Categoriearchief: Keuzes

Maatschappelijk betrokken bezuinigen

Rekening retour Iedereen lijkt er inmiddels van overtuigd dat er bezuinigd moet worden. Er is nog nauwelijks enig verzet tegen de kaasschaaf. Er wordt wel gemopperd. Waarom treft het ons (het culturele en welzijnsveld), moet het zo snel? Er zijn mensen die met alternatieve plannen komen, tot aan een heuse tegenbegroting toe. Maar de consensus is: snoeien.

Iedereen lijkt te vergeten, waarom de overheid een tekort heeft. Iedereen? Nee, Jan Peter Balkenende weet het nog precies. Hij toog naar New York om een clubje creatieve leiders
toe te spreken. “Het recessieverhaal is immers bekend. De start: de val Lehman Brothers op 15 september 2008”, wist Balkende nog.
En zo is het maar net. Wat volgde, lijkt ook iedereen vergeten. Overheden deden hun best de financiële avonturiers te redden. Het netto-resultaat: oplopende begrotingstekorten en staatsschulden.

Dat moet niet te gek worden, dus gaan we bezuinigen. Balkenende komt in zijn toespraak met een oplossing aanzetten, die we nu in de voorwoorden en toelichtingen van de gemeentelijke bezuinigingsplannen terug vinden. Het beroep op de burger. Niet alleen de banken, ook de burger moet zich moreler gedragen en laten leiden door de waarde van spaarzin, de waarde van maatschappelijke betrokkenheid en de waarde van omzien naar een ander, aldus de demissionaris.

Je vraagt je af waar de realiteitszin van ’s lands leider zit. Want maatschappelijke betrokkenheid, daar staat dit land bol van. Het begint er aardig op te lijken dat iedereen die werkt, er een vrijwilligersbaan naast heeft en iedereen die niet werkt plantsoenen schoffelt of mantelzorger is.
Zo gingen medewerkers van het gerenommeerde adviesbureau Berenschot, vandaag de deur uit om bij diverse projecten een handje te helpen. Onder andere bij het Rode Kruis en bij Haagse welzijnsinstellingen.
Het levert in ieder geval werk op voor bureaus die in maatschappelijke betrokkenheid handelen.

MVO Nederland helpt ondernemers hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. Een cateraar die jongeren gezond eten leert, een adviesbureau die een verpleegtehuis helpt een businessplan op te stellen, zijn voorbeelden van medewerkersvrijwilligerswerk, zoals MVO dat noemt.
Movisie stimuleert het werknemersvrijwilligerswerk ook om de “kwaliteit van de (lokale) leefomgeving te verbeteren”. Dat kan een middagje speeltuin opknappen zijn, maar ook wat langere tijd gespecialiseerd advies of praktische hulp verlenen. Zoals de “young professionals” van stichting Laluz doen. Voor 43% van het jonge talent is maatschappelijke betrokkenheid van een bedrijf zelfs van invloed op de keus om wel of niet voor deze organisatie te gaan werken, zegt Laluz.
Dat hebben ze natuurlijk al op de middelbare school geleerd, waar maatschappelijke stages de publieke sector aan extra handjes helpt.

En dan hebben we het nog niet eens over de 24 vrijwilligers
die op Prinsjesdag, als eerbetoon aan alle vrijwilligers, de troonrede mochten bijwonen. Of al die mensen die 1x per jaar meedoen aan Nederland Doet, de nationale vrijwilligersdag waar onze hare majesteit zo enthousiast aan meedoet, omdat ze dan een keertje echt de lakens mag uitdelen. In een bejaardentehuis.

Nee, meneer Balkenende, nee colleges van B&W, nee dames en heren bezuinigers, het ontbreekt absoluut niet aan maatschappelijke betrokkenheid. Nu daar een beroep opdoen, kan niet anders betekenen dat mensen het ook als vrijwilliger nog drukker gaan krijgen. Als beloning zal hun koopkracht dalen, moeten er verhoogde zorgpremies en lokale heffingen worden betaald.
Tegelijkertijd vrezen mensen voor hun baan. Ambtenaren die er uit moeten, culturele organisaties en zorg- en welzijnsinstellingen die personeel moeten laten gaan.

En dat allemaal omdat op 15 september 2008 in Amerika de Lehman Brothers bank omkukelde? Wij krijgen de rekening gepresenteerd voor het falen van anderen?
De discussie die daarop volgde is wat mij betreft nog niet voldoende afgehandeld. Even pas op de plaats en met een ‘nee tegen de crisis’, gaan we de rekening eerst maar eens terugsturen. En dan nog eens opnieuw bepalen of en bij wie de kaasschaaf, het snoeimes of het nagelschaartje er aan te pas moet komen.

Het noorden wordt opgewarmd

Gronings bier Hier ziet u bier. Van een brouwerij ergens uit het noorden van Nederland. Een opslagmogelijkheid voor CO2? Afvangen en injecteren in bier, reageerde een van de lezers van het Dagblad van het Noorden, die de eerste informatieavonden aankondigde over mogelijke locaties voor de opslag van CO2.

Vanavond was er een bijeenkomst
in Grootegast, woensdag en donderdag volgen nog gezellige avonden in Tolbert en Ekehaar. De noordelingen worden opgewarmd voor de CO2-opslag. Zullen ze een stuk koeler reageren op de plannen dan inwoners en gemeentebestuur van Barendrecht?
Waarschijnlijk niet. In Barendrecht bleef het gemeentebestuur
demonstratief weg bij een inkoopavond die de Rijksoverheid op 15 september organiseerde. College en gemeenteraad van Assen hebben op 2 september hun standpunt al ingenomen: geen CO2 in Drentse bodem.

Vreemd dat het demissionaire kabinet nog zo’n vaart maakt met de voorbereidingen voor de CO2-opslag. In Barendrecht is het verzet zo hardnekkig, dat het definitieve besluit wordt doorgeschoven naar een volgend kabinet. Toch zet men nu in het noorden de eerste stappen. Dat is om meerdere redenen eigenaardig.

In een
eerder artikel hier zette ik de aanwijzing van noordelijke locaties tegenover een andere nota van het kabinet. Een nota waarin werd beweerd dat er nog veel ondergrondse ruimte is te benutten voor allerlei doeleinden. Bijvoorbeeld voor CO2-opslag. Het moet wel zorgvuldig moet gebeuren, stelde het kabinet. Rekening houden met de drukte onder de grond. Kabels, leidingen en misschien ook nog wat natuur. Verder moet het bovengrondse geen gevaar lopen, bijvoorbeeld door lekken.

In een ander artikel schreef ik hier dat de noordelijke locaties absoluut
niet zonder risico zijn. Een van de aangewezen locaties, Eleveld in Drenthe, is tamelijk aardschokgevoelig. Gevolg van de aardgaswinning.
Nu is niet alleen Eleveld gevoelig voor een schokje. In andere plaatsen in Drenthe en Groningen wil het ook wel eens rommelen. In augustus was er nog een lichte aardschok in Uithuizen, vorig jaar werden aardschokken waargenomen op diverse andere plaatsen in de provincie Groningen.

In een brief 27 april dit jaar, van de
Interdepartementale Projectorganisatie CCS (pdf!), staan wat voorwaarden waar de noordelijke locaties aan moeten voldoen. Eén ervan is dat de kans op een aardschok bij de injectie van CO2 ‘laag’ moet zijn.
Hoe laag is niet bekend. Wel bekend is dus dat het hele gebied te maken heeft met herhaaldelijk voorkomende aardschokken. Een leuke erfenis van de gas- en zoutwinning, dat het noordelijke ondergondse doet wegzakken. Een proces dat nog voor jaren gedonder geeft in noord-nederland.

In maart dit jaar werd bekend dat het kabinet een rapport achterhield, waarin de opslaglocaties in Barendrecht
ongeschikt werden verklaard. Voor de locaties in Drenthe en Groningen is zo’n rapport helemaal niet nodig. Een aardschokgevoelig gebied lijkt mij per definitie ongeschikt.

Er vallen spaanders

Er vallen spaanders Zie hier de logo’s van de recente gemeentelijke begrotingen. De een hanteert het snoeimes, een ander gaat er met de kaasschaaf overheen, maar in veel gevallen gaat er met de botte bijl gehakt worden. Als met de herfst de blaadjes gaan vallen, hoedt u dan ook voor de spaanders.

De een na de andere gemeente presenteert de begroting. Er zullen ambitieuze keuzes worden gemaakt (de kaasschaaf). Er worden met beleid keuzes gemaakt (het snoeimes). Er worden pijnlijke, maar onvermijdelijke keuzes gemaakt (de botte bijl).
Elke gemeente verwoordt het weer anders, maar bij elkaar worden door heel het land ettelijke miljoenen bezuinigd.

De
gemeente Zaanstad legt nog eens uit, waarom dat nodig is. Het Rijk heeft de algemene bijdrage uit het gemeentefonds bevroren. In de praktijk betekent het dat de gemeenten het in 2001 eigenlijk met minder moeten doen. Bovendien geeft het Rijk de gemeenten minder om bijstandsuitkeringen te betalen en heeft het Rijk het Wmo-budget gekort.
En dan moeten de 18 miljard bezuinigingen die Rutte aan het bekokstoven is, nog komen. Dat betekent grote onzekerheid voor de gemeenten, omdat nu nog niet duidelijk is waar de klappen precies zullen vallen.

Dus presenteert de gemeente Alkmaar een begroting met ambities en een duidelijke koers. Bezuinigen is meer een beroep doen op de individuele verantwoordelijkheid van de Alkmaarders. Purmerend zegt dat de enorme bezuinigingsopgave tot pijnlijke keuzes leidt. Zoals bij veel gemeenten wordt er gesnoeid in het eigen ambtenarenapparaat, gaat welzijn op de schop en worden een aantal gemeentelijke belastingen verhoogd.
Voorschoten durft te kiezen. De gemeente doet een beroep op de ondernemersgeest, subsidies worden met vijf procent gekort en gemeentelijke taken worden versoberd. Roosendaal heeft tien gouden regels opgesteld. Het zelforganiserend vermogen van de samenleving staat voorop. Amersfoort heeft door dat het niet alles goud is wat er blinkt en maakt pas op de plaats, vooral ten kosten van welzijnsvoorzieningen.

In Eindhoven komt het college er ineens achter dat er 15 miljoen extra gesnoeid moet worden. De bezuinigingen lopen daar op tot 55 miljoen euro.
De gemeente Hof van Twente heeft een aantal denkrichtingen besproken: korten op sport en welzijn. En zo gaat het maar door in Velsen (geen geld meer voor vervoer van schoolzwemmers en inkrimping aantal buurthuizen), in Hoorn worden ook de subsidies minimaal met vijf procent gekort, in Noordwijk moet nog in gesprek met verenigingen en instellingen, maar het mes gaat er zeker in.
Heiloo moet een
grotere tegenvaller dan verwacht wegwerken. Den Bosch doet vrolijk en zegt niet te bezuinigen. Nadere lezing leert dat ook deze gemeente volgend jaar 15 miljoen zal snijden. Ik ben benieuwd of er onder de lezers mensen zijn die in een gemeente wonen waar de komende jaren niet wordt bezuinigd. Laat het vooral weten!

In tegenstelling tot de bezuinigingen, heeft het verzet tegen de afbraak (nog) geen enorme omvang. In Den Haag gaan culturele instellingen in beroep. In Boekel maakt de politie bezwaar tegen het sluiten van het jongerenwerk. Wie volgt?

Het zelforganiserend vermogen van de samenleving, dat pareltje van individuele verantwoordelijkheid, betekent domweg de afbraak van culturele, sportieve en welzijnsvoorzieningen. De sportvereniging zal wellicht tournooitje minder organiseren. Het klaverjassen in De Buurtboom wordt afgelast, omdat de bejaarden de 15 euro entree niet elke week kunnen dokken. Wijkbibliotheken sluiten. De plaatselijke fanfare repeteert voortaan bij de leden thuis. Kinderboerderijen en speeltuinen gaan dicht.

Maar wat een verschil in presentatie van al die armoe. Gemeenten die het hier over ambities en uitdagingen hebben, draaien hun ingezetenen toch een rad voor ogen. Ambities moeten wat opleveren.
Sloopplannen zijn alleen een uitdaging als er wat te scoren valt. Niet als het enkel tot kaalslag leidt.

Zoals gezegd: de gemeenten vrezen de plannen van het nieuwe kabinet. Maar omdat de coalitiepartners zich in mysterieus stilzwijgen hullen, weten de gemeenten nog niet wat er nog meer bezuinigd moet worden. Beëdig in godsnaam op Prinsjesdag dat kabinet, dan moeten de heren wel hun mond open doen. En dan zul je zien dat we nog terug verlangen naar de jaren Balkenende. Heel listig van die Verhagen.

Gemeenten bezuinigen vooral op armoe

Gemeenten bezuinigen vooral op armoe Na de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart duurde het even voor elke gemeenten een nieuw bestuurd had, maar nu de meesten inmiddels aan het werk zijn, wordt duidelijk dat we een jaar van gemeentelijke armoe tegemoet gaan.

Begrotingen en meerjarenplannen zijn opgesteld. Hier en daar zelfs al goedgekeurd door gemeenteraden. Vooral welzijn en zorg worden gekort,
meldde gemeente.nu al in augustus. Met name de vier grote steden pakken de armoe voortvarend aan. Ook cultuur krijgt een douw. Bibliotheken worden gekort, muziekscholen moeten sluiten en jawel, gemeenten geven het goede voorbeeld door ook het mes in zichzelf te zetten.
Den Haag (college van PvdA, VVD, CDA en D66) wil dat alle culturele en welzijnsinstellingen volgend jaar elk 7,7 procent inleveren. Rotterdam gaat er zo’n 1000 ambtenaren uitgooien en bezuinigt 250 miljoen op zichzelf.

Het zijn nog maar een paar voorbeelden. De gemeenten moeten wel, zeggen de burgemeesters en wethouders. Kabinetsmaatregelen dwingen ons ertoe. Ze kunnen het ook niet helpen dat er
op de PGB’s (persoonsgebonden budgetten) moet worden gekort. Bijstanduitkeringen staan onder druk, dankzij de korting van Donner. En er hangt natuurlijk ook nog een fikse korting uit het gemeentefonds boven het hoofd.
De grote steden gaan er fiks tegenaan, elders in het land sputtert men nog wat tegen. Dat het gemeentefonds gehalveerd kan worden is onzin, menen de gezamenlijke gemeenten. Toch is de algemene consensus dat aan geen enkele bezuiniging valt te ontkomen.

Uiteraard worden plannen van een nieuwe kabinet gevreesd. De gemeenten hebben zo weinig vertrouwen in een minder pijnlijke uitkomst, dat nu dus al de botte bijl wordt gehanteerd. De burgers worden tevreden gehouden door minder lastenverzwaring in het vooruitzicht te stellen, hoewel gratis parkeren daar zeker niet onder zal vallen.
De gemeenten leggen de schuld ook bij het huidige kabinet, dat de schuld natuurlijk bij de kredietcrisis legt en het gemeentefonds kort houdt.

Het zwarte pieten zal de burger niet veel helpen. En alle participatieplannen ten spijt, de burger zal er ook nauwelijks invloed op hebben. Daar zijn de volgende verkiezingen voor.
Het woord is de komende tijd aan de gemeenteraden. Aangezien de colleges van B&W op een meerderheid kunnen rekenen, valt te verwachten dat een enkel detail wordt gewijzigd, maar de grote lijnen, en dus de grote bedragen niet.
De stem van de getroffen instellingen zullen wellicht gehoord worden, zonder dat men van plan is er echt naar te luisteren. Gemeentelijke colleges gaan natuurlijk niet eerst op een 100-dagen tour, met de kans het Balkenende-verwijt over zich heen te krijgen.

Bij veel culturele en welzijnsinstellingen zijn de werkgevers inmiddels begonnen hun personeel in te lichten over de bezuinigingen en vragen hun medewerkers plannen te maken hoe ze met minder geld toch nog veel overeind kunnen houden. Sommigen zijn al overgegaan tot vacaturestops en continueren de tijdelijke contracten niet langer.
Burgers zullen, na het snoeien in de lokale ambtenarij, merken dat de dienstverlening achteruit gaat. Want wat de gemeentebesturen daar ook voor mooie woorden over zeggen, haal je geld en mensen weg dan moet dat toch ergens te merken zijn.

De gemeenten gaan niet op de stoep van de regering staan, want er is (nog) geen regering. De burgers zijn erg afwachtend, want de stoepen van de gemeentehuizen blijven leeg. Ik ben benieuwd of dat het komend jaar zo al blijven.

Ach Heer, waarom hebt gij mij verlaten?

Ach Heer, waarom hebt gij mij verlaten De kruisgang van Klink is volbracht. Als gepokt en gemazeld CDA’er weet hij natuurlijk waar de grenzen liggen van een rein geweten. Met compromissen valt heel goed te leven, zo lang ze binnen de rekbare grenzen van het goed rentmeesterschap vallen.

Als minister van gezondheidszorg balanceert hij continu tussen rentmeesterschap en markmeesterschap. Lastig. Barmhartigheid is duur geworden en dat kan de samenleving niet betalen. Maar zolang er nog een beetje zorg overblijft, is het woekeren met talenten nog te doen.
Jammer, dat hij daarin niet altijd goed begrepen wordt. Schimpscheuten en laster vallen hem menigmaal ten deel. In het heilige geloof dat hij de zorg redt, houdt Klink stand.

Dan is er ineens toch de druppel. De maat is vol, de emmer loopt over. De
laatste kritieken waren ook van een hypocriete dubbelhartigheid, daar kan zelfs een gereformeerde niet aan tippen. Sommige CDA-collega’s zijn het vertrouwen in hem kwijt, Klink vertrouwt nu ook sommige collega’s niet langer. Hij gelooft er niet meer in.

Doodzonde, roept
partijvoorzitter Bleker, doodzonde. Als gepokt en gemazeld CDA’er weet hij natuurlijk wat een doodzonde is. Pleeg geen overspel, zegt het zevende gebod. Voor een ongelovige buitenstaander is niet duidelijk wat dat inhoudt. Heulen met de PVV? Is dat overspel? Of je hand overspelen met een brief vol gewetensnood? Ja, dat is natuurlijk overspel.
En op een doodzonde staat natuurlijk een fikse straf. Maar moet dat broedermoord zijn? Het zesde gebod (gij zult niet doden) verbiedt dat immers? Zolang we niet weten of Klink, of Bleker hier al te lichtzinnig is omgesprongen met het negende gebod (gij zult over een ander geen valse getuigenis afleggen), kunnen de ongelovigen daar geen oordeel over vellen. Dat is aan God.

Ach Heer, waarom hebt gij mij verlaten, roepen
de Farizeeërs, Ab Klink nu toe. De een nog luider dan de ander. Klink is de Heer niet, Klink is ook maar een mens.
Ook maar een mens moet nu toch ook denken: ach Heer, waarom hebt gij mij verlaten, nu juist degenen die hem laten vallen de loftrompet laten schallen. Daar wordt de grens van een rein geweten overschreden. Broeders hielden hem het voor, zijn geweten zegt het na: ik ben niet te vertrouwen.
De keuze van Klink: dan stap je dus op als Kamerlid en blijft, in devote bescheidenheid, de partij trouw.

Wij staken niet?

Wij staken niet? Een niet nader genoemd Europees agentschap zegt dat Nederlandse werknemers weinig staken. Tussen 2005 en 2009 gingen er gemiddeld 5,7 werkdagen verloren aan arbeidsonrust.

In Europees verband is dat erg weinig. Lang voor de Europese eenheid was de actiebereidheid veel groter. Maar vlak na de 2e Wereldoorlog, en na de kabinetten Drees, daalde het aantal werkonderbrekingen drastisch.
Als we eens kijken welke Nederlandse premiers de meeste arbeidsonrust voor hun kiezen kregen, dan spant Drees de kroon. Balkenende komt zelfs pas op de 6e plaats, net na Wim Kok (lees meer in eerder artikel op dit weblog).

Onder Balkenende steeg de arbeidsonrust wel weer wat. Maar meer omdat bij de wel gevoerde acties een steeds grotere deelname kenden. Balkenende laat, wat aantal deelnemers betreft, Lubbers en Den Uyl achter zich (lees
ook dit artikel).

Maar vergeleken bij andere landen, kloppen de bevindingen van het agentschap wel. Dat geldt niet alleen voor arbeidsstakingen, ook stakingen en acties tegen het regeringsbeleid komen hier amper van de grond. Vorig jaar ging nog 3 procent van totale franse bevolking, of 6 procent van de franse beroepsbevolking, de straat op om te demonstreren tegen de maatregelen tegen de crisis. Vergelijk dat eens met 2004, toen slechts 1 procent van de Nederlandse bevolking, ofwel 3 procent van de beroepsbevolking, tegen het beleid van Balkenende II demonstreerde. Voor een echt grote actie moeten we terug naar 1983, toen 3 procent van de bevolking hier het tegen de kernwapens opnam (lees
meer in dit artikel).

Toch zal een komend kabinet moeten oppassen. De actiebereidheid lijkt toe te nemen. Dit jaar zijn in het eerste halfjaar al 13 stakingen gevoerd. De grootste en langstdurende waren de ambtenarenstakingen (
de vuilnismannenstaking als climax) en de acties van schoonmakend personeel. Van februari tot juni zorgden die voor heel wat arbeidsonrust. De schoonmakers boekten nog het meeste succes en dwongen niet alleen een loonsverhoging af, maar ook verbetering van hun werkomstandigheden.

Daarnaast waren er veel kleinere, minder langdurende acties. De meesten betroffen de cao-onderhandelingen. Maar er waren ook acties ook een beter sociaal plan af te dwingen en twee wilde stakingen om een enkele collega te redden.
Januari: na eerdere acties in Arnhem en Apeldoorn werden verdere acties afgeblazen bij de cao-onderhandelingen bij AkzoNobel. Een principeakkoord was voldoende om bij DSM de stakingen weer even de kast in te stoppen. In de havens stak een wilde staking de kop op om een chauffeur, verdacht van overmatig ziekteverzuim, van ontslag te redden.

In maart staakten
werknemers van Nefit omdat hun bedrijf ging verhuizen. In april steeg de arbeidsonrust, door acties bij de cao-onderhandelingen bij ECT (Rotterdamse havens), dreigde een actie bij bloemenveiling FloraHolland en dwongen de werknemers bij Johma een beter sociaal plan af. Een tussendoortje was de wilde staking, alweer in de Rotterdamse havens, wegens het dreigend ontslag van een kraanmachinist, die een ongelukje had veroorzaakt.
In juni werden de acties afgerond (al in april begonnen) bij de cao-onderhandelingen in de zuivelindustrie. De actiebereidheid was zo groot dat zelfs na het bereiken van een akkoord sommige werknemers maar moeilijk weer aan het werk te krijgen waren. Verder in juni nog acties bij Forbo Novilon in Coevorden en was een dreiging van acties bij Nedcoat voldoende om de werkgever zover te krijgen over een beter sociaal plan te praten.

De vakbonden en hun leden hebben hun tanden laten zien. Een komend kabinet zal daar toch rekening mee moeten houden, tenzij men het wel best vindt dat het vuilnis zich volgende keer een jaar lang op onze stoepen ophoopt. Ook zal meer inzet van een kabinet worden verwacht bij bedrijfssaneringen. Bij
Organon Oss gaven werknemers al een eerste waarschuwing.

Ben benieuwd of Nederland over een jaar of twee nog steeds in de onderste regionen van de stakingslijsten staat.

Raak- en maakpunten coalitie

Raak- en maakpunten coalitie Geen breekpunten, maar raak- en maakpunten. De basis voor Emile Roemer’s regeerakkoord.

De SP-voorman probeert een coalitie van PvdA, CDA en SP en GroenLinks te forceren. Eén van zijn argumenten is dat zo’n coalitie op een meerderheid in beide Kamers kan rekenen en dus sterker zal staan dan een CDA-VVD-PVV kabinet. Dat is maar ten dele waar.

De gedoogvariant kan in de 2e Kamer rekenen op 76 zetels steun. In de 1e kamer in ieder geval 35 zetels. De Roemer-combinatie heeft in de 2e kamer ook maar 76 zetels achter zich staan. In de 1e kamer echter 50. Daar kan een CDA-VVD-PVV kabinet op een zeer sterke tegenstand rekenen.
De eerste vraag die rijst: waarom wil Emile Roemer D66 er niet bij betrekken? Dan zou hij in de 2e Kamer een wat grotere meerderheid hebben van 86 zetels. Met D66 kan hij het evengoed een centrumlinks kabinet noemen.

Het regeerakkoord (via het NRC
hier in pdf-versie) roept meer vragen op. In vier A4-tjes schetste Romer de groffe lijnen. Eerst zoekt hij een basis. Die basis komt neer op wat Roemer de raakpunten en maakpunten noemt. In zijn woorden: “Raakpunten zijn zaken die de partijen binden, maakpunten die waar we nader tot elkaar moeten komen”. Breekpunten ziet hij dus niet.

Wat de raakpunten betreft meent Roemer dat CDA en SP het wel voldoende eens zijn over “de kracht van de gemeenschap, naast de overheid en de markt”. Wat die markt betreft hebben CDA en GroenLinks aardig wat “overeenkomsten over de marktwerking“.
PvdA en SP zorgen wel voor de “bescherming van werknemers en behoud van opgebouwde rechten” en waar nodig zijn SP en GroenLinks “sterk verbonden met oppositionele krachten”.

Voor zover die overeenkomsten inderdaad sterk genoeg zijn voor een solide coalitie, zijn er dan de maakpunten. Daar waar de partijen verschillen, zullen ze bereid moeten zijn compromissen te sluiten. “Geen van de partijen zal haar verkiezingsprogramma tot regeerprogramma kunnen maken”, schrijft Roemer. “Iedere partij zal moeten geven en nemen”.
Dat geldt toch voor elke coalitie? Ook voor de coaltie die nu in de maak is. Hoewel redelijk wat eensgezindheid en samenwerkingsbereidheid wordt geveinsds zullen ook VVD, CDA en PVV toch echt moeten geven en nemen, anders is zo’n kabinet meteen tot mislukken gedoemd.

Emile Roemer is niet concreet over welke compromissen hij kansrijk ziet. De raakpunten zijn ook niet erg sterk uitgewerkt.
Dat is jammer. Want een centrumlinkse coalitie, met minstens evenveel zetels in de 2e kamer als de VVD, PVV, CDA trojka, is natuurlijk het overwegen waard.
De PvdA zal de spil zijn. Met maar 1 zetel minder dan de VVD, kan er alsnog een kans komen voor Cohen het land door de huidige problemen te leiden.
Met collega’s van GroenLinks en D66 erbij, beide ook zetelwinnaars in de verkiezingen, krijg je dan een behoorlijk brede coalitie. Het lijkt zo zelfs een beetje op een kabinet van nationale eenheid, waarin sociaaldemocratische, christelijke en liberale elementen zijn vertegenwoordigd.

Jammer dat het zo’n karig uitgewerkt stuk is geworden. Om dat nou heel groots een regeerakkoord te noemen gaat wat ver. Maar alle lof voor de poging. Want een “verbond van nieuw optimisme” is natuurlijk meer welkom dan het klaagkoor van VVD en PPV-leden.
Laten de uitgenodigde partijen het initiatief nu eens serieus nemen en met elkaar aan de slag gaan om het te concretiseren. Mochten VVD, CDA en PVV er niet uitkomen, dan kan de koningin meteen de opdracht richting Emiel’s kabinet schuiven.

Het minste resultaat kan misschien een schaduwkabinet zijn. Eentje die een VVD, CDA, PVV coalitie flink op de huis kan zitten. En mocht die coalitie snel sneuvelen, dan staat er tenminste een alternatief klaar bij de volgende verkiezingen.

Een illuster driemanschap

Een illuster driemanschap Ooit was er een trio dat meende dat “voor naar Nederland uitgeweken (…) een regeling noodzakelijk was. Maatregelen tegen (…) wier familie al generaties in Nederland woonden achtten zij onnodig en ongewenst”. Aldus de Wikipedia over het driemanschap dat in 1940 de Nederlandsche Unie oprichtte “tot doelbewuste arbeid voor het behoud en de versterking van vaderland en volksgemeenschap en tot voorbereiding van de voorwaarden en de wegen van hun bestaan en welzijn in de toekomst”.

In “
Triumviraat nieuwe stijl” werd naar een ander trio verwezen, dat ook al aan een toekomst na de 2e wereldoorlog werkte. Het zijn hoogst ongelukkig vergelijkingen met het illustere trio dat nu aan de weg timmert. De enige vergelijking is dat er nu slechts een economische crisis gaande is en dat ‘het volk’ in een zekere staat van verwarring lijkt te leven. Althans, dat mag je toch uit de verkiezingsuitslag van 9 juni concluderen.

De drie leiders van de Nederlandse Unie kregen al snel onenigheid. Omdat de conservatieve liberaal
Linthorst Homan (links op het plaatje hierboven) iets te veel moeite deed de NSB bij de Unie te betrellen, gooiden zijn companen er bijna het bijltje bij neer.
Het driemanschap bestond verder uit Louis Einthoven (midden afgebeeld), een politiecommissaris met een bloedhekel aan Chinezen in zijn stad en ervaring met het deporteren van “overtollige”Chinezen” en de KVP’er Jan de Quay (rechts op het plaatje), die in de onderhandelingen met de NSB wel respect bleek te hebben voor types als Arnold Meijer en ondanks zijn ambivalente houding tijdens de oorlogsjaren het later nog tot minister-president wist te schoppen.

En nu is het godzijdank geen oorlog. Waarom hebben we dan toch een naar rechts opgeschoven liberaal en een katholieke CDA’er die verklaren de
opvattingen te respecteren van iemand die een bloedhekel aan overtollige islamieten heeft?
De onderlinge verschillen op dat punt worden gerespecteerd en wel om “het sterker, veiliger en welvarender maken van Nederland”, zo hebben de heren verklaard. Lijkt dat niet een beetje op die “doelbewuste arbeid voor het behoud en de versterking van vaderland en volksgemeenschap” waar De Quay, Linthorst Homan en Einthoven het ooit over hadden?

Het huidige trio zit ook nog eens een uiterst ondemocratische variant van “regeren met zijn drieën” te bekokstoven. Ondemocratisch omdat de PVV de regeringsverantwoordelijkheid uit de weg gaat die de vele kiezers haar toch hadden toebedeeld. Ondemocratisch en niet van deze tijd, omdat we pas inzicht in de gemaakte afspraken krijgen als de heren alles al kant en klaar hebben. Tot dan
houden ze hun mond.

Eén groot voordeel is er wel, als deze constructie werkelijkheid wordt. We kunnen het daarna nog jaren hebben over de puinhopen van rechts.

Triumviraat nieuwe stijl

Triumviraat nieuwe stijl Om te regeren hoeft men niet een plaats aan de ovalen tafel van de ministerraad te hebben. We stevenen af op de uniek situatie dat er ook vanuit de 2e Kamer geregeerd gaat worden. Het lijkt er tenminste sterk op.

De heren hebben ineens wel vertrouwen in elkaar. Genoeg vertrouwen om te onderhandelen
over een minderheidskabinet met gedoogsteun. Komt er dan, naast een regeerakkoord, ook een gedoogakkoord?
Dat is wel het minste waar het publiek recht op heeft. Een regeerakkoord laat zien waar we de komende vier jaar aan toe zijn. Hopelijk staat er in de gedoogbijlage vermeld, waar de gedogende partij zich aan zal binden.

Rutte, Verhagen en Wilders zijn natuurlijk niet te vergelijken met Churchill, Roosevelt en Stalin, die het eens met elkaar wilden worden over de toekomst, nadat ze een wel grotere crisis dan de huidige hadden overwonnen.
Churchill en Roosevelt rekenden op Stalin’s betrouwbaarheid, waarvan ze diep in hun hart wel wisten, dat die betrouwbaarheid grillige trekjes vertoonde. Hetgeen Stalin ook bewees nadat het akkoord van Jalta was ondertekend. Ondanks de gemaakte afspraken ging Stalin door met zijn eigen agenda. Met een verdeeld Europa tot gevolg en een langslepende Koude Oorlog als toetje.

Ach, er zijn drie-partijen coalities geweest, waarin men ook twijfels had over elkanders betrouwbaarheid. Maar daar waar de twijfel vooraf het grootste was, sneuvelden die coalities dan ook jammerlijk. Niet allemaal in hetzelfde tempo, maar de grootste twijfelgevallen haalden nooit de eindstreep.
Ook nu zijn er twijfels. Maar nu gaat één partij met losse handen regeren. Vrij en ongebonden. En dat moet, volgens Verhagen, een stabiele politieke samenwerking opleveren. Gelooft u dat?

Hopelijk hebben de leden van CDA en VVD genoeg gezond verstand om hun leiders terug te fluiten.

Geld maakt niet gezond

Geld maakt niet gezond Geen paars-plus. Daar valt heel wat over te zeggen en dat gebeurt dan ook volop. De betrokkenen voeren het hoogste woord om het publiek voor te lichten over hoe ze toch hun stinkende best hebben gedaan er wat van te maken. Daar gaan de analytici weer overheen.

Terwijl het land nog langer demissionair bestuurd zal moeten worden trekt de orde van de dag gewoon aan ons voorbij. Al is het dan komkommertijd, de VVD is alert en heeft een appeltje te schillen met de minister van Buitenlandse Zaken. De vraag is of Maxime Verhagen daar wel tijd voor heeft, nu hij zich hoogstwaarschijnlijk moet voorbereiden op de volgende informatieronde.

De immer wakkere VVD is boos. Natuurlijk gaat het over geld. Juist nu de VVD de hakken in het zand zet en vasthoudt aan 18 miljard bezuinigen, valt
Kamerlid Han ten Broeke over 13,8 miljoen euro die de Europese Unie uitgaf aan appels. Aan twee appels om precies te zijn.

Een appel per dag en de dokter krijgt ontslag. De Europese Unie liet uitzoeken hoe waar dat is en of het misschien ook nog beter kan. Er volgde een onderzoek, de rekening van 13,8 miljoen euro werd betaald en daar krijgen we de wetenschap voor terug dat niet één, maar twee appels per dag de burger gezond houdt. Twee appels en het cholestorolgehalte kan 10 procent omlaag. Het onderzoek wees ook uit hoe je appels na de pluk goed kan houden zonder pesticiden te gebruiken.

Gezonder kan het niet, zou je zeggen en de 13,8 miljoen euro mogen een bijdrage heten aan reductie van de zorgkosten en aan een ecologisch verantwoorde appelpluk. Zo kan er toch een leuk appeltje voor de dorst worden gespaard?
Niet volgens Han ten Broeke. Die beweert ten stelligste dat het onderzoek iets heeft aangetoond, wat we allang wisten. Het is niet meer dan je reinste fruitreclame. Ten Broeke fulmineert: “De volkswijsheid ’snoep verstandig eet een appel’ hoeven we niet nog een keer uit Brussel te horen. Het kan niet waar zijn dat Europa op deze manier fruit moet promoten”.
Zonde van het geld, dat beter gebruikt kan worden om de economie weer gezond te krijgen.

Hij heeft natuurlijk volkomen gelijk. De burgers gaan van een wetenschappelijk onderzoekje niet meteen overstag en ineens gezond eten. Dat geldt ook voor landbouwministers, boeren en supermarkten. Ook al wordt met de mond een gifvrije fruitteelt beleden, zover is het nog lang niet en de uitkomsten van dit onderzoek zal er van de een op de andere dag niets aan veranderen.


Eigenlijk zegt Han ten Broeke dus dat het geldverspilling is om met wetenschappelijk onderzoek burgers en politici te overtuigen om gewenst gedrag en beleid tot stand te brengen.
Ook een volkswijsheid, die we allang weten?