Ik hoop dat u de laatste dagen zelf over de telefoonnummers beschikte die u nodig had. Zo niet, dan heeft u wellicht het mahsro-effect opgelopen. Mahsro? Wat was dat ook alweer? Mahsro is de code die staat voor mijn arme harde schijf raakt overbelast. Die overbelasting kan al gauw ontstaan als u een grote hoeveelheid codes moet onthouden. Uw pincode, uw creditcard-code, uw postcode, het wachtwoord de pc thuis en op het werk, uw DigiD en uw ziekenfondsnummer zijn er zo al een paar. Voor sommigen komt daar de toegangscode van hun autogarage of werkplek bij. Zelf heb ik in totaal slechts 19 codes te onthouden. Dat gaat redelijk, hoewel ik bij enige vermoeidheid nog wel een een nummertje verwissel. Dat is dus het moment waarop ik last begin te krijgen van de mahsro-code. Vanaf 1 april wordt er een nog groter beroep op de gezondheid van mijn eigen harde schijf gedaan. Was je een telefoonnummer kwijt of zocht je een onbekend nummer, dan was één nummer voldoende om de juiste informatie te krijgen. Nu zijn we alweer elf dagen bezig om in plaats van het aloude 118, de veertien nieuwe 18-en-nog-wat nummers te leren kennen. Dankzij de geprezen marktwerking èn het bejubelde idee dat keuzevrijheid betekent dat er vooral veel meer mogelijkheden moeten zijn. Het heeft wel tot gevolg dat je nu eerst moet uitzoeken welk nummer je het beste lijkt. De prijzen lopen niet zoveel uit elkaar. De meeste nummers kosten € 1,30 per gesprek. Maar wat krijg je daarvoor? Gelukkig heeft het consumentenprogramma Kassa (Vara) dat voor u uitgezocht. Maar ja, probeer dat allemaal maar eens te onthouden. Kassa heeft de nummers getest. Slechts twee nummers komen als beste uit de bus. De informatienummers van de KPN (1888) en Casema (1829). Onthoudt die nummers, want aan deze codes is een persoon verbonden. Bij andere nummers komt u in gesprek met een computer. Consumenten die allang aan het idee gewend zijn dat codes mensen zijn (lees op dit weblog: Van code tot mens) willen misschien liever die informatienummers bellen, waar ze door een persoon worden geholpen. De principiële weigeraars van de gedachte dat een code een mens is, zullen wellicht de voorkeur geven aan de computergesprekken.
Medische fouten zonder schuld
Dat god geen volmaakte schepper is (zie artikel van gisteren), valt mee te leven omdat we gelukkig nog altijd de artsenij hebben die met de name de medische missers van de schepping probeert te herstellen. Zo zijn door de jaren heen aardig wat ziektes uitgebannen en bestaan voor vrij veel bestaande ziektes de nodige remedies. Ook als de mens, een kwetsbaar onderdeel van de schepping, niet bestand blijkt tegen allerlei ongelukken, weten artsen de mens nog aardig op te kunnen lappen. Daarbij zijn ze soms zelfs in staat mensen van de dood te redden. We verwachten van artsen dat ze tot welhaast goddelijke prestaties in staat zijn . En wel van de perfecte soort. Maar artsen zijn mensen. En als een god een foutje mag maken zonder daarvoor teruggefloten te worden, dan mag een arts toch zeker ook? In België hebben ze dat goed begrepen. Daar ligt een wetsvoorstel klaar die het 'blamefree' melden van medische missers mogelijk moet maken. Een fout van een arts moet gemeld kunnen worden, zonder dat die arts voor de misser aansprakelijk wordt gesteld. De gedupeerde kan dan wel een beroep doen op een bijdrage uit een schadefonds, waarmee overigens het recht vervalt de arts voor de rechter te dagen. Een werkwijze die in Scandinavische landen al langer wordt toegepast. In Nederland heeft de Inspectie voor de Gezondheidszorg al in 2004, met instemming van veel artsen, het voorstel gedaan het ''blamefree'' melden ook hier in te voeren. Voorlopig moeten we het doen met een erfenisje van Hoogervorst (de vorige minister van volksgezondheid). Door een puntensysteem in te voeren, moet duidelijk worden welke ziekenhuizen goed presteren (lees: de minste fouten maken). Patiënten moeten dan zelf maar kiezen waar ze behandeld willen worden. Ab Klink, de huidige minister voor gezonde zaken, heeft nu de 2e Kamer beloofd snel concrete afspraken te maken met ziekenhuizen over het terugdringen van medische missers. Misschien dat hij nu het ideetje uit België over kan nemen? In Engeland gaan ze het heel anders aanpakken. Het ministerie van gezondheid aldaar komt met een voorstel om een commissie die voor de helft uit leken bestaat, te laten oordelen over een arts die een tuchtklacht aan zijn broek heeft gekregen. Bovendien moeten artsen elke vijf jaar een examentje doen, om aan te tonen hoe bekwaam ze nog zijn. Bij een onvoldoende, kan de arts de herscholing in. Al deze maatregelen lijken mij vooralsnog bedoeld om een claimcultuur, zoals die in Amerika bestaat, te voorkomen. Een arts die moet dokken voor een gemaakte fout is al snel failliet en kan uitkijken naar een ander baantje. Op die manier voelt niemand er nog wat voor dokter te worden, want een foutje is zo gemaakt. Het ''blamefree'' melden van fouten ontslaat de arts van persoonlijke verantwoordelijkheid. Lastige kwestie. Er is helemaal niets te bedenken, waardoor artsen nooit meer enige fout zullen maken. Ook al hebben ze een langdurige en zware studie achter de rug, ook al zijn er steeds betere controle-systemen, er zullen altijd fouten gemaakt worden. Maar hoe denk je daarover als jij die patiënt bent wiens verkeerde been is geamputeerd? Je wilt dan toch uitgezocht hebben hoe de dienstdoende arts te werk is gegaan? Misschien is het beter de plannen uit Engeland in aangepaste vorm over te nemen. Een commissie van leken en artsen bekijkt de zaak grondig en velt een oordeel over de mate van ''schuld''. Want, zoals eerder gesteld, artsen zijn geen goden. Net als andere mensen kunnen zij een fout maken waar ze weinig aan konden doen. Maar evengoed kunnen ze fouten maken door nalatigheid, ondoordachtheid of met een kater van de vorige avond aan de operatietafel staan. En dan is er wel degelijk sprake van persoonlijke verantwoordelijkheid. ''Blamefree'' is de arts pas als dat onomstotelijk kan worden aangetoond.
Opwarming: vluchten kan niet meer.
BurgerServiceCode
Neelie Kroes maakt Europa goedkoper
Nu is het de beurt aan fabrikanten van badkamerspulletjes. Fabrikanten van douchestangen en badkamerkranen hebben de handen ineen geslagen om de prijzen kunstmatig hoog te houden.
Normaal gesproken gaan mensen samenwerken om produktiekosten laag te houden en goedkoop inkopen te kunnen doen. Denk aan collectieve verzekeringen, landbouw coöperaties en wooncommunes. Allemaal begint dat met de ''c'' van communisme, een in vergetelheid geraakt ideaal dat tot doel had dat iedereen het een beetje goed zou krijgen. Maar doet men hetzelfde zonder tot een lagere prijs van een bepaald produkt te komen dan heet dat kartelvorming. Jawel, met de ''k'' van kapitalisme.
Nou staat Neelie Kroes toch niet bekend als een ultra-rode rakker. Maar het past wel in haar liberale traditie dat vrijheid gelijk staat aan keuzemogelijkheden. Ze ligt er vast niet wakker van dat de consument een aardig prijsje moet betalen voor bepaalde producten. Het is haar wel een doorn in het hoog dat kartels vaak een monopolie-positie verwerven, waardoor er weinig te kiezen valt bij wie je gaat shoppen.
Kartels concurreren kleinere bedrijven kapot en uiteindelijk heeft de consument nog slechts één keuze bij de inrichting van de badkamer.
De Europese regelgeving stelt dat kartelvorming verboden is en straft overtreders met gigantische boetes. Allemaal het werk van Neelie Kroes. Wie in haar handen valt kan de rekening alvast opmaken. Eerder dit jaar had ze een paar fabrieken te grazen die aardig in de lift zaten en gooide ze de winstverwachtingen aan diggelen van glasfabrikanten.
En denk niet dat het dan om kleine bedrijfjes gaat die van arremoe elkanders samenwerking zochten. Zelfs een gigant als Shell ontkwam niet aan de tentakels van euro-commisaris ten bleek dat die betrokken was bij prijsafspraken voor o.a. asfaltprodukten.
Dit jaar heeft Neelie de ambitie minstens tien kartels aan te pakken. Ze heeft nog zaakjes lopen tegen creditcard-maatschappijen, de electriciteitssector en zelfs Microsoft. Als die niet gauw hun monopolie-posities opgeven, krijgen ze te maken met Neelie Kroes en ze kunnen nu al uitrekenen wat ze dat gaat kosten.
Shell moest 160 miljoen euro boete betalen en de liftfabrikanten mochten 992 miljoen euro in de kas van Neelie storten. En dat steekt ze niet in eigen zak. Nee, ze wil graag dat die inkomsten ten goede komen van de gemeenschap. Met al dat geld kan ze haar werk uitbreiden zonder dat het de europeanen meer aan lidmaatschapsgeld gaat kosten.
Is dat mooi of niet? De consument is niet meer gebonden aan die peperdure software van Microsoft en een verenigd europa kost ons geen cent meer.
Wel denk ik dat Neelie met al haar goede bedoelingen de grijp-en graaicultuur niet ongedaan kan maken. De beboete bedrijven hoesten de mega-boetes op alsof ze een boertje laten. De winsten waren immers allang binnen. Bovendien valt te vrezen dat die boetes als onkosten worden opgevoerd, waardoor de consument alsnog tegen te hoge prijzen aanhikt. En als kartelvorming in Europa te lastig wordt, dan vindt het bedrijfsleven wel andere wegen om hun winsten veilig te stellen. Men wijkt uit naar niet-europese landen of is zelfs niet te beroerd omde europese gedachte onderuit te halen.
Nu al klaagt het bedrijfsleven steen en been over de, in hun ogen, veel te ver gaande europese regelgeving. Kartelvorming kan Neelie dan nog wel aanpakken, maar als men eendrachtig gaat lobbyen zou ze zomaar haar baantje wel eens kwijt kunnen raken.
Gandhi zei al: ''De aarde biedt voldoende om ieders behoefte te bevredigen maar niet ieders hebzucht''. Die hebzucht wordt er, ondanks Neelie''s voortvarende aanpak, niet minder om. Haar goede bedoelingen zijn duidelijk. Haar inzicht in de menselijke drijfveren schieten tekort om een definitief einde te maken aan kartelvorming. En daarmee kan de redaktie haar bij deze voordragen als de vijfde genomineerde voor de Donkey Shocking-award.
Stijgende temperaturen. Dalende aankopen
Dialogen in de polder
De Samenleving: ''Ook goedemorgen. Eh…., die koekjes, zijn die gratis?''
Het Kabinet: ''Natuurlijk, tast u toe. Dan kan ik u ondertussen uitleggen wat de bedoeling is.''
De Samenleving: ''Neemt u mij niet kwalijk dat ik u onderbreek, maar was het niet de opzet dat ik u ging vertellen wat de bedoeling is?''
Het Kabinet: ''Ah! Daar heeft u in zekere zin gelijk mee. Er zijn natuurlijk wel een paar spelregels.''
De Samenleving: ''Spelregels? Ik dacht dat dit een serieus gesprek zou worden en niet een of ander gezelschapsspelletje?''
Het Kabinet: ''Wat treffend dat u het zo benoemd! Ons motto “Samen leven” staat voor een hechter verband tussen de leden van dit gezelschap. Ik zou graag zien dat men in de beschermende sfeer van het gezin weer eens een gezellig spelletje met elkander doet.''
Dialogen in de polder
'
De Samenleving: ''Ook goedemorgen. Eh…., die koekjes, zijn die gratis?''
Het Kabinet: ''Natuurlijk, tast u toe. Dan kan ik u ondertussen uitleggen wat de bedoeling is.''
De Samenleving: ''Neemt u mij niet kwalijk dat ik u onderbreek, maar was het niet de opzet dat ik u ging vertellen wat de bedoeling is?''
Het Kabinet: ''Ah! Daar heeft u in zekere zin gelijk mee. Er zijn natuurlijk wel een paar spelregels.''
De Samenleving: ''Spelregels? Ik dacht dat dit een serieus gesprek zou worden en niet een of ander gezelschapsspelletje?''
Het Kabinet: ''Wat treffend dat u het zo benoemd! Ons motto “Samen leven” staat voor een hechter verband tussen de leden van dit gezelschap. Ik zou graag zien dat men in de beschermende sfeer van het gezin weer eens een gezellig spelletje met elkander doet.''
Donkey Shocking-nominatie voor Educatie Televisie
Zinnen zijn de dragers, vol boeken en verhalen, maar je zal er in verdwalen, als je niet weet wat je moet.
Prinses Laurentien citeerde dit couplet uit de titelsong van het tv-programma ''Lees en schrijf!'', dat gisteren in première ging. Het maakt onderdeel uit van een project ter bestrijding van laaggeletterdheid (een ingewikkeld woord dat de term ''analfabetisme'' vervangt).
Laurentien, bestuurslid van de Stichting Lezen & Schrijven, zou het mooi vinden als dat liedje nummer één werd in de hitlijsten, want er kan geen aandacht genoeg worden gegeven aan de problemen van analfabeten en laaggeletterden.
Volgens de Stichting Lezen & Schrijven hebben zo''n 1, 5 miljoen mensen problemen op dit gebied. De stichting stelt dat daarvan 1 miljoen autochtonen en een half miljoen allochtonen moeite met lezen en schrijven hebben.
Pikant detail. Deze statistieken zouden er dus heel anders uit kunnen zien als we onze grenzen weer eens wat wijder openstellen.
De oorzaken van analfabetisme zijn heel divers en vraagt dus om een brede aanpak. De ETV (Educatieve Televisie) heeft dat goed begrepen. Multi oorzaken ga je te lijf met een multimedia project. Behalve het tv-programma, komt men ook met een werkboek, een website en een bellijn. Een stevige promotiecampagne brengt alles onder de aandacht.
Nu is een tv-programma nog wel te volgen door analfabeten. Daar komt geen lezen en schrijven aan te pas. Hoewel: hoe kom je erachter waar en wanneer dat programma wordt uitgezonden.
Maar dan die website. Zelf onder goed lezende mensen zitten aardig wat ''digibeten'' die moeite hebben met het bezoeken van websites. Wat moet een analfabeet met een website waar je je eerst moet aanmelden en inloggen voor je bij de oefeningen kunt komen???
Anderhalf miljoen slecht lezende en schrijvende mensen zijn er, voor een welvaartsstaat, veel te veel.
Het valt te prijzen dat Laurentien, met medewerking van staatssecretaris Bijleveldt (let op: met ''dt''!), initiatieven ondersteunen om dat aantal omlaag te krijgen. Maar het is weggegooid geld als dat in de vorm van ontoegankleijke websites gaat.
De goede bedoelingen zijn duidelijk. Maar met de middelen die worden ingezet, kwalificeert de ETV zich op een uitgelezen manier voor de Donkey Shocking Award. Bij deze!
Topzegeltjes
Mogen bijzondere prestaties beloond worden? Tuurlijk wel! De beloning moet echter wel daar terecht komen, waar dat hoort. Een aardig salaris is al een heel redelijke beloning voor mannetjes die een bedrijf opstuwen in de vaart der economie. Het lijkt me ook niet meer dan redelijk dat zo'n mannetje vriendelijk bedankt wordt, als hij daar ruimschoots in slaagt. Een bloemetje, een cadeaubon en een benoeming tot ere-lid van het bestuur zijn leuke extraatjes. Tenslotte kunnen die mannetjes van het opgestreken salaris, de rest van hun leven in een tropisch paradijs doorbrengen. Dat is op zichzelf al een beloning. Als het bedrijfsleven meent dat er verder nog iemand moet worden beloond, is dat niemand meer en mindere dan….. de klant.




