Goh, wat zijn de Wikileaksstukken toch hilarisch leuk. De Amerikaanse diplomatie verdient een ereplaats op het eerste de beste stand-up comedian podium. Amerikanen, niet vies van uiterlijk vertoon (een vooroordeel, jawel) lezen de smoelen van Neerlands politici. En wat blijkt? Het laatste kabinet Balkenende is helemaal voor niets gevallen.
Dat zit zo. Rutte is Balkenende en Bos. De Amerikanen typeren Rutte als iemand die ''met z'n jongensachtige kapsel, sterke bril en open overhemd, helaas soms overkomt als een combinatie'' van Balkenende en Bos, volgens Nu.nl.
Let op dat “helaas”. Van Balkenende en Bos hadden ze al niet zo’n hoge pet op, dus vol verwachting keken de Amerikanen uit naar een bondgenoot van betrouwbaarder kaliber. Maar helaas, het kabinet Balk-en-Bos leeft voort in de persoon van Mark Rutte.
In de diplomatie gelden twee regels. Eén: De Amerikanen hebben altijd gelijk. Twee: als ze geen gelijk hebben, treedt regel één in werking. Daaruit mogen we concluderen dat het Balkenende IV voor niets is gesneuveld. In de ogen van de Amerikanen. Want wat voor nut heeft het een kabinet te laten vallen, dat wordt vervangen door Rutte, die tweemaal hetzelfde is?
Als de analyse van de Amerikaanse diplomaten klopt, dan ziet het er niet best uit voor Rutte. Het betekent dat hij over zichzelf zal vallen. Balkenende viel nog over Bos, of omgekeerd. Ze kunnen elkaar nog jaren de schuld geven van het debacle. Maar als Rutte valt, is hij over zichzelf gestruikeld en zal de schuld bij zichzelf moeten zoeken.
Ik heb ineens te doen met Rutte. Er in geluisd door het CDA en de PvdA. En dan kan-ie nog een tijdje overleven als hij de ‘extreem-rechtse ophitser’ niet tegen de haren strijkt.
Wat moet Rutte zich nu vreselijk eenzaam voelen. Niet serieus genomen door de Amerikaanse bondgenoten en twee niet al te betrouwbare bondgenoten aan zijn zijde. Geen levensgezel om daar thuis eens flink over uit te huilen.
Ach god, jongen toch.
Tag archieven: kabinet
Brakke eendracht.
Deze middag zijn vier oppositiepartijen bijeen, om eendrachtig een vuist te maken tegen het beleid van kabinet Rutte. De vier partijen heten in de media (de roeptoeter van de volksmond?) links te zijn. Met een duur woord: progressief. De bijeenkomst vindt plaats in de Brakke Grond, een etablissement in het pittoreske dorpje Amsterdam.
De brakke grond. Symbolischer kan het niet. Brak staat voor de vermenging van zout en zoet water. Een overgangstoestand. Brak staat ook voor de conditie waarin men verkeert na een nacht doorhijsen in de kroeg. De Brakke Grond is een Vlaams cultureel centrum. Het ideaal een eendrachtige coöperatie te smeden, is gedoemd te sneuvelen op brakke grond.
Het zoetzuur van de PvdA, het zout van de SP, het zoet van GL en het vleesch noch visch van D66 laat zich niet makkelijk vermengen tot een smaakmakend gerecht, waar de volksmond wel pap van lust.
Dat zo’n bijeenkomst wordt gemanifesteerd in het Vlaams cultureel centrum, is een strategische misser. Onze zuiderburen hebben nog veel meer moeite, met eendracht. Hebben ze daar ondertussen al een kabinet?
Nee, zulke initiatieven moet je niet op grootschalige bijeenkomsten bespreken. Een grotere kans van slagen bestaat als men zich met een klein gezelschap terugtrekt in een of andere kroeg.
Toen het slecht ging met het CDA, dat wonderlijke samenraapsel van katholieken, gereformeerden en hervormden, trokken enkele CDA’ers zich terug in het Haagse café Schlemmer. Het Schlemmerberaad resulteerde in de opkomst van Balkenende. Het CDA werd trouwens in de steigers gezet tijdens bijeenkomsten in hotel De Pays Bas te Utrecht, door de ‘groep van achttien’. Twee historische horecasessies, die eenheid smeedden in politiek-christelijk Nederland.
Iets dergelijks is slechts één keer gelukt buiten het CDA om. In een deftige salon in het Haagse Des Indes kregen PvdA, VVD en D66 het voor elkaar een antwoord op de macht van het CDA te formuleren. De JOVD, de jongerenclub van de VVD, had het initiatief genomen en het Des Indes-beraad resulteerde in twee kabinetten van links-liberale samenwerking.
Zo doe je dat dus, Cohen! De man denkt te groots. Hij gooit zijn voorstellen meteen in de openbaarheid en roept op tot grote manifestaties en probeert op nu in de Brakke Grond een groot gebaar te maken. En hij trekt zich teveel aan van de tijdgeest. In deze tijd krijg je er flink van langs als je achterkamertjespolitiek bedrijft.
De geschiedenis leert dat je gewoon in kleine clubjes wat sjiekere kroegen op moet zoeken. Dat praat heel anders. Veel gemoedelijker. Veel veiliger ook, want uit de spotlights van de paparazzi.
Wil Cohen een ‘links’ antwoord op Rutte, dan moet hij ook minder groots denken. Als het al tot een actieprogramma komt, is de kans groot dat het publiek denkt dat er knollen voor citroenen worden verkocht.
Het thema van Cohen's coöperatieve eendracht, 'tegen Rutte', is veel te breed. Vroeger organiseerden boeren en arbeiders zich rond hun eigen belang. Verbouwden ze aardappels dan stichtten ze de coöperatie De Volharding om hun waren goed in de markt te zetten.
Het organisatiemodel van coöperaties mogen dan marxistische fossielen zijn, het werkt wel beter om mensen rond één belang te organiseren. Vorig jaar behaalden de gezamenlijke schoonmakers zo ook hun succes. Eendracht maakt macht. Maar als de samenwerking daartoe niet van de brakke grond wil komen, moeten we het in kleinschaliger vormen zoeken.
Ongehoorzaam je plicht verzuimen?
Gek eigenlijk, dat mensen die fel gekant zijn tegen de slaafse volgzaamheid van moslimvrouwen, tekeer gaan tegen het ontbreken van volgzaamheid van een politiecommissaris.
Okee, dat is een ambtenaar in functie, belast met het controleren van de wet. Dus als de commissaris overweegt geen consequenties aan een wet te verbinden, dan kondigt hij dus plichtsverzuim aan. Maakt de Amsterdamse hoofdcommissaris Welten een praktische of een principiële keuze?
Dat is niet helemaal duidelijk. Ik kan me voorstellen dat het een praktische keuze is. De politie gaat het wat drukker krijgen, want de beloofde uitbreiding met 3000 extra politiemensen, is een wassen neus. Er wordt tegelijkertijd bezuinigd op ondersteunend personeel, dus de 3000 extra mensen zul je niet zoveel op straat zien, omdat ze zelf hun administratieve werk moeten doen.
Commissaris Welten denkt misschien: wat zal ik mijn mensen belasten met het oppakken van die paar boerkadragers? Ik kan me voorstellen dat de man wel dringender zaken wenst aan te pakken, dan het uitvoeren van symboolpolitiek. Zo overweldigend veel boerka’s zie je niet op straat, laat staan dat ze allemaal ook nog eens een gevaar voor de veiligheid zijn.
Het lijkt ook een principiële keuze. De commissaris zegt namelijk ook dat zijn korps wel belangrijker zaken heeft aan te pakken om vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid te waarborgen. Ik kan me voorstellen dat hij dat, als politiefunctionaris, niet als plichtsverzuim ziet. Hij wil zijn ambt blijven uitoefenen en voor de praktische uitvoerbaarheid daarvan, ziet hij zich gedwongen principiële keuzes te maken.
Geeft de commissaris met zijn ambtelijke ongehoorzaamheid een voorzet tot burgerlijke ongehoorzaamheid?
Burgerlijke ongehoorzaamheid is een lastig onderwerp. We hebben immers wetten, die door een democratisch gekozen bestuur worden gemaakt. Bij de ‘wil van het volk’ past geen ongehoorzaamheid, omdat de burgers dan toch ongehoorzaam aan zichzelf zouden zijn?
Het is, buiten politieke obstructie, al een hele klus ongehoorzame burgers te controleren, op te pakken of te beboeten. Snelheidsovertreders, voetgangers die bij rood licht oversteken, wildplassers, illegale vuilstorters en lieden die een tuinhek zonder vergunning ophogen, er zijn heel wat ongehoorzame burgers.
Nu zijn we aan dat soort gedrag wel gewend en het wordt niet als burgerlijke ongehoorzaamheid gezien, omdat de overtreders niet bewust er op uit zijn de zittende overheid te dwarsbomen.
De huidige regering heeft een uiterst krappe en onzekere meerderheid. Met 49,55 procent van de stemmen, heeft het kabinet de steun van 76 zetels in de Tweede Kamer. Daarvan zijn 24 zetels slechts gedoogsteun. Maar goed, 76 zetels is een meerderheid, ook al heeft 50,45 procent van de kiezers niet op deze gedoogcoalitie gestemd.
Die krappe meerderheid betekent wel dat het kabinet voorzichtig moet zijn met haar plannen. Tot nu toe waren er wat kleine demonstraties, handtekeningacties en petities tegen de voorgenomen bezuinigingen. Nu is er een opstandige politiecommissaris, die een voorgenomen wet op de hak neemt. Wordt 2011 het jaar van de burgerlijke ongehoorzaamheid?
Kriebelt bij jou de burgerlijke ongehoorzaamheid al? Wanneer zou jij ongehoorzaam je burgerplicht verzuimen?
Het kabinet verlaat haar post.
Vandaag was de laatste ministerraad voor het kerstreces. Dat lijkt me heel vervelend voor het kersverse kabinet. Begin je net een beetje op gang te komen, moet je alweer met vakantie. Een ideaal waar menig werknemer naar hunkert, maar dat niet past bij een kabinet dat van start ging met de woorden “Wacht u op onze daden”. Zo’n kabinet popelt natuurlijk om die daden te laten zien.
Voorlopig komt het kabinet niet veel verder dan het eerste gedeelte van de slogan. Zo heeft de ministerraad besloten dat postbodes van Sandd en SelektMail nog even moeten wachten tot hun werkgevers wettelijk zijn verplicht ze een arbeidcontract aan te bieden.
Onderhandelingen over een cao verlopen uiterst moeizaam, maar in tegenstelling tot hun collega’s van TNT Post, zul je de postbodes van Sandd en SelektMail niet zien staken. Niet omdat ze zo loyaal zijn, maar uit angst hun magere stukloon te verliezen.
Het ontbreken van een fatsoenlijke cao was nou net een van de tekortkomingen in de geliberaliseerde postmarkt. TNT Post had er wel een, de nieuwkomers niet. Concurrentievoordeel voor Sandd en SelektMail en de noodlottige gevolgen voor TNT Post zijn inmiddels bekend. Er moest wel gestaakt worden om het allerergste te voorkomen. Dat leverde in ieder geval een voorlopig akkoord op. Er geen worden geen 11 duizend, maar ruim 7 duizend TNT’ers de komende twee jaar van hun post ontheven.
En nu krijgen de concurrentievervalsers een extra twee weken respijt. Zelf hoeven ze niet veel te doen. Het kabinet heeft Ruud Vreeman aangesteld om de problemen nader te bestuderen en met de betrokken partijen tot alternatieve voorstellen te komen. Ze hebben een jaar de tijd gehad om tot een cao te komen. Krijgt Ruud Vreeman dat met twee extra weken wel voor elkaar?
Waarschijnlijk niet. En dan is het zaak voor het kabinet stand te houden. Maar hoe? Krijgen Sandd en SelektMail een fikse boete als ze niet meewerken aan de tot standkoming van de cao? Worden ze de liberale markt weer uitgebonjourd? Welnee, het kabinet verlaat doodleuk haar post. Kerstreces. Een korte periode van werkloosheid. Dat zouden de postbode van TNT ook wel willen, denk ik. Nu werken ze zich uit de naad om de bergen kerstpost zo snel mogelijk bij iedereen in de bus te krijgen.
Het zou mooier zijn als het kabinet deze feestelijke vorm van terugtrekkende staatsbemoeienis even vergeet en met daden komt, waar alle postbodes wat aan hebben. Maar dat kan niet. Het leidend motto is immers “Wacht u op onze daden”.
Naar een Kuyper-Thobeckiaanse economie
Enthousiast werkt het kabinet Rutte aan restauratie van de economie, die vakkundig door de financiële sector naar de knoppen is geholpen. De maatregelen liegen er niet om. Dat kan ook niet, want die zijn openbaar. Waren ze maar gelekte geheimen. Dan zou er ongetwijfeld anders op worden gereageerd.
Het enige wat ik wel zou willen weten: is er wel goed over nagedacht? Bezuinigen mag nodig zijn, maar is er wel over de gevolgen op langer termijn nagedacht? Als we wat geluiden van de laatste tijd op een rij zetten, dan kunnen we niets anders zeggen dan: ja, daar is heel goed over nagedacht. Het liberaal-christelijk kabinet streeft naar een Kuyper-Thorbeckiaanse economie.
Abraham Kuyper, orthodox gereformeerde staatsman, staat in de geschiedenisboekjes geafficheerd als een man met een warm hart voor de “kleine luyden”. De arbeiders onder hen, hield hij voor zich met weinig tevreden te stellen. Klagende arbeiders vond hij staatsgevaarlijk. Hij aarzelde geen moment speciale wetgeving in te voeren om stakend haven- en spoorwegpersoneel aan te pakken. Dat was zo zijn eigen visie op staatsbemoeienis, waarvan hij zei dat die niet te ver moest gaan.Tussendoor richtte hij nog een schooltje op, waar later menig staatsman gepokt en gemazeld is, de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Johan Rudolph Thorbecke, liberaal en vooral bekend als hervormer van ons staatbestel, wist in beroerde tijden al hoe je de economie een zetje kon geven. Uitbreiding van het spoorwegennet, de aanleg van het Noordzeekanaal en het afschaffen van wat belastingen. Hoewel niet in economische context, sprak hij zich over kunst uit: “De Kunst is geen regeringszaak, in zooverre de Regering geen oordeel, noch eenig gezag heeft op het gebied der kunst”.
Misschien dacht Rutte aan zijn verre voorvader, toen hij besloot afstand te nemen van de kunsten. “Het kabinet wil meer ruimte geven aan de samenleving en het particulier initiatief en de overheidsbemoeienis beperken”, staat in het regeerakkoord (pdf!).
VVD en CDA kennen hun bronnen. Kuyper werkte aan het moreel besef van de burgers. Thorbecke aan de hervorming van het staatsbestel. Beiden zetten de schop onder de economie. De kabinetten Balkenende plaveiden de weg naar het uiteindelijke doel, dat Rutte wil realiseren. Een Kuyperiaans normbesef, gekoppeld aan een liberale stokpaardjes zoals lastenverlichting. De crisis- en herstelwet wordt permanent gemaakt, waardoor het mogelijk wordt extra wegen aan te leggen of te verbreden. De hedendaagse variant van Thorbecke’s verbetering van de infrastructuur.
Hoe werkt dat? Het normbesef, de verantwoordelijkheid en het zelfinitiatief van de burger komt vanzelf in de door Rutte gewenste modus door fiks te bezuinigen. Dat gaat heel praktisch. Op openbare diensten van gemeenten wordt bezuinigd, Wat minder groenonderhoud, wat minder sneeuwruimen. Op zorg- en welzijn wordt bezuinigd, behalve op de handen aan het bed.
De oplossing? Burgers gaan het wegbezuinigde werk zelf doen. Om te beginnen iedereen die door de bezuinigingen in de bijstand terecht komt. Verplicht gras maaien in plantsoenen en koffieschenken in verpleegtehuizen. Een verschuiving in de werkgelegenheid. Verder het stimuleren van mantelzorg en club- en buurthuiswerk zal nog sterker op vrijwilligers moeten draaien.
Naar een economie, waarin heel wat werk weer ouderwets onbetaald verricht zal worden. En wat wel wordt betaald wordt met verlaging van minimumloon en loonmatiging beperkt.
De verwachting is dat het afgekondigde beleid de huidige economie er bovenop zal helpen. Dat is een misleidende boodschap. Om te beginnen gaat het nu steeds een klein beetje beter met die economie, dus met wat geduld komen we er ook wel. Tenzij er nog een crisis bovenop komt, zoals sommigen verwachten.
Het is ook misleidend omdat Rutte en consorten geen boodschap hebben aan de huidige economie. Vooral omdat daar nog teveel staatsbemoeienis in zit verweven en de burger er een normloze, luie consumentenrol in heeft. Maar bovenal omdat de “kleine luyden” weer op hun plek moeten en de staat afstand neemt van de samenleving.
Een onzinnige conclusie? Mwah, ik hoor Rutte bij zijn regeringverklaring nog zeggen: “Wacht op onze daden”. Hij meende een citaat van Cort van der Linden aan te halen, maar het was Thorbecke met die woorden de kritiek pareerde, op zijn pas benoemde eerste kabinet.
Met welke prestaties maak je bezuinigingen ongedaan?
Boerenland wordt onder water gezet. Uit landsbelang. Boeren zetten land onder melk. Uit eigen belang. Welke van de twee is de grootste maatschappelijke prestatie?
Een overheid zit natuurlijk niet te wachten op protesterend volk. Met de beloofde 3000 man extra politie knuppel je dat zo weer van het Malieveld af, maar zulke taferelen leiden alleen maar tot imagoschade. De overheid wil twee dingen: 18 miljard bezuinigen en 0 imagoschade.
Naast vervelende bezuinigingen komt de overheid dan ook graag op voor bevolkingsgroepen die het toch al zo moeilijke hebben. De boeren bijvoorbeeld.
Het maatschappelijk belang van de Nederlandse boer wordt steeds kleiner. Dat wil zeggen: als het om hun oorspronkelijke functie gaat. Elk nadeel heeft een voordeel. Als een boer minder voort moet ploegen, houdt hij tijd over voor maatschappelijke prestaties. Dat is dus niet het volk voorzien van boter, kaas en eieren. Maar, bijvoorbeeld, landschapbeheer. Goed voor de natuur in het algemeen en de biodiversiteit in het bijzonder.
Afgelopen vrijdag klapte het kabinet uit de ministerraad: De bestaande directe betalingen aan de boeren moeten doelgerichte betalingen worden. Agrariërs worden dan beloond voor prestaties op het gebied van milieu, dierenwelzijn of landschap- en waterbeheer.
Bedoeld wordt dat de Europese subsidies om de boerenstand overeind te houden, direct gerelateerd worden aan maatschappelijke prestaties die juist boeren zouden kunnen leveren.
Maatschappelijke prestaties zijn bijdragen die worden geleverd aan maatschappelijk relevant geachte zaken en tot het werkterrein van een bepaalde sector kunnen worden gerekend. Zo is verbetering van de leefbaarheid van wijken en buurten een maatschappelijke prestatie die woningbouwcoörporaties kunnen leveren. Banken die niet investeren in wapenhandel of door kinderarbeid gedreven industrieën, maar juist in handel die zulke zaken vermijden, leveren daarmee ook een maatschappelijke prestatie.
Het kabinet wil een beloning voor maatschappelijke prestaties van boeren, begin het persbericht uit de ministerraad. Bij het woord ‘beloning’ denk je aan iets extra’s. Dat is hier dus niet het geval. Een deel van de al bestaande subsidies, moeten verstrekt worden als boeren een maatschappelijke prestatie leveren. Een andere manier van compenseren.
Er is land nodig om waterbuffers te creëren, anders krijgen we te vaak en te veel natte voeten. Dan wordt natuurlijk niet de stad onder water gezet, maar hele lappen boerengrond. De boer die daar zijn land voor vrij geeft mag dus ‘beloond’ worden, vindt het kabinet.
Mooi idee, waar wel meer mee kan. Voorbeeldje. Mijn werk bestaat eruit de overlast veroorzakende daklozen van de straat te houden en ze te resocialiseren. Dat is aardig gelukt de laatste jaren, maar er dreigt flink de klad in te komen dankzij gaande en komende bezuinigingen. Nu kan ik aantonen dat we de overlast duurzaam hebben teruggedrongen en dat veel daklozen inmiddels ook even duurzaam een maatschappelijk relevante dagbesteding uitvoeren (uw parken en stoepen waren nog nooit zo schoon). Kunnen we nu een beloning krijgen voor deze maatschappelijke prestaties?
Drie vliegen in één klap. De reeds behaalde doelen kunnen we verbeteren en het voorkomt ontslag van collega’s, waarmee we een bijdrage leveren aan de werkgelegenheid.
Kijk, zo maak je bezuinigingen weer ongedaan. Iemand nog meer ideeën welke maatschappelijke prestaties een beloning verdienen?
Je gaat erover of niet.
Terwijl de versgebakken premier zijn plannen verdedigt in de 2e Kamer, even een boeiend puntje uit de regeringsverklaring gelicht. “Ons principe is: 'Je gaat erover of niet'. En we zullen dat principe consequent toepassen (…)”.
In de regeringsverklaring geldt dit principe voor de overheid. Dus voor de nieuwe premier. Het principe zal worden toegepast om de overheid te kleineren, de burger belastingverlichting te geven en de Crisis- en herstelwet tot een permanente soort van tweede grondwet te bombarderen.
Je gaat erover of niet. Leuk dat we minder belasting gaan betalen, maar krijgen dan wel zaken voor elkaar waar wij over gaan? Mogen we bijvoorbeeld op het belastingformulier aangeven waar we dat weinige geld aan uit willen geven?
Je gaat erover of niet. Minder ambtenaren klinkt heel aardig. Mogen we wel beslissen waar de resterende klerken hun werk aan besteden?
En de Crisis- en herstelwet permanent maken? Mogen we zelf beslissen of we wel een permanente crisis willen en zelf bepalen welk herstelwerk we willen?
Betekent deze bijna anarchistische filosofie, dat we voortaan zelf over onze eigen portemonnee gaan? Dat we over onze eigen agenda gaan en zelf bepalen wanneer en waar de overheidsloketten geopend zullen zijn? Dat we over ons eigen budget gaan en van de overheid mogen vragen de huurprijzen van woningen aan te passen? Dat we over onze eigen vrije tijd gaan en zelf bepalen of en waar we vrijwilliger willen zijn?
Je gaat erover of niet. Ik denk toch echt dat Rutte met “je” zichzelf bedoelt en ervoor kiest dat wij er zeker niet over zullen gaan.
Rutte's eerste ministerraad
Rutte: Zo, daar zitten we dan. En wat vinden jullie ervan?
Ministers in koor: Ja, mooi, prachtig.
Rutte: Okee, zullen we dan nu maar eens aan het werk?
Ministers in koor minus één: Eerst koffie, Mark!
Rutte (met een venijnige blik naar die ene): Ik dacht dat we eensgezind aan de slag zouden gaan?
Die ene minister: Maar Mark, ik dacht dat we hier ook thee konden krijgen?
Rutte (opgelucht , dus ineens joviaal): Tuurlijk! Ben benieuwd of dat gedoogd wordt, maar ik regel het effe voor je. Laten we ondertussen de agenda eens bekijken. Huh? Kwartetten? Gaan we kwartetten??
Donner: Ja, Mark. Je hebt de poppetjes mooi voor mekaar. Maar wij willen onze poppetjes ook op de goede plek hebben.
Rutte: Oh, dat. Als je het maar wel met minder poppetjes doet.
Donner: Zeker. Ze moeten alleen van plaats verwisselen, daarom gaan we kwartetten. Ik begin. Ik heb hier van de secretaris-generalen, die van Verkeer en Waterstaat. Iemand geïnteresseerd?
Schultz van Haegen-Maas: Eh, Piet-Hein. Dat bestaat niet meer. Da’s Infrastructuur en Milieu geworden.
Donner: Weet ik wel. Maar wil je geen secretaris-generaal dan?
Schultz van Haegen-Maas: Ik zou niet zonder kunnen! Heb je een topvrouw voor me?
Donner: Een wat???
Schultz van Haegen-Maas: Een vrouw. Een topvrouw.
Donner: Dat zal niet gaan. Op Verkeer en Waterstaat zat een prima kerel. Die moet alleen even Infrastructuur en Milieu achter zijn naam krijgen.
Schultz van Haegen-Maas: Ah, toe nou……
Rutte: Melanie! Niet zeuren. Ik kan moeilijk van een man een vrouw maken. Verman je en pak die kaart van Piet-Hein!
Verhagen: Ik doe niet moeilijk…..
Ministers in koor: Daverend gebulder.
Verhagen: Wat nou? Nee, serieus. Geef mij die van economische zaken maar.
Donner: Hm, is goed, maar dan hou ik hier nog over die van Landbouw.
Henk Kamp: Stuur die maar naar mij.
Donner: Okee, naar Sociale Zaken of naar Werkgelegenheid?
Rutte: Naar het loket sociale zaken van zijn woonplaats, natuurlijk!
De Jager: Is dat niet te duur dan? Weet je wel wat die wachtgelden kosten?
Rutte: Welnee, de gemeenten zouden toch minder uit de sociale pot krijgen, Piet-Hein?
Donner: Jawel. Maar da’s voor de burgers. Dit is een secretaris-generaal. Die heeft recht op wachtgeld.
Rutte: Wacht even. Je gaat me toch niet vertellen dat de afslanking van de overheid een smak geld gaat kosten?
De Jager: Nou ja, dat breien we dan toch weer belastingtechnisch recht?
Rutte: Ah, daar is de koffie. Eén thee? Wie had dat besteld?
Ministers in koor: Slurpen, nippen en dopen een lang vingertje in het geestrijk vocht.
Rutte: Zo, dat zit er op! Nou, makkie niet?
Ministers in koor: Instemmend gehum.
Rutte: Nou, dan zie ik jullie volgende week weer hier. Ben reuze benieuwd wat er dan weer op de agenda staat.
De pers: De stemming zit er goed in; ministerraad gaat nu serieus aan de slag; ministerraad beginnen aan verdeling van de taart; ministerploeg zwaar teleurgesteld in Rutte: alsof-ie alsmaar hetzelfde deed.
Het Huis voor democratie en rechtsstaat
Vandaag is het Huis voor democratie en rechtsstaat officieel opgericht. Hard nodig,want we hadden natuurlijk nog geen democratie, laat staan een rechtsstaat.
De nog officieel te benoemen directie, stelde zich alvast voor aan de pers en verklaarde een sterker Nederland te bouwen. Redt u dat met zijn tweeën?, vroeg een journalist. Nou, antwoordde directielid I, alle goede dingen komen in drieën, dus hebben we de hulp ingeroepen van iemand die de meest wilde ideeën over de democratie en de rechtsstaat heeft.
Het Huis voor democratie en rechtsstaat krijgt een tijdelijke huisvesting. Dat is logisch. Je moet de democratie en de rechtsstaat niet vastpinnen op één plek, in een architectonisch hoogstandje waar een regering over kan struikelen omdat de kosten de pan uit rijzen. Voor de tijdelijke huisvesting had de directie aanvankelijk een grote tent in gedachten. Het hulpje in huis was daar tegen, want een tent trekt alleen maar islamitische nomaden aan. Daar is het Huis voor democratie en rechtsstaat natuurlijk niet voor bedoeld.
Maar, vroeg alweer de journalist de democratie en de rechtsstaat is er toch voor iedereen? Zeker, repliceerde directielid I. Behalve dan voor islamieten, riep het hulpje in huis. Correctie, riep directielid II, het is er wel voor iedereen, mits iedereen zich gedraagt zoals wij dat willen, mits iedereen doet wat wij willen en mits iedereen denkt zoals wij willen. Ja, lachte directielid I, iedereen zal daar iets van merken.
Het is een feestelijke dag. De officiële oprichting van het Huis voor democratie en rechtsstaat is een feit. Een historische omslag, riep het hulpje in huis. Het moet de burger dichter bij de politiek brengen. Dat mag wat kosten, dus leveren we allemaal wat in. Want als er iemand verantwoordelijk is voor de democratie en de rechtsstaat, dan zij wij allemaal dat wel. De overheid treedt terug, sprak directielid I. De hardwerkende burger krijgt het land terug, juichte hij.
Ah, merkte een andere journalist op, u treedt terug en de hardwerkende burger mag het opknappen. En wat gaat u doen?
Wij gaan nu eerst een lekkere borrel nemen op dit geweldige akkoord, sprak directielid I met pretlichtjes in de ogen. Zo is het maar net, zie directielid II en gaf hem een joviale ram op de schouder. Het hulpje in huis was blijkbaar hard aan die borrel toe, want hij bleef maar slikken en zijn lippen bevochtigen.
Een stabiel binnenbrandje
De koningin wenste het land een stabiele regering toe, in haar jongste troonrede. Ja, dat zouden we allemaal wel willen, toch? Ondertussen groeit het aantal twijfelaars. Zal de coalitie, die nu zo goed als gereed is, vier jaar in stabiele samenwerking kunnen regeren?
In de digitale editie (betaalde toegang) van het NRC, wijst journalist Oscar Vermeer, op oude wonden die de eendracht kunnen verstoren. Oude politieke vetes ontbranden snel, kopt het artikel. Verwijzend naar wat de huidige onderhandelaars elkaar in het verleden hebben verweten, vraagt Oscar Vermeer zich nu al af hoe groot de levensvatbaarheid zal zijn van een coalitie waarin een draaikont, een relschopper en een lafaard het met elkaar moeten zien te vinden.
In het artikel wordt natuurlijk het historische kabinet Den Uyl genoemd als voorbeeld van een regering dat minstens net zoveel tijd aan ruzies besteedde, als aan regeren. Balkenende IV ging tenonder aan een smeulende veenbrand, die in de kwestie Uruzgan, ineens weer oplaaide. Je kan een verleden, waarin men elkaar soms fikse kopstoten uitdeelde, niet zomaar vergeten, zegt Arie Slob (CU) in het artikel.
Hoogleraar politicologie Rinus van Schendelen verklaart in het NRC-artikel dat oude vetes geen obstakel hoeven te zijn. Maar “bij het grote publiek en de media blijven de oude beelden hangen. Die komen steeds weer terug, waardoor de oude wond elke keer opengaat”. Toch meent hij dat de politici wel een stootje kunnen hebben. “Ik ken geen sector die zo hard is. Er wordt veel eelt gekweekt”.
Eind 2008 vroeg ik de lezers hun oordeel over de binnenbrandjes van Balkenende IV. Nog voor de uitslag binnen was, telde de coalitie al een gloeiend conflictgehalte van 1, 25 binnenbrandjes per maand. Velen waren het er uiteindelijk over eens dat het kabinet hoe dan ook zou vallen. Als het niet over de kwestie Uruzgan was, dan toch zeker over de begrotingsonderhandelingen die nog moesten volgen en waar de meningsverschillen over de aanpak van de crisis een rol zouden spelen.
De combinatie Rutte, Wilders, Verhagen kent al potentieel brandgevaar, nog voor het aan de slag kan. Het smeult binnen het CDA en de gedoogvariant is geenzins een fraai voorbeeld van brandpreventie. De PVV zal geen ministers in het kabinet hebben en kan op elk gewenst moment een vuurtje opstoken. Dat Rutte de koelbloedigheid zelve lijkt, is nog geen garantie dat hij elke brand meester zal zijn. Hoewel hij in het verleden moeiteloos meewerkte aan het verwijderen van onruststokers binnen de VVD. Wilders en Verdonk kunnen daarover meepraten.
Het wordt dus een coalitie van oud zeer. Maar elke andere coalitie zou dat toch ook zijn? Het verschil is wel dat Rutte I een gedoogpartner heeft, die in staat is gebleken minder op inhoud en meer op persoonlijke aanvallen de boel kan opstoken.
Krijgen we de meest instabiele coalitie ooit?
