt bijna om de FOP-prijs: de Folkomun Ofurbodig Produktje-uwoard. Nou zou zo''n prijs in al zijn overbodigheid zelf nummer één worden, dus daar begin ik niet aan. De redactie zal wel meer van dit soort zaken melden. Daarom een nieuw label: Overbodig. Ziet u voortaan dat label onder de artikelen, dan kunt u dus de gemelde gevallen bekijken. Natuurlijk kunt u ook uw eigen overbodigheden hier melden. Let op de kleine lettertjes in nieuwsberichten en u zult versteld staan van de hoeveelheid overbodigheid die u zult aantreffen.

Kansen op keuzes

In Room with a view en Het roer gaat om beschreef ik de kansen die het aanstaande kabinet heeft om met een baanbrekend regeerakkoord te komen. Dat lukt alleen als de heren het uitzicht vanuit het onderhandelkamertje als een window of opportunity beleven. Weg met tunnelvisies, weg met blikvernauwing, weg met dat bord voor hun kop. Zet het raam wagenwijd open en laat de geest waaien.
Een window of opportunity (een venster met uitzicht op mogelijkheden) wordt makkelijk over het hoofd gezien. Het raam kan nog zo wijd open staan, als men de mogelijkheden niet ziet die er aan voorbij trekken dan mis je kansen op keuzes die goede oplossingen bieden. Van belang is dat men ook in staat is oplossingen te zien die op het eerste gezicht niet direct met een bepaald probleem te maken hebben.
Voorbeeldje: De EU wil serieus werk maken met het terugdringen van de CO2-uitstoot. In hun ijver daartoe somt men alle mogelijkheden op om tot schonere energie-opwekking te komen. Alles mag, inclusief kernenergie. Omdat dit laatste hier en daar op weerstand kan rekenen, zegt de EU er wel bij dat de aangesloten landen zelf mogen bepalen of ze kernenergie willen gebruiken. Het hele voorstel is een typisch staaltje lineair denken: er is een probleem die met bekende oplossingen moet worden verholpen. Even nadenken of er ook nog meer en andere mogelijkheden zijn is er niet bij.
Om de keuze voor kernenergie aan de lidstaten zelf over te laten getuigt niet van lef. Maar goed, daar kan het nieuwe kabinet dus duidelijk over worden. Dat wordt een glashelder ''nee'', al was het alleen maar omdat de opslag van kernafval nog lang niet veilig is.
Kennelijk stond de ''window of opportunity'' niet open genoeg bij de EU, want behalve de genoemde oplossingen zijn er nog tal van andere mogelijkheden. Van autoloze zondagen tot beperking van het vliegverkeer. Van een verbod op nutteloze electrische gadgets tot het uitschakelen van de verlichting op straat op stille momenten. Van productieverlaging tot het afschaffen van kerstmis. Van het afsluiten van de energielevering tussen 2.00 u. en 4.00 u. ''s nachts tot een periode van belastingvrijstelling op auto''s die op biobrandstoffen rijden. Zelfs de mogelijkheid om helemaal niets aan de CO2-uitstoot te doen mag in het rijtje ideeën voorkomen.
Natuurlijk, hier zitten de meest zotte ideeën tussen. Het gaat er wel om dat men een bepaald probleem loskoppelt van allerlei andere zaken (bijvoorbeeld energieverbruik en een goed draaiende economie), vervolgens gaat brainstormen (de geest moet waaien) en alle mogelijkheden serieus en met een ''open mind'' bespreekt. Men zet als het ware de ''window of opportunity'' hemelsbreed open en zo creëert men kansen voor keuzes waar men doorgaans niet op komt.
Het is vrijdag. De kabinetsformatie is weer drie dagen verder. Iedereen is benieuwd of en welke keuzes de heren ondertussen hebben gemaakt. Hebben de heren hun geest laten waaien of hebben ze het raam stevig dicht gehouden en krijgen we een regeerakkoord waarin de gezonde keuzes weer geen kans krijgen?