Deze column verscheen eerder bij Sargasso.
Rusland is niet langer “de agressor”. Dat eufemisme zult u uit mijn mond niet vaak meer horen. We mogen niet naïef zijn, iets wat mevrouw Bikker ook zo sterk benadrukte in haar inbreng. Rusland is onze vijand.
Alzo sprak minister Yeşilgöz-Zegerius (bij het Kamerdebat over de defensiebegroting) en gans de pers was in rep en roer.
En holde de pers naar de grenzen om te kijken of die vijand onze grenzen overschreed? Tuurde de pers het hemelgewelf af, zoekend naar vijandige drones, raketten en vuurwerk? Verzamelde de pers zich op ’s land toppen der duinen om verslag te doen van vijandige landing op onze stranden?
Niets van dat al. Want in dezelfde ademtocht waarmee de minister ons vijandbewustzijn nieuw leven inblies, verklaarde ze:
En nee, dat betekent niet dat wij in oorlog zijn
“Hè getfer”, zuchtte de pers, “weer loos alarm”. Dan zelf maar wat reuring opgepookt. De pers ging op zoek naar minister Berendsen van Buitenlandse Zaken en vroeg of hij wel wist dat we een vijand hebben. Het is immers zo dat een kabinet, alle bewindspersonen incluis, met één mond hoort te spreken?
