Categoriearchief: Keuzes

De taart raakt op, meer taart!

De taart is op, meer taart!

Het komt wel vaker voor dat er taart wordt opgediend als deskundigen de economie begrijpelijk willen maken. De taart is een begrijpelijk model. Je kan er goed mee laten zien, dat als de taart op is er slechts wat kruimels over blijven. En stel dat je die ook nog onder alle liefhebbers wil verdelen, kom je voor heel ongemakkelijke keuzes te staan.

Strategieadviseur Jurriaan Pröpper presenteerde gisteren zijn boek over de onaangename keuzes waar we voor komen te staan als we slecht op de toekomst zijn voorbereid. In een interview met de Volkskrant waarschuwt hij dat de overheid een heilloze weg is ingeslagen, want “Wat de politiek, de overheid, doet is de bestaande taart almaar verdelen en herverdelen. En dat in steeds kleinere partjes“. Willen we ook in de toekomst welvaart en gelijke kansen voor iedereen, dan zal die taart groter moeten worden.
Over die taart wil Pröpper het eens uitvoerig over hebben. Het liefst in een publiek debat, want de politici zijn voor slechts vier jaar aangesteld en een probleem als de vergrijzing duurt wel wat langer.

Welke onaangename knopen moeten worden doorgehakt, volgens Pröpper?
De vergrijzing betekent dat er minder mensen aan het werk zullen zijn. Die moeten dus meer en langer werken, En ze zullen wat meer moeten verdienen, anders hebben we te weinig belastinginkomsten om goed onderwijs en goede zorg te garanderen. De inkomensverschillen zullen groter moeten worden. Denivellering, met als doel de nederlandse principes van gelijkwaardigheid overeind te houden. De vlaktaks zou een goed instrument zijn, naast een lagere belasting voor bedrijven die meer inkomen genereren. Zo hou je economie namelijk draaiende. Bedrijven houden dan meer over voor innovatie.

De overheid moet er voor zorgen dat de taart uit kan dijen. Dus “groei, ambitie en ondernemingszin stimuleren. Burgers niet langer als melkkoeien zien. Ruimte scheppen door een bevrijding en versimpeling van dichtgeregelde systemen, zoals belastingen, uitkeringen en onderwijs“.

Jurriaan Pröpper beseft dat niet iedereen het met zijn oplossingen eens zal zijn, maar wil daarom met zijn boek de discussie losweken, als “we er maar met zijn allen van overtuigd zijn dat wij onze gelijke kansen koste wat het kost moeten behouden“.
SER-voorzitter, Rinnooy Kan, is het grotendeels met hem eens, maar meent dat overheid en de sociale partners al
heel positief bezig zijn. Zo komt de arbeidsparticipatie, ook van ouderen, al aardig op gang. Ook een deel van de oplossing.

Bij Pröpper ligt de nadruk dus op werk als geldgenerator, belasting als fonds voor de collectieve verworvenheden en het bedrijfsleven als leverancier van groei en werkgelegenheid. Ofwel de principes waar onze economie al eeuwen op gebaseerd is.

We kunnen natuurlijk niet ontkennen dat er een paar heftige problemen liggen, die alleen maar erger lijken te worden als we er niets aan doen. De vergrijzing zal tot een kleiner arbeidspotentieel leiden, de zorg wordt alsmaar duurder en willen nog beter onderwijs om iedereen betere kansen te geven, dan wordt ook dat bijna onbetaalbaar.

Pröpper heeft gelijk als hij stelt dat het huidige overheidsbeleid op de lange termijn een doodlopende weg is. Maar de overheid denkt al lang na over Pröpper's oplossingen. Soepeler ontslagrecht om een flexibeler arbeidsmarkt te creëren, doorwerken na je 65e, hogere pensioenen belastbaar maken en meer mensen aan het werk zien te krijgen (o.a. het participatiebeleid). En ook de vlaktaks lijkt steeds meer bespreekbaar te worden.

Veel verschil is er dus niet en in ieder geval zijn de parameters gelijk. Misschien moeten we eens af van de taart als symbool van ons soort economie. Een taart is lekker, maar wel een luxesymbool. Ik wil daarmee niet zeggen dat zorg en onderwijs luxe is. Wel dat er heel wat arbeidzame handen vrij komen als we wat overbodigheid verwijderen van de schaal met gebakjes.

Waarom een iPod en een mobiele telefoon optuigen met nieuwe gadgets, als met hetzelfde arbeidsvermogen er werk gemaakt kan worden van technologische voorzieningen in de zorg? Waarom geld steken in ruimtevaart, als met hetzelfde kapitaal innovaties voor de landbouw kunnen worden ontwikkeld? Waarom mensen opleiden tot strategieadviseurs, als voor hetzelfde geld er meer leerkrachten voor het onderwijs kunnen worden opgeleid?

Wordt het niet de hoogste tijd dat soort vragen nu eens serieus te nemen in de discussie? Er kan nog heel wat in prioriteiten worden geschoven, lijkt mij.

Kredietwaardige banken

Kredietwaardige banken Vandaag ging de Eerlijke Bankwijzer online. Beetje laat voor de mensen die besodemieterd zijn door ijskoud graaiende bankiers. Wie nu nog wil weten waar hij zijn spaargeld kwijt kan, zal op de Eerlijke Bankwijzer geen informatie krijgen over banken die het best uw spaargeld laten verdampen.
Wel kun je zien welke banken het krediet kregen van Amnesty International, de FNV, Oxfam Novib en Milieudefensie. Twaalf banken
op een rij en je kunt zo zien welke banken de mensenrechten serieus nemen of niks van doen willen hebben met wapenhandel. Alle terreinen van maatschappelijk verantwoord ondernemen zijn onder de loep genomen.

De ASN Bank en Triodus scoren het beste. Wel vreemd dat Triodus matig scoort wat betreft transparantie en verantwoording. De beoordeling van de overige componenten moeten de initiatiefnemers dus niet uit de jaarboeken van Triodus hebben gehaald. De ASN Bank scoort, als enige, wel goed met transparantie en verantwoording.

Wil je ook nog weten bij welke bank je behalve rente ook een tevreden klant zult zijn, dan kun je dat testen op de website van Independer. Velen gingen je voor en wat blijkt? Alweer de ASN Bank en Triodus scoren het best als het gaat om de prijs/kwaliteit verhouding. Superklantvriendelijke banken lijken het te zijn, met een uitstekende service.

Je ziet: bij kredietwaardigheid hoeft het niet alleen om de hoogte van de rente te gaan. Wie alleen in de opbrengst van de spaarrekening is geïnteresseerd kan op tal van vergelijkingwijzers terecht.
Wie wil weten of zijn spaargeld ook wordt gebruikt om de bonussen van de bankiers te spekken, moet veel dieper graven en komt hooguit een paar banken tegen op topsalaris.nl van de Volkskrant. Waar valt te zien dat (alweer) Triodus niet de beroerdste is.

Een aantal bankiers evenals een paar hoogleraren, lieten al weten dat de soms buitensporig hoge bonussen mede oorzaak zijn van de kredietcrisis. Het is nu dus wel de moeite waard een bankwijzer te krijgen, waar je kunt zien of de bankbobo's hun lesje hebben geleerd. Maar een website met de meest dalende bonussen heb ik niet kunnen vinden. De DNB kondigde vorig jaar wel aan de bonussen in het vizier te houden, maar nergens een leuk lijstje te zien.

Dus welke bank is de meest milieuvriendelijke, vredelievende, correct investerende, openhartige, en minst hebberige van allemaal? Helaas, dat is in één oogopslag nergens te zien.
Maar je moet van een bank nou ook weer niet teveel vragen. Aan overvragen zijn tenslotte wat banken onderuit gegaan.

Als sparende consument zul je vooralsnog een keuze moeten maken uit maatschappelijke verantwoordelijkheid, of klantvriendelijkheid of rente.

De Oorlog in Onderzoek (met poll)

Onderzoek naar verleden of heden? Gaat het Irak-onderzoek er komen of niet? Die vraag rumoert weer wat nadrukkelijker door de media na de openbaring van een opvallend documentje door het NRC.
Misschien weten we morgen meer. Dan vergadert de 1e Kamer weer. De nederlandse Irak-kwestie staat
niet op de agenda, maar die kan natuurlijk elk moment worden gewijzigd. Anders moeten we wachten tot 17 februari. Dan staat de brief van Balkenende op de agenda, waar de 1e Kamer niet zo tevreden mee was. Die brief liet te veel onbeantwoord over de beslissing steun te geven aan de Irak-oorlog.

Een opiniepeiling zou aantonen dat steeds meer nederlanders dat onderzoek nu ook wel willen. In het parlement lijkt de wens naar dat onderzoek ook te groeien.

Als het onderzoek er komt, het zal een onderzoek naar het verleden zijn, met mogelijke implicaties voor de toekomst. Bijvoorbeeld de toekomst van Balkenende en daarmee ook van dit kabinet. Of er ook lessen voor toekomstige keuzes bij internationale conflicten uit zullen rollen, is nog maar af te wachten. Het zal eerder een onderzoek worden dat als politiek instrument gaat dienen om de verhoudingen hier ook wat op te schudden. Het is tenslotte niet voor niets dat de VVD als eerste haar standpunt wijzigde en nu wel een onderzoek wil.

Politieke afrekening dus. Maar zijn er niet belangrijker zaken uit te pluizen?
De voorzitster van het Amerikaanse parlement, Nancy Pelosi, wil wel een onderzoek naar de daden van de regering Bush. Ook mosterd na de maaltijd, want ook de Amerikanen zullen nog wel een paar jaartjes de gevolgen van het Bush-beleid voelen.
Nu wil Pelosi geen onderzoek naar de Amerikaanse Irakgeschiedenis op zich. Wel een
gerechtelijk en parlementair onderzoek naar het veiligheidsbeleid. Dat heeft zoveel nadelige gevolgen voor de burgers gehad, meent mevrouw Pelosi, dat eens grondig moet worden gekeken wat er niet aan deugde. Natuurlijk met de bedoeling het en ander weer recht te zetten.

Obama's eerste reactie is een variant van Balkenende's optiek: we moeten niet naar het verleden kijken, maar naar de toekomst. Dat onderzoek komt er dus niet. Jammer, want een onderzoek naar het totale veiligheidsbeleid (diplomatieke taal voor “de oorlog tegen terreur”) lijkt me meer stof bieden om lessen voor de toekomst uit te trekken.

De oorlog in Irak is nog volop aan de gang en we komen er niet zomaar van af. Evenals de brede oorlog tegen terreur. Misschien is het dan beter onderzoek te doen naar de huidige gang van zaken. Zolang de militairen daar hun werk doen, moeten ze dat wel goed doen.
Zo lijkt een onderzoek naar de middelen die Israël loslaat op de Gazastrook ook wel op zijn plaats. De Arabische ambassadeurs in oostenrijk hebben de IAEA (Internationaal Atoomenergie Agentschap) gevraagd
radiologisch onderzoek te doen op lichamen van getroffen Palestijnen. Israël zou kogels met verarmd uranium hebben gebruikt.

Amnesty weet zeker dat ook fosforgranaten zijn gebruikt. Het spul veroorzaakt vreselijke brandwonden en zou niet gebruikt mogen worden in bewoonde gebieden. Israël houdt vol altijd toegestane middelen in te zetten.
Is hier een onderzoek op zijn plaats? Of anders gesteld: moet tijdens gaande interventies ook onderzocht worden of het wel “schone” interventies zijn?

Mag ik u een lastige en wellicht verschrikkelijke keuze voorleggen? Welk onderzoek vindt u het belangrijkst? Onderzoeken naar het verleden (Nederlandse steun aan Irak-oorlog of het veiligheidsbeleid van de regering Bush) of onderzoek naar de praktijken in actieve oorlogszones?

Graag uw keuze in onderstaan polletje en uw motivatie in de reacties.

Gascrisis oplossen met jaknikken

Gascrisis oplossen met jaknikken

Hoe kom je aan gas? Met jaknikkers. Maar omdat ze dat in Oekraïne niet willen begrijpen, komt ongeveer een kwart van onze gasimport in gevaar.

Rusland heeft de toevoer naar Oekraïne afgesloten wegens achterstallige betalingen. Kijk, als wij hier het gas niet betalen krijgen we ook een deurwaarder aan de poort en kom je dan nog niet over de brug, word je zonder pardon je huis uitgezet.

Rusland dreigt Oekraïne nog niet met huisuitzetting. Nee, in de koudste tijd van het jaar gaat gewoon de gaskraan dicht. En wat doet Oekraïne? Ja-maar-knikken. Ze zijn ineens bereid te betalen, maar niet de volle mep. Dus blijft de kraan dicht.

Kijk, als u van schrikt van de eerste energienota van dit jaar, besluit de rekening niet te betalen, wordt u natuurlijk ook van het gas afgesloten. En als u dan de betalingen opschort omdat u eerst wel eens uitgezocht wil zien waarom de gasprijs nog steeds zo hoog is, ondanks de dalende olieprijs, dan komt de dag nabij dat ook u uit uw huis wordt gezet. Wanbetaling is wanbetaling.

Een wanprijs is heel wat anders. Kan best zijn dat uw energieleverancier teveel heeft gerekend, maar we hebben hier de kartelpolitie Nma die dat in de gaten houdt. U blijft gewoon betalen. Jaknikken dus.

Maar welke instantie moet Oekraïne inschakelen om uit te laten zoeken of Rusland niet iets teveel vraagt? Naar de internationale Kamer van Koophandel?
Daar staat Rusland al voor de deur om via een uitspraak van de arbitragerechter Oekraïne te dwingen de leveranties aan Europa weer te hervatten.
Zou nu het aspirant-lidmaatschap van Oekraïne voor deelname aan de EU in gevaar komen?

Er zijn boze tongen die beweren dat het Rusland daar om te doen is. Daar valt iets voor te zeggen, want Oekraïne zou dan wat sterkere bondgenoten hebben, die zich natuurlijk niet zomaar elke prijsverhoging van het Russische Gazprom laten dicteren.
Gazprom overweegt overigens wel in 2009 de gasprijs voor Europa
flink te verlagen. Deze maand al en daarmee zouden ze het Nederlandse Gasterra een stapje voor zijn.

De Europese landen komen maandag voor een spoedoverlegje bij elkaar. Tsjechië, nu voorzitter van de eiste afgelopen vrijdag al van Rusland dat ze de gaslevering aan de EU volledig herstelt. Het grootste deel loopt via Oekraïne, dus Rusland zoekt nu een omweg om de EU tegemoet te komen.
Hoe zal de EU zich opstellen?

Aan een discussie over de hoge gasprijs zal de EU haar vinger niet branden. Het zou er al gauw op lijken dat de EU dan de zijde van Oekraïne kiest en dan krijg je gedonder op twee fronten.
Rusland gaat zich harder opstellen. Dat is daar tegenwoordig de gewoonte bij kritiek uit het “vrije westen”, zoals we ons ook herinneren van de Georgië-kwestie.

En hier zou de consument wel eens op het idee kunnen komen vragen te stellen over de laksheid van onze eigen overheid om Gasterra te kapittelen over de onnodig hoge gasprijs.
Hoewel, over jaknikkers gesproken….

Vrede voorspellen

Vrede voorspellen Vijftien jaar geleden, op 30 december 1993, tekenden het Vaticaan en Israël een akkoord om de wederzijdse betrekkingen te verbeteren. Het werd gezien als de erkenning van Israël door het Vaticaan.

Vijftien jaar geleden werden ook de Oslo-akkoorden getekend. In augustus en september 1993, om precies te zijn. De PLO en Israël leken een stapje dichter bij wederzijdse erkenning te komen.

Na de recente opleving van geweld in de Gazastrook lijken die mooie documenten niet meer dan voddige kladjes, waar alleen de papiermot nog interesse voor heeft.

Komt het ooit nog goed? Misschien als de strijdende partijen eens terugdachten aan die tijd, die hoop op vrede gaf. Tijd heelt alle wonden, maar dat gaat niet van de een op de andere dag. Hoeveel tijd hebben de geweldplegers nog nodig? Een paar voorspellingen.

Variant 1a: Als het net zo snel gaat als het Vaticaan er over deed het akkoord met Israël te tekenen, dan zou Israël toch over 4 jaar zo ver kunnen zijn een vredesakkoord met het Palestijns Bestuur in de Gazastrook te tekenen.
Reken maar uit: het Vaticaan bestaat, officieel sinds 1929 en deed er 64 jaar over om tot een akkoord met Israël te komen. Israël bestaat sinds 1948, dus 64 jaar later is 2012.
Variant 1b: Helaas bestaat het Palestijns Bestuur in de Gazastrook officieel pas sinds 1993, dus als die 64 jaar de tijd nemen, zitten we in 2057, nog 49 jaren van ellende.

Variant 2a en b: Rekenen we echter de katholieke evolutie tot erkenningsbereidheid van de joodse staat vanaf de eerste paus (33 na chr.), dan mogen we van Israël en het Palestijnse Gezag niet eerder dan in respectievelijk 3908 (2a) en 3953 (2b) enige vergevingsgezindheid verwachten.
Gezien de eeuwigdurende verschillen in religieuze opvattingen is dat laatste eerder te verwachten en zullen de burgers in de geteisterde gebieden nog menig geschonden kerstbestand meemaken.

Variant 3a en b: Nemen we de Oslo-akkoorden als uitgangspunt, dan zien we dat Israël pas 45 jaar na oprichting tot toenadering bereid was en de PLO (opgericht in 1964) had daar 29 jaar voor nodig. Zou men nu ineens het licht van de Oslo-akkoorden weer zien, dan is Israël pas in 2053 (3a) zo ver dat ze het misschien op een akkoordje willen gooien en het Palestijns Gezag al in 2037 (3b).

Welk van deze scenario's we ook nemen, de beide partijen zijn nooit op hetzelfde moment aan vrede toe. Wie weet kan de nieuwe Amerikaanse president de zaak weer eens oppakken. Zijn roemruchte voorgangers Carter en Clinton hadden tenslotte ook enige bemoeienis met het bij elkaar brengen van de oorlogshaviken in het Midden-Oosten. Mocht Obama het binnen zijn ambtstermijn voor elkaar krijgen, dan moet het uiterlijk 2011 toch voor elkaar zijn.

Het kan natuurlijk ook volgend jaar gedaan zijn met de oorlog. Als alle Israëlische en Palestijnse burgers het ineens helemaal zat zijn en dwars gaan liggen. Maar daarvoor zijn er wellicht teveel granaten in de vele families terecht gekomen.

Durft u een voorspelling aan? Vul dan de poll in en graag uw onderbouwing in de reacties.

Participerende barmhartigheid

Participerende barmhartigheid

Donderdag bewees Nederland weer eens een land van tegenstellingen en grote eenheid te zijn.

De miljonairs hielden hun Miljonair Fair, waar toppertje Gordon zei niets te zullen kopen omdat-ie toch al alles had. Zijn collega-topper Froger hield tegelijkertijd de armelui aan de buis gekluisterd tijdens de inzamelingsactie voor de voedselbanken.
De miljonairs bewonderden eensgezind Pamela Anderson en elkaar, de rest van het land bevorderden eensgezind de voedselbank tot miljonair. Ruim 45.000 donateurs en een dikke 2 miljoen aan giften rijker. Het enige dat er aan ontbrak was dat de regering de opbrengst niet verdubbelde.
Normaal gesproken trekt de overheid bij landelijke hulpacties ook de portemonnee. Maar goed, dat zou in dit geval een erkenning zijn van een beleid dat er maar niet in slaagt in een welvaartsstaat de armoe buiten de deur te houden.

Nederlanders zijn best gul. Jawel, ze denken op de eerste plaats aan zichzelf. De feestelijke decemberuitgaven zullen dit jaar naar verwachting weer iets hoger uitvallen dan de anderhalve miljard euro van vorig jaar. Maar door het jaar heen denken ze wel degelijk aan de goede doelen en spenderen daar ruim 1 miljard euro aan (zie dit artikel van vorig jaar december).

Twee koepelorganisaties voor fondsenwerving melden vandaag nadere samenwerking te zoeken. De fondsenwerving zal de komende jaren aardig groeien. Reden om de handen ineen te slaan. Verwachten ze dan geen nadelige gevolgen van de kredietcrisis?
Het NGF (Nederlands Genootschap van Fondsenwervers) weet het nog niet en ging dat vandaag op een symposium
nader bestuderen.
Het ISF (Instituut voor Sponsoring en Fondsenwerving) richt doodleuk
een nieuwe bank op. Een bank zonder filialen en pinautomaten. De bank gaat bedrijven over halen in de Derde Wereld te investeren, In ruil daarvoor regelt de bank belastingaftrek.

Nu was menig bedrijf niet te beroerd om eieren, koelcellen of geld te geven aan de voedselbank, die het noodlijdend deel der samenleving van dagelijkse kost voorziet. Maar of ze ook willen investeren in landen waar mensen niet eens zoveel te eten hebben als de gemiddelde arme hier, is nog maar de vraag. Nu onze nationale voedselbank miljonair is geworden, wordt het misschien tijd er een multinational van te maken.

En wat te denken van participerende barmhartigheid? De burger wordt tenslotte eindeloos aan het hoofd gezeurd te participeren. Nou, bij Oxfam Novib kan dat. Donateurs krijgen de gelegenheid bij hun gulle gift te vermelden waar ze dat geld het liefste aan besteed willen zien.

De nieuwe donateurs van de voedselbank hebben hun keuze overduidelijk gemaakt. Een steuntje in de rug van de vele vrijwilligers die de voedselbanken runnen.
Het kabinet zal tevreden zijn: zie je wel, participerende barmhartigheid lost de zaken wel op. Van barmhartigheid kan de overheid haar handen nu wel aftrekken om ze vrij te houden voor het echte werk: steun aan slecht werkende banken.

Lang zullen ze leren

foto van www.amstelveenweb.com Een mens is nooit te oud om te leren. Over wanneer en hoe lang verschillen de meningen behoorlijk.
Minister Plasterk wil de jeugd wat langer op school houden en wordt meteen de les gelezen door, onder andere, zijn coalitiegenoten uit CDA en CU. Zij menen dat Plasterk het onderwijs, alweer, een grote schoffelbeurt wil geven.

Dat is dan weer een voorbeeld van hoe slecht het er voor staat met de taalvaardigheid in dit land. Ik begrijp wel waarom het CDA een motie heeft ingediend om mbo'ers met een grotere taalvaardigheid uit te rusten. Overigens is de motie ingediend in samenwerking met de PvdA. Men kan het wel met elkaar eens zijn om 50 miljoen euro te onttrekken aan het budget voor bestrijding van analfabetisme. De motie is aangenomen en het mbo heeft er wat geld bij om meer taal en rekenen te geven.

Blijkbaar zijn kabinet en 2e Kamer het wel met elkaar eens dat laaggeletterdheid en slecht lezende en rekenende mbo-leerlingen de nodige steun verdienen. Maar men is het blijkbaar niet eens dat een wat langer verblijf op de school dat probleem voor een deel zou kunnen verhelpen.

Nu gaat het Plasterk niet om taal en rekenen alleen. Hij maakt zich zorgen om uitval bij vervolgopleidingen. Als leerlingen te vroeg een keuze voor een bepaalde richting moeten maken, kan dat tot teleurstellingen leiden. Dan maar wat langer leren. Wat ouder, maakt misschien wat wijzer.

De kritiek op Plasterk is onbegrijpelijk. Er is nog steeds een tekort aan hoger opgeleiden. Bovendien vallen bepaalde groepen sneller uit in vervolgonderwijs of ze bereiken dat hoger onderwijs helemaal niet. Daar wil Plasterk wat aan doen.

De Volkskrant wijst op een onderzoek van Maurice Crul (Universiteit van Amsterdam). Hij vergelijkt de situatie in Nederland met die in Duitsland en Frankrijk.
In Duitsland gaan kinderen pas op 6-jarige leeftijd naar school en worden ze op hun 10e al geselecteerd op welk vervolgonderwijs ze moeten volgen.

In Frankrijk gaan de kinderen al op 2,5-jarige leeftijd naar school en pas op hun 15e valt de keuze voor een beroepsgerichte of een algemene stroming. En die verschillen leiden er volgens Crul toe dat in Duitsland maar 7 procent van de tweede generatie Turken de universiteit of hoge school halen en in Frankrijk maar liefst 47 procent dat wel haalt.
Het Nederlandse systeem is niet de allerberoerdste: 28 procent haalt hoger onderwijs.

Maar dat kan dus beter. De keuze die voor 12-jarigen hier gemaakt moet worden, betekent voor de meesten ook meteen dat de toekomst is vastgelegd. Maurice Crul stelt dat er geen totale structuurverandering van ons onderwijs nodig is: “Een brede brugklas, van vmbo-t tot en met vwo, bijvoorbeeld. Die hadden we en die werkte heel goed. En kinderen die naar het voorbereidend beroepsonderwijs gaan, die moeten kunnen stapelen om zo toch hogerop te komen”.

Nu hoeft het onderwijs niet op de schop, als de samenleving en arbeidsmarkt verandert. Iemand die op later leeftijd ontdekt meer of minder in zijn mars te hebben, dan de aanvankelijke schoolkeuze voorspelde, zou op elke moment de gelegenheid moeten krijgen zich om te scholen. Of dat nou op 20, 30 of 50-jarige leeftijd is. Als een mens nooit te oud om te leren is, dan moet een mens ook altijd terug naar school kunnen.

Vrijstelling van arbeid om te leren vraagt heel wat aanpassingen. Die aanpassingen zullen geld kosten, maar ik denk dat een deel van het geld dat nu aan reïntegratieprojecten wordt besteed, voor dit doel kan worden aangewend. En verder is het natuurlijk een keuze die we als samenleving kunnen maken. Onderwijs voor heel je leven. Waarom zou je ontwikkeling vooral tussen 4 en 16-jarige leeftijd moeten plaatsvinden?

Kiezen we niet voor zo'n herinrichting van de maatschappij, dan ben ik van mening dat Plasterk's idee de voorkeur verdient.

Supermarkt of fanfare?

Supermarkt of fanfare?

Terwijl in de grote, drukke steden op bijna elke hoek een supermarkt te vinden is, moeten steeds meer kleine, rustige gehuchten het zonder zelfs maar een minimarktje doen. Is dat erg? Welnee, de meeste dorpsbewoners reizen voor winkel en postkantoor graag een kilometertje meer, zolang de lokale fanfare maar blijft bestaan.

De LVKK (Landelijke Vereniging van Kleine Kernen) heeft de leefbaarheid vijfhonderd kleine kernen en buurtschappen laten onderzoeken. De bewoners vinden een auto voor de deur en wat ontspanning genoeg om het verlies van andere voorzieningen te compenseren. Een dorpshuis, café of toneelclub wordt belangrijker gevonden voor de kwaliteit van de leefomgeving, dan een buurtsuper of een bank. Alleen de oudere bewoners vinden het lastig. Maar de rest hecht vooral aan een levendig sociaal-cultureel leven. De vraag is wel of er op de lange duur genoeg mensen zijn die in de achterzaal van het café de jaarlijkse supermusical kunnen instuderen. De totale bevolking zal de komende 25 jaar toenemen tot ruim 17 miljoen, maar daarna zal het teruglopen tot zo'n 16,9 miljoen inwoners in 2050. Dat is maar 3,7 procent meer dan nu. De meeste mensen zullen dan in de toch al drukke grote steden en omgeving wonen. Ruim de helft van alle gemeenten zullen met een bevolkingsafname te maken krijgen. Groei in de grotere plaatsen, krimp in de kleinere gemeenten (zie de ruimtemonitor).

Dat kan, volgens het RPB (Ruimtelijk Planbureau) gevolgen hebben voor de kwaliteit van de leefomgeving in bepaalde buurten en dorpen. Logisch, nietwaar? Als er in de Dorpsstraat maar twee mensen staan te kijken naar een fanfare van vier fervente koperblazers, is de lol er gauw af.
Er moet dus niet alleen een beleid voor prachtwijken komen, maar ook een aanpak van prachtdorpjes. Regio's als Limburg, Zeeuws-Vlaanderen en Oost-Groningen zullen het meest door bevolkingskrimp getroffen worden. De weggestuurde Ella Vogelaar wilde daar zelfs ambtelijke topteams voor oprichten, die de gemeentebesturen moeten adviseren hoe ze om kunnen gaan met een teruglopend inwonersbestand. Haar opvolger hebben we er nog niet over gehoord.

Nog niet zo heel lang geleden dacht de overheid de legere en daardoor economisch armere delen van het land te helpen door er hele ministeries naar toe te transporteren. De deportatie van ambtenaren heeft niet echt geholpen. Dat beleid stuitte op aardig wat verzet en de overheid heeft het niet consequent volgehouden. Terwijl de Randstad uit haar voegen groeit, lopen andere gebieden nog steeds leeg. Zou het instandhouden van de plaatselijke fanfare genoeg zijn om de laatste dorpbewoners op hun plaats te houden?

Een gemeente als Renkum hoopt van wel. Daar heeft men zich al neergelegd bij de bevolkingskrimp en gaat men zich niet langer focussen op woningbouw maar probeert men wel de voorzieningen in stand te houden. Daar horen wel degelijk winkeltjes bij. Eerder had de LVKK al uitgezocht dat mensen in kleine plaatsje een bancaire voorziening wel weer interessant vonden, als het geld ook lokaal uitgegeven kon worden.

Maar misschien moeten we de voorspelde demografische ontwikkelingen voor lief nemen. Met een tweedeling van het land als gevolg: Een paar overvolle stedelijke gebieden en verder heel veel ruimte elders, waar we alleen naar toe gaan om ons buitenhuisje te bezoeken en van de landelijke rust te genieten. De Randstad strekt zich uit van Purmerend tot Rotterdam. Daar omheen één groot Center Parcs. Een fanfare zie je dan alleen nog maar in Den Haag, op Prinsjesdag.
Gaat dat de toekomst van dit land worden?

De burger als blusdeken

De burger als blusdeken De blusdeken voorbij. Minister Ter Horst had vandaag de eer duidelijk te maken waar de verantwoordelijkheden van de overheid ophouden. Op een veiligheidscongres legde ze uit dat de burger niet bij elk wissewasje een beroep moet doen op de overheid. Dat is ook niet handig, zo zegt ze, want als er ergens een ramp plaatsvindt zijn de burgers eerder ter plaatse dan de overheid. Dus de burger moet dan niet met de armen over elkaar wachten op overheidsdiensten. Jawel, eerst 112 bellen, maar dan de handen uit de mouwen.

Gelukkig zijn er, zo memoreert Ter Horst, al veel burgers die hun verantwoordelijkheid nemen: “Kijk naar onze vrijwillige brandweer. Het is geweldig om te zien hoe al decennia lang, vaak van grootvader op vader op zoon en soms dochter, hele families zich inzetten om naast hun baan, als vrijwilliger bij de brandweer op te treden en met gevaar voor eigen leven vaak brandende panden in te gaan om mensenlevens te redden. Er is dus een groot potentieel dat we meer kunnen benutten. Ten eerste in een actieve deelnemende rol en ten tweede in een zelfredzame rol“.

In Nederland hebben we zo'n 22.000 van die actieve, deelnemende en zelfredzame burgers. Een deel daarvan trok vandaag naar Den Haag. De VBV (Vakvereniging van brandweervrijwilligers) is niet zo blij met de beperking die de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) hen oplegt bij de onderhandelingen over een nieuwe CAO. De vrijwilligers willen actief deelnemen en eisen een plaatsje aan de onderhandelingstafel, de VNG vindt dat dit om formele redenen niet kan. De CAO-besprekingen gaan niet alleen over de brandweerlieden, maar ook over andere beroepen, bijvoorbeeld de vuilnismannen. Die andere beroepsgroepen worden door de officiële vakbonden vertegenwoordigd.

Dat kan wel zijn, zegt de VBV, maar “De beroepsbonden (ABVAKABO-FNV, CNV-Publieke Zaak, CMHF) kunnen de Brandweer Vrijwilligers natuurlijk niet vertegenwoordigen“. Daarom willen de vrijwilligers rechtstreeks over hun rechtspositie meepraten. “Het kan niet zo zijn dat anderen voor ons beslissen“.

Nou, Ter Horst heeft gelijk. Toonbeeld van actieve deelneming, sterk staaltje zelfredzaamheid.

Nu is de VBV een nog jonge organisatie, waarvan onduidelijk is hoeveel leden zij vertegenwoordigt. Toch hebben zij wel erkenning gekregen van het ministerie van ter Horst, in de vorm van een startsubsidie. Dat vindt Ter Horst voorlopig wel genoeg. In een brief aan de 2e Kamer schrijft zij: “De VBV richt zich derhalve primair op brandweervrijwilligers. De VBV voldoet daarmee op dit moment niet aan de voorwaarden die gesteld worden aan de onderhandelingspartners over de gemeentelijke arbeidsvoorwaarden“. En daarmee steunt zij de VNG.

Daarmee ze ook dat “groot potentieel dat we meer kunnen benutten“, waar ze het in haar speech over had. Want is het niet voorbeeldig dat die vrijwilligers niet alleen vele uren steken in oefeningen, opleidingen en daadwerkelijke brandbestrijding en dan niet te beroerd zijn ook nog eens tijd te steken in de CAO-besprekingen? Dat democratisch potentieel wordt terzijde geschoven.

Gemiste kans. De burger moet wel als blusdeken fungeren, maar over de voorwaarden waaronder dat dient te gebeuren, mag de burger slechts op de tweede plaats een zegje doen. Hoe actief wil de overheid de burger eigenlijk hebben?

Productencrisis

Productencrisis

Er circuleren nogal wat scenario's over de gevolgen van de kredietcrisis voor andere sectoren dan de bankwereld en huizenmarkt.

Een veel gehoord statement is dat de consument, bang geworden door al die financiële onheil, de huishoudbeurzen gesloten houdt. Fabrikanten vrezen omzetdalingen en zelfs het sluiten van complete productielijnen. Dat is dan weer niet goed voor diezelfde consument, want behalve klant is die ook werknemer.

Om de malaise het hoofd te kunnen bieden doen nu ook fabrikanten een beroep op overheidssteun: gesubsidieerde werktijdverkorting. Werknemers tijdelijk in de ww, in de hoop ze op de langere termijn te kunnen behouden.

Minister Donner wil eerst eens onderzoeken hoe hard overheidssteun nodig is. Sommige bedrijven zien dat als welwillendheid van de overheid en dus hebben nu al 36 bedrijven aangekondigd die steun zeker nodig te hebben. De kredietcrisis is een calamiteit, zo zegt men, en dus vallen ze onder de voorwaarden die voor deze uitzonderingsmaatregel gelden. Kernpunt van die voorwaarden: de bedrijven moeten aannemelijk maken dat de nood slechts tijdelijk is en dat de productie over niet al te lange tijd wel weer hervat kan worden.

Hopelijk leest minister Donner de kleine lettertjes in de paniekberichten. Natuurlijk: er zijn in september ineens minder schoenen verkocht. Maar dat kwam vooral omdat de consument zijn stappers al in de maanden daarvoor had aangeschaft en het mooie nazomerweer de behoefte aan nieuw schoeisel temperde.
En zeker, het lijkt op het eerste gezicht zorgwekkend dat Philips de productie
van scheerapparaten twee weken gaat stilleggen. Maar nadere lezing leert dat Philips dat elk jaar doet om de voorraden op te ruimen en het dit jaar bovendien goed uitkomt omdat de kerstdagen op door-de-weekse dagen vallen.

Voor zover er wel een direct verband lijkt tussen de voorzichtigheid van de consument en te verwachten omzetdalingen, zijn er een paar opvallende keuzes waar te nemen bij veranderingen in de kooplust.
Er lijkt een productencrisis aan te komen. Zoals banken sneuvelden omdat ze te veel risicodragende leningen verstrekten, zo lijken nu fabrieken te sneuvelen die te veel produkten maakten, waar de consument wel zonder kan.

Neem de mobiele telefoons. Producenten verwachten de nodige ellende omdat de consument nu wel twee keer op zijn hoofd zal krabben alvorens een nieuw mobieltje te scoren. Die heeft hij ook niet direct nodig. Slechts 9 procent van de huishoudens had in 2005 geen mobiele aansluiting. Steeds meer mensen bezitten meer dan één gsm. Het is treurig dat de consument zijn verstand hervonden lijkt te hebben dankzij de kredietcrisis, maar de keuze geen mobieltje met lavendelgeur aan zijn arsenaal toe te voegen, is toch ook een gevolg van de productencrisis. Een markt volplempen met nieuwe modelletjes en gadgets: overdaad schaadt.

De autobranche klaagt ook steen en been. Nu is een auto wel wat duurder dan een mobieltje. Maar blijkbaar zakt de behoefte de oude kar in te ruilen voor de fonkelnieuwe auto
van het jaar, nog voor het oude karretje echt levensmoe is. Dan maar wat langer met het Kadetje rondgereden.
Ook hier geldt dat de consument een productencrisis lijkt te veroorzaken. Meer dan één auto voor de deur, snel wisselen van model, de consument gaat even rustiger aan doen.

Het wordt nog even afwachten of dat ook opgaat voor de naderende feestaankopen. Tot nu toe haalden de kado-aankopen voor Sint en Kerst telkens nieuwe records. Maar in de Chinese speelgoedfabriek Smart Union was in juli al sprake van een productencrisis. De productie van feestelijke produkten betekende voor een chinese werknemer al gauw een verdubbeling van het doorsnee maandloontje van 75 euro. Nu moeten steeds meer werknemers onverrichter zake huiswaarts keren. Zonder dat loon wel te verstaan.

Overdaad schaadt. De banken die op een overdaad aan bonussen uit waren hebben als eerste het lid op de neus gekregen. Volgen nu de fabrikanten die een overdaad aan produkten op de markt hebben gegooid?