Oh oor, o hoor (Lucebert).
Lieverd, ik hoop dat je dit berichtje nog hoort, voor je boodschappen gaat doen. Het wordt wat later want die etterbak van een … (naam verwijderd op last van het College Bescherming Persoonsgegevens) heeft net een spoeddebat aangevraagd om een no-fly zone voor muggen in te stellen, omdat in de Koran staat dat Allah het niet onwaardig vindt, die stekebeestjes als voorbeeld te stellen. Ik eet dus niet mee vanavond, sorry schat.
Een van de vele berichtjes die zijn uitgelekt, nu iedereen weet hoe je de voicemails van politici kan afluisteren. Het levert interessante informatie op. Morgen zullen we bijvoorbeeld meer weten over hoe Mark Rutte de luis in de pels denkt aan te pakken. Of niet, want de voicemails zullen nu wel onbereikbaar gemaakt zijn voor de nieuwsgierige burger.
Sinds Balkendende’s normen en waarden is ‘luisteren naar elkaar’ een van de zaken die prioriteit heeft gekregen bij de overheid. Bij Balkenende begon dat met de 100-dagen-luistertour en groeide uit tot het afluisteren van meer dan 2000 telefoongesprekken van burgers. Waaronder een paar Telegraafjournalisten, die dat maar niks vonden. De rechter besloot dat de AIVD het journaille terecht heeft afgeluisterd.
Nu blijkt dat de transparantie van de overheid op slordige beveiliging van de voicemails berust, wil men de boel weer op slot gooien. Dat lijkt een terechte maatregel, maar het zal geen zoden aan de dijk zetten.
Er wordt op een immens grote schaal afgeluisterd. In de openbare ruimte kun je meegenieten van de vele telefoongesprekken, waaronder het inspreken van voicemails. Dat doen de sprekers geheel uit eigen, vrije wil. Het afluisteren van die 2000 telefoongesprekken valt daar niet onder, maar is volstrekt legaal verklaard.
Maar waarom zouden de mogelijkheden van de digitale communicatie alleen door de overheid benut mogen worden? Diezelfde overheid die wil dat we meer naar elkaar luisteren en ondertussen Kamervragen maar half beantwoord. Dat kan beter, sneller en veel openlijker. De Dagelijkse Standaard sluit zich aan bij het koor dat de voicemail-lek een schande vindt. Maar in een van de reacties staat een voorstel, waar ik me bij aansluit: “Ik stel zelfs voor om het wettelijk te regelen dat ministers en ambtenaren zulke communicatieapparatuur krijgen dat die openlijk via bijvoorbeeld een internetsite, af te luisteren zijn. Zeg maar een uitzending gemist, maar dan voor gesprekken van ambtenaren”.
We moeten meer naar elkaar (af)luisteren.
De Gouden Eeuw van Rutte?
Het zal je maar gebeuren. Je staat ambitieus te trappelen om dit prachtige land terug te geven aan haar burgers, komt de rest van de wereld ineens binnendenderen. Dat kun je gerust een uitdaging noemen. Hier ligt immers een kans om Nederland weer een nieuwe Gouden Eeuw in te loodsen. Wat zal Mark Rutte van deze ingewikkelde puzzel maken?
Rutte’s voorganger, Balkenende, had wel wat met die Gouden Eeuw. Hij miste hier die roemruchte VOC-mentaliteit. Een combinatie van economische expansiedrift en slavendrijverij. Nederland was niet meer dan een republiek van zeven samenwerkende provincies, maar telde wel mee op het wereldtoneel. Nu hebben we vijf provincies meer, zijn we al lang geen republiek meer en de rol op het wereldtoneel bestaat vooral uit politieke volgzaamheid, die Balkenende zijn kop heeft gekost.
De gevolgen van de kredietcrisis en het gemor van het gepeupel, denkt met onder andere te bestrijden met bestuurlijke veranderingen. De monarchie wordt er niet helemaal uitgegooid, maar de macht van het koningshuis wordt wel beperkt. Dat is althans de wens van een aantal politieke partijen. Terug naar een republiek zit er op korte termijn niet in, terug naar zeven provinciën wel. De VVD is voorstander van één Randstadprovincie en fusies van de andere provincies. Ook een manier om de overheid af te slanken. Overigens: D66 wil naar vier landsdelen, GroenLinks naar zeven.
Mark Rutte krijgt echter niet de tijd om in alle rust het land te hervormen. Eerst moet ook hij zich afvragen hoe hij Libië terug kan geven aan de Libiërs en of hij Nederland wel een Gouden Eeuw kan bezorgen zonder kernenergie. De rampzalige toestanden in Japan en de Noord-Afrikaanse en Arabische landen, leiden de premier maar af van de crisis- en herstelplannen, waarmee hij Nederland weer groot denkt te maken.
Nederland is niet alleen op de wereld. Elke premier zag zijn binnenlandse agenda wel doorkruist door buitenlandse perikelen. Standpunten, initiatieven en acties wisselden per coalitie. Vlak na de Tweede Wereldoorlog moest het land ook opgebouwd worden, maar tegelijkertijd wilde Soekarno in Indonesië, het Nederlandse juk van zich afschudden. In die tijd dacht de Nederlandse regering ook met politie-missies de verworvenheden van de VOC-mentaliteit te behouden. De internationale gemeenschap corrigeerde de Nederlanders en Indonesië moest terug gegeven worden aan de Indonesiërs.
Dat had nog rechtstreeks met Nederland zelf te maken. De rol die Nederland speelde op het altijd onrustige wereldtoneel, heeft onder elk kabinet wel gevolgen gehad. Denk aan de oliecrisis in 1973, toen landen als Saoedi-Arabië, Koeweit, Algerije en Libië de olie-export staakten als antwoord op het pro-Israëlische standpunt in de Jom Kipoeroorlog. De Vietnamoorlog leidde tot onrust op straat, waar een ‘bevriend staatshoofd’ tot moordenaar werd uitgeroepen. Verser in het geheugen liggen Kosovo, Bosnië en Afghanistan.
Als het geen oorlogen of opstanden zijn, dan is er wel een kerncentrale die tot nadenken stemt. De ramp in Tsjernobyl leidde hier tot een graasverbod in de noordelijke provincies en mocht er tijdelijk geen bladgroente worden verkocht.
Ga er maar aan staan als premier van Nederland. Waar kan een klein land dan nog groot in zijn? Misschien door eens een andere koers te volgen? Bijvoorbeeld door eigen voorwaarden te verbinden aan de acties tegen Gadaffi. Militaire steun zou onlosmakelijk gepaard kunnen gaan met humanitaire steun. Aan de Libische vluchtelingen, aan alle Libiërs die op de een of andere manier nu slachtoffer worden van de situatie.
En wat de kernenergie betreft: zet de plannen voor de nieuwe kerncentrale maar even in kast. Eerst afkoelen voor die nieuwe centrale in verhitte debatten moet worden verdedigd. Als we al een Gouden Eeuw willen, dan liever een Gouden Eeuw van net iets beter nadenken.
Even rust.
Ik ga er even een paar dagen uit. Uitgeblust van de drukte ronde Blogparel, wordt het tijd bij te tanken. Een hele weelde dat ik die mogelijkheid heb. Tot woensdag is het hier dus even stil. Ik ben blij dat ik Mark Rutte niet ben. Hij moet naar Parijs om met zijn EU-collega’s knopen door te hakken over Libië. Hij mag blij zijn dat het in Borssele rustig is.
Op zijn wekelijkse persconferentie na de ministerraad stond hij uiteraard stil bij Japan. In dat kader verklaarde hij voorstander te zijn van een stress test voor kerncentrales. Mocht die test vervelende zaken aantonen, dan wordt Borssele gesloten. Nu nog niet. Dat zij Duitse collega wel kerncentrales stil wil leggen, vindt hij merkwaardig.
Afijn, laten we eens zien of Mark’s lach stressbestendig is. De test is gedaan en er blijken bekende conclusies uit voort te komen.
Mark: “Ha, ha, ha, ja, dat wisten we al”.
Stresstestdeskundige: “Dus nu gaat de zaak dicht?”
Mark: “Hi,hi, hi, je bent een leuk mannetje!”
Stresstestdeskundige: “Maar gaat-ie nou dicht of niet?”
Mark (wordt even bloedserieus): “Eh… waarom dan?”
Stresstestdeskundige: “Nou, als er iets misgaat, dan gaat het ook goed mis”.
Mark (grijnst): “Maar dat wisten we toch al?”
Stresstestdeskundige: “Ja, ik verbaas me er dan ook over dat je doodleuk nog een nieuwe kerncentrale erbij wilt”.
Mark: “Jaha, ha, ha, werkgelegenheid en zo, hè?”
Stresstestdeskundige: “Ja, voor de begrafenisondernemers”.
Mark (gniffelt): “Ook dat, ja, ook dat”
Stresstestdeskundige: “Dus?”
Mark: “Hm, ha, ha, niks dus. Je zegt zelf, ALS er iets misgaat. Maar er gaat niets mis, hè?”
Stresstestdeskundige: “Nou, die stresst test wijst uit dat…”
Mark (buldert hilarisch): “Maar man, neem jezelf toch niet zo serieus! Een stress test, la-me-nie-lachen! Dat is een volstrekt fictief gebeuren. Je rekent uit wat er kan gebeuren als er wat mis gaat en ja, dan krijg je uitkomsten die alleen aan de orde zijn als er echt iets misgaat”.
Stresstestdeskundige: “Dat wil je toch ook voorkomen?”
Mark: “Ha,ha, ha, man! A. Wij hebben geen aardbevingen. Ja, af en toe in het noorden, maar daar gaan we alleen maar CO2 en kernafval opslaan. B. Wij hebben geen tsunami’s, wat welke gek daar ook over zegt en C. Als er dan toch iets misgaat, hebben wij een prima rampenplan”.
Stresstestdeskundige: “Je bedoelt die crisisvoorbereiding van de bevolking?”
Mark: “Juist, ja!”
Stresstestdeskundige: “Waarin staat dat de bevolking de instructies van de overheid moet opvolgen?“
Mark: “Jahaaa! Dat zouden ze so-wie-so altijd moeten doen, maar bij een ramp helemaal”.
Stresstestdeskundige: “Stel dat tv, radio, mobieltjes en al dat spul nog werken, wat ga jij dan zeggen, als het misgaat?”
Mark: “Ha, ha, ha,, ha, ha, dat weet ik heus wel, hoor! Eens even kijken, wat staat er ook alweer in mijn rampspeech…, hier. Ik zeg gewoon dat ze het met een korreltje zout moeten nemen. Dat schijnt goed tegen de straling te zijn”.
Stresstestdeskundige: “Ik heb genoeg gehoord”.
U snapt, een ramp is één ding, een wereldleider (zo werd Rutte hier in de Volkskrant genoemd) is een andere.
Tot woensdag!
No Intervention Zone?
Gekke Libiërs. Vragen wel om een no-fly zone, maar realiseren zich niet dat er van zo’n maatregel niets terecht komt, als er op de grond ook niet een en ander word geregeld. Een no-fly zone, opgelegd door de VN, is al een militaire maatregel en kan een eerste stap richting militaire interventies op de grond.
De Libische verzetsstrijders hebben de internationale gemeenschap om een no-fly zone gevraagd. De Arabische Liga ondersteunde dat verzoek en nu is het zover. Maar de Libiërs hebben ook altijd duidelijk gemaakt, dat ze de strijd tegen Gadaffi zelf wel opknappen en absoluut geen militaire interventie willen. Het is hun strijd, vinden ze, en niet die van de rest van de wereld. Dat lijkt nu te veranderen, omdat Gadaffi van geen ophouden weet.
Waarom is dit ook voor Nederlandse burgers belangrijk goed te volgen? Omdat we niet zo heel vrolijke herinneringen hebben aan no-fly zones en andere interventies. Bosnië is op een nationaal trauma uitgelopen (Sebrenica), evenals de Irak-oorlog waar we stiekem ingepiepeld werden.
Een kunstje dat Balkenende ons heeft geflikt en waar hij veel te laat en soort verantwoording over heeft afgelegd. Die bestond uit slecht en goed nieuws. Het slechte nieuws was natuurlijk iets van ‘waar gehakt wordt, vallen spaanders’. Het goede nieuws was dat we er, volgens Balkenende, weer iets moois aan over hebben gehouden: de ‘lessons learned’.
Die lessen sloegen vooral op de relatie tussen regering en parlement. Maar de lessen die bij eerdere no-fly zones en interventies zijn geleerd, kunnen nu de enige hoop vormen, dat het VN-besluit niet leidt tot onnodig bloedvergieten en ook niet tot een nieuw internationaal drama, waar Nederland misschien opnieuw weer de nodige ongelukken kan maken. Maar wat zouden dan die ‘lessons learned’ moeten zijn?
Premier Rutte en minister van Defensie Hillen hebben een les zeker getrokken: we wachten af en gaan zorgvuldig mogelijkheden van een Nederlandse bijdrage onderzoeken. Ofwel: eerst maar eens zien hoe heet Gadaffi dit soepje verorbert en ondertussen en beetje studeren. Allemaal tactiek om er niet in te hoeven stappen.
Rutte wil eventueel wel wat bijdragen als de NAVO er om vraagt. Dus deze keer niet als er een verzoek van de Amerikaanse regering komt. Maar Frankrijk en Groot-Brittanië zijn wel NAVO-leden en die zijn juist fervente voorstanders van de no-fly zone. Frankrijk wil zelfs verder gaan dan dat.
Kan Nederland niet wat meer initiatief nemen? Want een van de lessen uit het verleden is dat minder initatief en teveel aarzeling, afwachtendheid en volgzaamheid, er mede toe leidde dat de ervaringen in Bosnië, Irak en Afghanistan zo bedroevend waren.
En nog zo’n lesje is, dat met het instellen van een no-fly zone de Libische burgers nog niet hun leven zeker zijn. Gadaffi gaat gewoon met grondtroepen verder. De man heeft nu wel een staakt-het-vuren beloofd en hopelijk houdt hij zich daar ook aan.
Welke initiatieven zou Nederland kunnen nemen? Om te beginnen: zoek contact met de Libische vrijheidsbeweging en zoek uit welke ideeën deze heeft over de praktische uitvoering van de no-fly zone. Nederland als intermediair tussen de vrijheidsstrijders en de internationale gemeenschap. Dan moet Nederland wel eerst de Libische oppositie erkennen als transitieregering. Frankrijk deed dat al, de rest van de EU is nog niet zover.
Verder: zorg voor levering van hulpgoederen aan de steden die nog niet in Gadaffi’s handen zijn gevallen. Medische hulp en voedsel bijvoorbeeld. Dat kan een gevaarlijk klusje zijn, maar vraag desnoods militaire back-up van de bondgenoten.
En tot slot: als de no-fly zone door Gadaffi wordt genegeerd, biedt de bondgenoten dan op zijn minst Nederlands materiaal aan om de no-fly zone te kunnen handhaven. Dat is weer eens wat anders dan soortgelijk materiaal aan dictators leveren. Maar wel onder de voorwaarde dat er geen verdere militaire interventies plaatsvinden. Zodra de VS, Frankrijk of Groot-Brittanië een stap te ver gaan, bevriest het kabinet al hun tegoeden op Nederlandse banken.
Werk mee aan de bescherming van de Libische oppositie, maar laat die oppositie wel hun democratie verder zelf opbouwen.
Crises-en rampenmanagement.
Stel dat Japan kerngezond is en in Borssele ontploft de kernreactor nadat Zeeland is overstroomd. Natuurlijk staat er een harde zuidwestenwind, dus de rest van Nederland loopt het risico radioactief besmet te raken. Wat zou Japan dan doen?
Stel dat Libië al jaren een vreedzame democratie is. Een voorbeeld voor velen. In Nederland is het echter tot barbarij gekomen en een of andere idioot zet het leger in, om demonstranten die genoeg van zijn dictatuur en barbarij hebben af te knallen. Wat zou Libië dan doen?
Een omgekeerde werkelijkheid. Even zo geschetst om proberen in te schatten of Japan en het denkbeeldige Libië dezelfde maatregelen zouden nemen, als Nederland nu in de hedendaagse werkelijkheid onderneemt.
Natuurlijk zouden Japan en Libië zich zeker zorgen maken over hun burgers die in Nederland werkzaam of met vakantie zijn. Nederland heeft wel mensen uit Libië weggehaald. De Nederlanders in Japan moeten vooralsnog zichzelf zien te redden.
De NOS publiceerde een brief van de Nederlandse ambassade in Japan, waarin wordt uitgelegd waarom de regering geen vliegtuigen stuurt om haar burgers weg te halen. De VS, China, Frankrijk en Groot-Brittannië doen dat wel. Nederland niet en adviseert haar burgers wel de rampgebieden te verlaten. Wie terug naar Nederland wil, moet die reis zelf organiseren. “Het is lastig”, stelt de ambassade, “maar het is wel te doen”.
Als bezorgde burger denk ik dan meteen: waarom niet? Vlieg erheen met hulpgoederen. Vlieg terug met wie daar weg wil. Blijkbaar kan dat, want andere landen doen dat wel. Er is geen no-fly zone, hoewel het me raadzaam lijkt niet over de verongelukte kerncentrales te vliegen.
Oh ja, die no-fly zone. Vanavond zal er in de VN Veiligheidsraad gestemd worden over een no-fly zone boven Libië. Als dat al een afdoende middel is om Gadaffi’s slachting van zijn eigen burgers te voorkomen, dan is het wel veel te laat. Van de Europese landen zijn alleen Frankrijk en Groot-Brittannië voor deze maatregel. Nederland sluit zich aan bij de landen die menen dat sancties Gaddafi wel van zijn idiotie af zullen helpen.
De Verenigde Naties aanvaardden in 2005 de “RtoP”, (responsibility to protect). Daarin werd afgesproken dat elk land de plicht heeft haar burgers te beschermen tegen genocide, oorlogsmisdaden, etnische zuiveringen en misdaden tegen de menselijkheid. Als een land daartoe niet in staat is, dan heeft de internationale gemeenschap de plicht dat land daarbij te helpen. Als een land moedwillig haar burgers niet beschermt, dan dient de internationale gemeenschap op te treden. Om te beginnen op diplomatiek niveau en als uiterste middel militaire interventie.
Met andere woorden, niet elk individueel land, maar de hele wereld heeft de verantwoordelijkheid burgers te beschermen tegen geweld en oorlogsmisdaden. Als een enkel land daarin faalt, dan grijpen de andere landen in.
Van zo’n VN-verklaring komt in de praktijk weinig terecht. Diplomatieke druk helpt alleen als een land daar gevoelig voor is. Aan militaire interventie maakt met alleen de handen vuil als er al massa’s slachtingen hebben plaatsgevonden of types als George W. Bush zijn bondgenoten op sleeptouw weet te nemen.
Als bezorgde burger denk ik ook: alsjeblieft geen militaire ingrepen. Dat heeft in de geschiedenis evenzeer tot ellende geleid en lang niet altijd echt geholpen. Dus fantaseer ik er op los en denk: bij natuurrampen gaat de internationale gemeenschap meestal wat sneller tot actie over. Dat heet dan humanitaire hulp. Japan kan daar zeker op rekenen.
Kan grootschalige en internationale humanitaire hulp een middel zijn om de burgers in Libië te redden? Niks no-fly zone, erheen vliegen en om de Libische luchtmacht in verwarring te brengen, bedreigde burgers weg te halen en hulpgoederen droppen voor de ‘opstandelingen’.
Maar ik ben geen geniale crisis- en rampendeskundige. Zowel voor de situatie in Japan als in Libië hoop je dan dat de allerknapste koppen ter wereld een oplossing kunnen bedenken. Zolang die er niet is, moet er wel wat gebeuren. Waarom de Nederlandse regering dan weer de afwachtende en volgzame houding aanneemt, begrijp in niet. Of zou dat zijn omdat dit kabinet geen hoge pet opheeft van haar eigen crisis- en managementvaardigheden?
En hoe was het Blogbal nou?
Gisteren, 15 maart, mocht ik de prijswinnaars van de Blogparel 2010 bekend maken. Op het Blogbal. Dat Blogbal werd voor de eerste keer gehouden en is een alternatief voor het Boekenbal.
Het Boekenbal is voor schrijvers, het Blogbal is dat ook. Er zijn wel bloggers die ook boeken schrijven. Zouden die naar de Amsterdamse Stadschouwburg zijn gegaan? Ik heb ze niet gezien in De Balie, dat er pal tegenover ligt en waar het Blogbal werd gehouden.
Het initiatief voor het Blogbal is genomen door een blogster die de geuzennaam Oud Zeikwijf draagt. Samen met sterke hulptroepen heeft ze dit evenement van de grond gekregen. Op het programma stonden diverse acts en natuurlijk de prijsuitreiking van de Blogparel 2010.
Dikke hulde voor dit initiatief. Niet alleen voor het keiharde werk. Dat hoort erbij als je iets dergelijks organiseert. Het moet gezegd: de organisatie heeft alles uit de kast gehaald om er een bijzondere avond van te maken. Staat zoiets eenmaal in de steigers, zijn de laatste versieringen aan gebracht, zijn de act de weg gewezen, liggen gastenlijst en een aantal verrassingen klaar en staat de prosecco gereed om aan de gasten te overhandigen, dan kan een organisatie verder niet veel meer doen.
Dan is het aan de gasten om de avond compleet en geslaagd te maken. Nou, dat kun je wel aan bloggers overlaten. Wat doen bloggers als ze bij elkaar zijn? Twitteren! Het scherm waarop livestream tweets zichtbaar werden gemaakt, nodigde daartoe uit, natuurlijk. Handig als je even meldt dat je er bent en medebloggers zoekt. Niet elke blogger kent zij of haar collega’s van gezicht, maar wil ze graag ontmoeten. Toch?
Wat jammer dat de tweets door sommigen ook werden gebruikt om de acts af te serveren. Het kan best zijn dat je niet van bepaalde zang, muziek of theatrale acts houdt. De organisatie heeft de gasten wel de gelegenheid gegeven een andere ruimte te bezoeken. Over één van die acts schreef Blogparel-jurylid op zijn blog een recensie. Zowel over de act zelf als over het daarbij aanwezige publiek. Lees meer op Stroomopwaarts.
Wat opvalt is dat de eerste publikaties over het Blogbal vrij negatief van aard zijn. Rianne Meijer meent het Blogbal op DeJaap.nl volledig de grond in te moeten schrijven. Het lijkt wel een kwaadaardig stukje en doet het Blogbal absoluut geen recht. Dat zeg ik niet omdat ze ook de Blogparel een veeg uit de pan geeft, of dat ik belang bij het Blogbal had. Goede kritiek is altijd prima. Maar dit stukje is ronduit zwartgallig.
De dames van Pinkbullets waren wat positiever. Maar één van hen was blijkbaar zo onder de indruk van de negatieve tweets, dat ze veel van het binnengebeuren heeft gemist. Een collega van haar had het ook niet zo op de acts en telde 50 aanwezigen, maar is wel van plan volgend jaar het Blogbal weer te bezoeken.
Gelukkig is er ook een positiever verslag. Jeroen Mirck, die wel wat negativiteit gewend is bij zijn Dutch Bloggies-avondturen, vind het Blogbal het herhalen waard. Ook hij was niet onder de indruk van de acts, maar deelde nog wel een sneer uit naar de zeikerige twitteraars.
Er waren natuurlijk meer dan 50 mensen. Ik telde er ruim honderd. Waarvan een aardig deel buiten stond te roken of het café van De Balie opzocht. Waamee ik even een heikel punt van dit soort evenementen aan wil roeren.
Ook bij de Dutch Bloggies kon je waarnemen dat het publiek maar bijster weinig aandacht had voor het programma en meer voor elkaar. Het is natuurlijk ook leuk collega-bloggers eens te ontmoeten en over elkaar ervaringen te praten. Ik ben er zelf weinig aan toegekomen, omdat ik toch ook het programma wilde volgen.
Maar zou het genoeg zijn een zaaltje af te huren, de uitnodigingen rond te sturen, de drank klaar te zetten en dan ook ruim honderd bloggers over de vloer te hebben? Die dan blijkbaar meer dan genoeg hebben aan elkaar? Wat later op de avond leek de grote zaal steeds leger, maar dat kwam vooral omdat velen dus dat café of de stoep voor De Balie hadden opgezocht.
Als er wel een programma nodig is om gasten te lokken, wat moet er dan op staan om het publiek bij de les te houden? Dat wil ik graag eens weten. Want als ik zo’n evenement zou organiseren, dan zou ik alle tijd, energie en geld er natuurlijk alleen in steken, als ik zeker weet dat de zaal gevuld zal zijn en mijn gasten het naar hun zin hebben.
Gelukkig waren er vandaag ook veel tweets te zien, waarin mensen melden dat ze het uitstekend naar hun zin hebben gehad. Het Blogbal heeft voor hen dus de voorwaarden gecreërd, voor een prima avond.
Dat vond ik ook. Ik wens het Blogbal volgende keer meer publiek, meer belangstelling van media en meer positieve recensies.
En ondertussen elders in de wereld
Vandaag wordt het een drukke dag. De allerlaatste voorbereidingen worden getroffen voor de prijsuitreiking van de Blogparel 2010. Vanavond mag ik op het Blogbal bekend maken wie de drie prijswinnaars zijn. Een feestje op een feest.
Wie dit weblog kent, weet dat het hier lang niet altijd feest is. Er zijn wel belangrijker dingen dan een blogaward. We volgen natuurlijk vooral het nieuws uit Japan, in de hoop dat de wereld niet met de grootste nucleaire ramp aller tijden te maken krijgt. Ondertussen dreigen andere ontwikkelingen elders in de wereld ook op een ramp uit te lopen.
In Libië is het al een grote catastrofe. Op het Parelplein in Bahrein verzamelden zich door de jasmijnrevolutie geïnspireerde burgers, die net als in Tunesië, Algerije, Egypte en Jemen de langdurige regimes zat waren en om meer vrijheid, democratie en welvaart vroegen. Nu dreigt het ook in Bahrein uit de hand te lopen. Het leger van buurland Saoedi-Arabië snelt de regering te hulp.
De jasmijnrevolutie, begonnen in Tunesië en in Nederland vooral veel aandacht gekregen toen de Egyptenaren het Tahrirplein in Caïro bezet hielden, is op dit blog van harte ondersteund. Omdat iedereen in vrijheid moet kunnen bloggen. Omdat iedereen een Blogparel of een Blogbal moet kunnen organiseren.
Er lijkt een omslag te komen in de hoe de zittende regimes die vraag beantwoorden. Er worden concessies voorgesteld, maar tegelijkertijd wordt er steeds harder opgetreden tegen de demonstranten. Inspireert de Libische dictator soms zijn naburige collega’s? Of is het juist het gebrek aan adequate steun aan de oppositiebewegingen, die de regimes doet denken dat ze wel hun gang kunnen gaan?
De demonstranten in Bahrein lijken morele steun te krijgen van Iran. De Iraanse regering waarschuwt de Bahreinse overheid geen geweld tegen de demonstraten te gebruiken. Dat is je reinste schijnheiligheid, want Iran is ook niet te beroerd om demonstranten aan te pakken.
Als Iran zich er niet alleen met woorden, maar ook met daden mee gaat bemoeien, is de kans groot dat de roep om vrijheid en welvaart ten onder gaat in een heftige regionale oorlog. Waarbij een deel van onze energievoorziening, de Arabische olie, in de verdrukking komt. En dan zul je zien dat de Europese en Amerikaanse regeringen ineens veel meer bereidheid tonen tot ingrijpen en veel meer maatregelen in petto hebben dan nu het geval is.
Dat is de bedoeling niet. De uitdrukking 'het is bal', zou overal in de wereld de letterlijke betekenis moeten hebben.
De burgers in de Noord-Afrikaanse en Arabische landen hebben niet gevraagd om een kettingreactie van geweld. Maar hoe koel je verhitte regeringsleiders af?
Tot slot en niets met bovenstaande te maken: lees ook mijn gastlog op GeenCommentaar, geschreven onder het pseudoniem P.J. Cokema. Helpt heimwee naar betere tijden?
Staatssteun voor Japan?
Het is haast ongelofelijk hoe een natuurramp een nucleaire ramp kan worden. Dat een aardbeving gevolgen heeft voor de economie is makkelijker te geloven. De schade kan oplopen tot ruim 130 miljard euro. Wat een financiële leek dan weer ongelofelijk vindt, is dat de Centrale Japanse Bank dik 130 miljard euro in de financiële markten pompt. Zijn banken en beurzen belangrijker dan de wederopbouw van huizen, scholen en bedrijven?
De financiële experts zien aan dat laatste zinnetje meteen al dat ik er niks van snap. Daar kom ik zo nog op terug.
Dat een aardbeving gevolgen heeft voor een economie, is duidelijk. De Japanse ramp treft op de eerste plaats de Japanners zelf. Maar de economische gevolgen zullen ook hier merkbaar zijn. De produktie van tal van Japanse produkten ligt voorlopig even stil. De autofabrieken van Toyota, Honda, Nissan en Subaru sluiten voor onbepaalde tijd. De electronicasector ligt ook op zijn gat. Zes fabrieken van electronicagigant Sony liggen plat. Bij andere ons bekende merken als Toshiba, Canon, Epson, Nikon en Sharp ligt de productie gedeeltelijk stil en wordt eerst de schade in kaart gebracht.
In hoeverre de Nederlandse handel hier op korte termijn last van zal hebben, hangt af van de voorraden die importeurs en winkeliers hebben. Op de lange termijn is het afwachten of de Japanse hebbedingetjes even goedkoop zullen blijven, als we gewend zijn.
En dan hebben we het nog niet eens over de hordes Japanse toeristen, die Amsterdam overeind houden. De aardbeving betekent misschien de doodsklap voor Amsterdam, want vorig jaar kwamen er al minder Japanners naar de Dam. Zoveel minder, dat de hoofdstad zich zorgen maakte over haar inkomsten.
De Japanse economie kwakkelt al, tengevolge van de wereldwijde kredietcrisis. Zal de aardbeving de doodsklap zijn voor wat ooit een Aziatische economisch wonder was? De wederopbouw zal lastig zijn. Er zal zeker financiële steun van andere landen komen. Maar ook die worstelen nog met de kredietcrisis, dus hoeveel kunnen ze bijdragen? De Japanners zullen ook moeite hebben op te krabbelen nu een groot deel van de energievoorziening in gevaar is.
Maar waarom dan 130 miljard euro pompen in de financiële markt, in plaats van dat geld te besteden aan het wegwerken van de 130 miljard schade?
Nu komen we in het gebied van de schokkende cijfers. De virtuele getallen van aandelenhandel en beurskoersen. Een economie op zichzelf, waarvan zelfs een minister van Economische Zaken niet snapte waarom de koersen bleven dalen, ondanks de staatssteun die erin werd gepompt (Maria van der Hoeven in 2008).
Maar goed, dalende beurzen leiden tot staatsingrepen en uiteindelijk tot forse bezuinigingen..Daar zal Japan zichzelf niet mee helpen. Als die emotionele beurskoersen wel van belang zijn, dan kan ik me wel andere maatregelen voorstellen.
Gooi de beurzen dicht, tot de het land weer over kan gaan tot de normale orde van de dag. Er is al paniek genoeg, daar hoeft beurssentiment niet nog eens een schep bovenop te doen.
Of verbiedt de handel in aandelen en sta alleen die handel toe, die daadwerkelijk bijdraagt aan het opruimen van de puinhopen en het herstel van Japan.
Hebben wij daar wel wat over te zeggen? Zeker wel. Voor je het weet gaat er staatssteun naar Toyota- en Sonydealers. Of naar de Amsterdamse VVV.
Sinterklaasprimeur.
Even ander belangrijk nieuws. Ik weet ook wel dat men nu in andere delen van de wereld hoopt op de goedgeefsheid van medewereldburgers. Of dat nou uit mentale of concrete steun bestaat, het is allemaal welkom. Maar daar moeten ze toch even op wachten.
Al heeft de protesterende bevolking en de Arabische Liga een no-fly zone boven Libië op het verlanglijstje staan, de internationale gemeenschap kan maar niet beslissen wat men de Noord-Afrikaanse en Arabische landen kado zal doen.
Het Nederlandse kabinet zit nog te wachten op het verlanglijstje van Japan, zoals ik gisteren hier schreef. De Japanners zullen eerder wat hebben aan de goedgeefsheid van de Nederlandse burgers. Een nationale hulpactie zal er nog wel van komen. De opbrengst natuurlijk verdubbeld door de overheid. Die verdubbeling zal deze keer lager uitvallen, want de VVD zit in de regering.
Herinnert u zich Haïti nog? Na de aardbeving kwamen burgers, bedrijven, verenigingen, gemeenten en provincies over de brug. Het Rijk verdubbelde de uiteindelijke opbrengst. En wat zei de VVD toen? “Zo wordt collectief geld verdubbeld, en dat is niet de bedoeling”. De VVD was het niet eens dat de gulle gaven van provincies en gemeenten weden meegerekend bij Rijk’s verdubbelaar.
De VVD is, onder leiding van Rutte en trawanten, bezig de lokale overheden flink in te krimpen, dus de Japanners zullen deze keer blij moeten zijn met wat minder hulp.
Moeten al die mensen in de rampzalige gebieden wachten op een wonder? Want een ding is duidelijk: Nederland, althans het kabinet, is Sinterklaas niet. Niets wordt zomaar weggegeven. Het kabinet doet alleen wat kado, als het wat oplevert. Het foutje in Libië, waardoor Nederlandse militairen even in de knel zaten, is goed afgelopen. Het kabinet heeft geen concessies aan Libië gedaan, maar wel de helikopter kado gegeven. Netto-resultaat: de militairen zijn gelukkig weer terug en Gadaffi heeft er een machine bij om zijn burgers vanuit de lucht neer te maaien.
Bij zoveel ellende wil een mens weten of er nog ander belangrijk nieuws is. De Stentor, de krant voor oostelijk Nederland, heeft de sinterklaasprimeur te pakken. Lang voor de gulle gever het nieuws zal domineren, geeft de Stentor het eerste sintbericht van dit jaar weg.
Deventer was de enige stad waar de Sint pas op 5 december zijn intrede deed. Jarenlang heeft men de traditie hoog gehouden niet aan de malligheid mee te doen al weken van tevoren de kinderen op stang te jagen met de aanwezigheid van de goedheiligman. Aan die traditie komt dit jaar een einde. Onder druk van de publieke opinie laat het welkomstcomité de vijfde december vallen, als enige juiste datum.
Neem er kennis van en ga weer over tot de orde van de dag.
Ministerraad beeft mee.
De vrijdagse ministerraad eindigt meestal met een persconferentie waar de premier uit de losse pols al wat van de notulen prijsgeeft. Of hij stuurt zijn plaatsvervanger, als hij zijn bezigheden buitenshuis heeft. Maar hij is niet de enige, die uit de ministerraad klapt. Vaak zijn er nog wat ministers of staatssecretarissen die ook nog wat toe te voegen hebben. Vandaag leek het wel of bijna het voltallige kabinet er op los kakelde.
Verhagen mocht namens Rutte verklaren dat hij geschokt was door de ramp in Japan. We begrijpen de goede bedoelingen, maar hoe groot de kracht op de schaal van Richter ook was, het kabinet kan niet echt geschokt zijn. Bedroefd, jawel. Geschrokken, zeker. Ontdaan, natuurlijk. En dat Rutte zijn medeleven toont, prima. Maar medebeven?
En dan de snelle reacties van andere leden van het kabinet. Minister Schultz van Haegen biedt de pompen en expertise van haar Rijkswaterstaat aan. Niet dat ze wat aan pompen hebben, zegt ze, maar wij zijn wel experts in watermanagement. Dat weten de Japanners heus wel, dus als ze er om vragen, reizen we af.
Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) staat ook in de startblokken. Klaar om hulpteams te sturen, als Japan daar om vraagt. En wat doet Japan? Die vraagt eerst hulp van de V.S. Of men de in Japan gelegerde militairen aan het werk wil zetten, a.u.b.
Minister Hillen van Defensie vond het spectaculaire maar verschrikkelijke beelden. Geen woord over gereed staande helikopters die Japan in zullen vliegen om mensen uit de rampgebieden te redden. Daar heeft hij natuurlijk vrij recent vervelende ervaringen mee.
Minister van Buitenlandse zaken, Rosenthal, vindt het vanzelfsprekend aan Japan te vragen waar we het land mee van dienst kunnen zijn.
Minister van Financiën, De Jager, had als eerste door dat Japan niet meteen hulp van Nederland zal vragen. Er zijn nog geen verzoeken binnengekomen, zei hij, maar “we zullen zien wat we eventueel kunnen doen en daarover eerst contact opnemen met de Japanse autoriteiten”.
Zoveel ministers hebben we niet aan het woord gehad, toen duidelijk werd welke ramp zich in Libië voltrekt. Zoveel bereidheid hulp te geven ook niet. Nederland en de internationale gemeenschap worstelt met Libië meer, dan met Japan.
Historisch gezien niet vreemd. Natuurrampen hebben altijd al zoveel tot de verbeelding gesproken, dat ze meer hulp genereerden dan andere rampen. Naar aanleiding van de aardbeving in Haïti, schreef ik vorig jaar dat de Nederlandse charitas gemiddeld zo’n 22 miljoen euro waard is. Burgers en overheid tastten het vaakst en het diepst in de buidel bij aardbevingen en overstromingen. Aan armoede en honger geven we ook wat minder en aan de gevolgen van oorlogen nog iets minder (zie uitgebreid overzicht in dit exceldocument).
Wat oorlogen betreft, gaat de gulheid natuurlijk naar de slachtoffers. Slechts één keer is er geld gegeven aan democratisering. In 1994 bracht de actie ‘Geef Zuid-Afrika een eerlijke kans’ 1,7 miljoen euro op. Een bijdrage om de eerste, echt vrije verkiezingen een handje te helpen.
Maar er waren ook wel acties die hulp boden bij situaties die enigszins vergelijkbaar zijn met de ontwikkelingen in de Noord-Afrikaanse en Arabische landen. In 1969 werd er geld ingezameld voor de slachtoffers en vluchtelingen, die de dupe waren van de oorlog die ontstond toen Biafra onafhankelijk wilde worden van Nigeria. In 1972 werd hulp geboden, toen er na de onafhankelijkheidsverklaring van Bangladesh een vluchtelingenstroom op gang kwam.
In 1989 viel de dictatuur in Roemenië en we boden hulp bij de economische malaise die er op volgde. Verder is er ruimhartig gedoneerd voor slachtoffers van diverse burgeroorlogen in Afrika en op de Balkan. Zie ook dit exceldocument met een overzicht van hulp bij (burger-)oorlogen.
Op dit moment is de hulp aan vluchtelingen uit Tunesië en Libië maar magertjes. De tsunami van democratiseringsbewegingen spreekt blijkbaar minder tot de verbeelding, dan echte tsunamis.
De Japanners kunnen op mijn geld rekenen. Maar waar kan ik ook geld storten voor hulp aan de burgers in Noord-Afrika en Arabië?
