Auteursarchief: Klokwerk

Weldadigheid wordt werelderfgoed.

Veenhuizen Het heeft het kabinet behaagt de tuigdorpen voor te dragen voor de lijst van Werelderfgoederen. Waarmee weldadigheid wordt weggezet als museumstuk. Het gaat, onder andere, om pittoreske huisjes, opgetuigd met spreuken als ‘Werken is leven’, ‘Hou en trouw’ en ‘Helpt elkander’.

Bestaan die dan? Jazeker, in Veenhuizen bijvoorbeeld. Overblijfselen van de
Maatschappij van Weldadigheid. Een 19e eeuwse club die met hulp van rijksoverheid grond kocht in Drenthe, met de bedoeling arme stadsgezinnen aan den landarbeid te krijgen. Het hoger doel was het stichten van een vreugdevolle arbeidsmoraal in de koppies van de sloebers. Dat werd een proefkolonie genoemd. Ook werd er een strafkolonie gebouwd voor de bedelaars en landlopers, waar ook de versbakken kolonisten mochten verblijven, als ze de wet overtraden. De toenmalige comazuipers en kroegvechters konden rekenen op een verblijf in de strafkolonie.

De club bestaat al lang niet meer, de huisjes, delen van de strafkampen en stukjes landgoed nog wel. Deze relikwieën van weldadigheid dreigen te verpauperen, als ze niet goed onderhouden worden en dat wil het kabinet natuurlijk niet. Als het lukt zulks op de lijst van Werelderfgoederen van de Unesco te krijgen, dan verhoogt het de status. “De voordracht is een steun in de rug voor de verdere gebiedsontwikkeling van Frederiksoord en Veenhuizen”,
juichen de burgemeesters van de voormalige tuigdorpen.

Gisteren werd de Tweede Kamer gisteren op de hoogte gesteld
van de nominatie. Naast architectonische hoogstandjes als de Van Nellefabriek in Rotterdam en het Teylersgebouw in Haarlem, historische trots als de Nieuwe Hollandse Waterlinie, wordt er ook heel wat koloniaals voorgedragen. Het eiland Saba, het Plantagesysteem West Curaçao en de nederzettingen Veenhuizen, Frederiksoord en Wilhelminaoord van de Koloniën van Weldadigheid in Drenthe.

Nu moet het kabinet alleen nog alle belanghebbenden rond de tafel zien te krijgen, om over de bijkomende kosten te praten. Het zal iedereen bekend zijn dat de rijksoverheid niet in de weldadige positie verkeert, Neerlands stichtelijke historie met al teveel staatsteun overeind te houden. Maar in
de brief aan de Kamer (pdf!) zet de verantwoordelijke staatssecretaris, Halbe Zijlstra, de deur op een kier. Samen met de eigenaren van het erfgoed zal hij nagaan of aanvulling van de financiën nodig zijn. Na dat overleg zal het Rijk een instandhoudingregime vastleggen.

Een paar regels later smijt hij dan de deur met een klap dicht. Hij heeft “alle vertrouwen in een goed verloop van deze afstemming met de medeoverheden en eigenaren”. De betrokken bestuurders (gemeenten, provincies) hebben al “uitgesproken een plaats op de Werelderfgoedlijst te ambiëren en de verantwoordelijkheid te willen nemen de erfgoederen in stand te houden”.
Die slotzin betekent natuurlijk dat de lokale overheid zelf maar moet zien hoe het allemaal wordt bekostigd. Op het Rijk hoeft men niet te rekenen, want die gaat flink korten op de lokale overheden.

De gedoogpartner van het kabinet zal ook niet blij zijn als het Rijk er wel geld in zou steken, tenzij het erfgoed beschikbaar komt als hedendaagse tuigdorpen. De VVD en het CDA hebben wat tegen dat idee, en dat hadden de christelijke partijen in de 19e eeuw ook, zij het om andere redenen. De christenbroeders zagen niets in de Maatschappij van Weldadigheid, omdat deze niet religieus was.
De VVD is natuurlijk om de bekende financiële redenen tegen.

Maar CDA en VVD zijn nu dus wel voor het in stand houden van de oude tuigdorpen. Dat kan met recht symboolpolitiek met diepgang worden genoemd. Ze moeten er niet aan denken dat bordjes met ‘Hou en trouw’ en ‘Werken is leven’ wegroesten. Veenhuizen als symbool van dat prachtige land, dat we terugkrijgen.

Internet is je buurman niet.

Buren Op zoek naar ander werk, lees ik wel wat meer dan alleen vacatures. Zo ook een artikel over werkgevers, die sollicitanten natrekken op het internet. Opvallende quote: “Gebruik als richtlijn dat je alleen vertelt wat je ook aan de buren zou vertellen. Dat is voor veel mensen een stuk minder dan dat ze nu op internet achterlaten”.

Het artikel
op VKbanen, wijst er op dat alles dat je op het wereldwijde web slingert, tegen je gebruikt kan worden. Vandaar het advies op je, bijvoorbeeld, je weblog alleen zaken te zetten, die je ook met je buren deelt. Met mijn buren gaat de mededeelzaamheid niet verder dan een enkel goedemorgen of goedenavond. Dat moet dus geen probleem zijn. Ook niet voor al die twitteraars, die amper meer dan de groeten doen.
Maar stel je bent op zo’n goede voet met je buren, dat je rustig alles kan bespreken wat in je opkomt. Ik neem aan dat je dan wat voorzichtig moet zijn met dat advies. Dat geldt natuurlijk helemaal in het geval van burenruzie. Ik kan me één van de kandidaten voor de Blogparel herinneren, wiens relatie met de buren met een uitgebreid %$%$#@@#! verwoordde. Zou hij kans maken op een baan?

Natuurlijk is er ook voor zaken rond solliciteren een gedragscode bedacht. Helemaal bij de tijd, want de internetsporen achterhalen van een kandidaat zijn hierin geregeld. Nou ja, geregeld? In artikel 1.1 van die de sollicitatiecode staat: “De sollicitant en de arbeidsorganisatie zijn zich er van bewust dat beschikbare informatie van open bronnen, zoals internet en informatie via derden verkregen niet altijd betrouwbaar is”.
Dat lijkt me genoeg. Wie zich aan deze bepaling serieus neemt en toch het internet afstruint, zou elke gevonden informatie moeten controleren op de betrouwbaarheid en da’s een hoop extra werk. Doe het dan maar niet.

Toch blijken steeds meer werkgevers het niet te kunnen laten, volgens het VKbanen-artikel. Geen probleem, als het maar fatsoenlijk gebeurt en wel volgens artikel 3.2 van de sollicitatiecode: “Externe bemiddelingsbureaus en arbeidsorganisaties die gegevens van vacaturesites/internet halen, dienen bij gebruik hiervan in databases of voor bemiddelingsdoeleinden de betrokkene hiervan in kennis te stellen”.
Geen woord over werkgevers die zelf informatie over kandidaten bij elkaar zoeken. Weer zo’n lik-me-vestje code dus. Zou deze kritische noot nu een belemmering kunnen zijn, als ik een baantje bij de Nederlandse Vereniging voor Personeelsmanagement & Organisatieontwikkeling wil? Deze NVP heeft namelijk die sollicitatiecode opgesteld.

Het enige interessante in het artikel is de opmerking dat het mogelijk zou moeten zijn informatie weer van het internet te verwijderen. Dat is namelijk erg lastig. Op Europees niveau is er een wetsvoorstel in voorbereiding om dat eens goed te regelen. Elke organisatie die op de een of andere manier aan internetbeheer doet (hostingproviders, Google en andere zoekmachines) zouden verplicht moeten worden informatie te verwijderen als de opsteller daarvan er om vraagt. Het idee van het 'vergeetrecht' op internet kan wel op goedkeuring van de Eerste Kamer rekenen.

Je kan natuurlijk ook alle tips opvolgen die over het ‘ontgooglen’ te vinden zijn, maar de meeste adviseurs benadrukken wel dat je beter eerst goed kan nadenken voor je iets op het internet smijt. Dat lijkt mij een advies dat in alle situaties aan te bevelen is, maar dat is niet te doen. Wie denkt er nou bij alles eerst na? Zo zitten mensen niet in elkaar.
Wat mensen ook gemeen hebben met elkaar, is dat niemand het leuk vindt als er stiekem in zijn spulletjes wordt geneusd. Bij sollicitaties zou eigenlijk wettelijk geregeld moeten zijn dat internetonderzoek alleen met toestemming van de sollicitant is toegestaan. Ik geef toe dat niet te controleren is of een vacatureaanbieder zich daar ook aan houdt, maar mocht hij daar toch op betrapt worden dan is er tenminste een gang naar de rechter mogelijk om verhaal te halen.

Nog beter is natuurlijk dat niemand met anderen dingen uitspookt, die hijzelf ook niet wil ondergaan. En verder moeten we daar niet al te moeilijk over doen. Als ik vieze mopjes op het internet verspreidt, dan ben ik blijkbaar een vunzig type. Er zijn vast even vunzige werkgevers, die dat een aanbeveling vinden.

Weet Rutte wel wat werk is?

Werkeloosheid ‘Het was een korte ministerraad. Dat was ook zo gepland, omdat we vanmiddag bij elkaar komen (…) om met de ministers en de staatssecretarissen eens even stil te staan. (…). En ook even om in de relatieve rust van geen agenda even vooruit kijken naar het komende jaar. (…) We hebben beloofd om Nederland sterker uit de crisis te laten komen (…) in de kern samen te vatten als 'minder overheid, meer banen'.

Korte vergadering, even stilstaan, relatieve rust, zo omschreef MP Rutte de noeste arbeid van het kabinet, op 1 april de persconferentie na
de ministerraad. De altijd goedlachse premier heeft 1 april natuurlijk aangegrepen, om ook eens een grap uit te halen. Dat wil zeggen: minder overheid, daar kun je wel op rekenen. Meer banen? Dat is dan de grap. Want meer banen, mag opgevat worden als meer werk, dus minder werkeloosheid. Dat zal niet hetzelfde blijken de komende jaren. Een greep uit het nieuws van de laatste tijd.

Het CBS zag de werkloosheid toenemen. In 2010 daalde die wel, maar was nog altijd hoger dan in 2009. Die daling zette in januari nog even door, maar in februari begon de werkloosheid weer te stijgen en zijn er 400.000 werklozen geturfd.
Ondertussen worden er nog steeds mensen ontslagen, omdat bedrijven nog steeds de gevolgen van de crisis ondervinden. Het gaat meestal om kleine aantallen. Een betonfabriek die 17 mensen ontslaat, een machinefabriek die er 11 loost of een bedrijf die medische apparatuur maakt, die er 14 aan de dijk zet.
En natuurlijk zijn er ook nog ziekenhuizen die in problemen zijn en hier en daar 100 banen geschrapt moeten worden.

Met dat begrip banen moeten we even oppassen. Meestal wordt bedoeld: full-time banen. Die worden niet altijd door evenveel mensen bezet. De Haagse bibliotheek sluit filialen en
ontslaat 40 mensen, die 26 voltijdsbanen uitvoeren. Laten we er even vanuit gaan dat in de volgende voorbeelden een baan hetzelfde is al één werknemer. Dan krijgen we een beetje een beeld van de werkloosheid, die door de bezuinigingen veroorzaakt zal worden.

Bij de UWV moeten minstens
5000 banen weg. De gemeente Utrecht gaat 600 ambtenaren eruit gooien. De gemeente Den Haag gaat veel voortvarende te werk: 1000 banen minder in de ambtenarij. Den Bosch doet het kalm aan en schrapt 78 banen.
In het passend onderwijs verwacht men een verlies van
9000 banen. Een school in Den Haag moet nu al 80 leraren ontslaan. Bij de Rotterdamse Roteb vliegen er 200 gehandicapte medewerkers uit. Bij een Noord-Hollandse thuiszorgorganisatie is er een ontslagaanvrage voor 638 medewerkers in voorbereiding. In Den Helder komen 5 zwembadleraren op een droogje te staan.

Voeg al die mensen toe aan de werkloosheidscijfers van februari en we komen op 515.783 werklozen. In 2010 waren dat er nog 426.000 (in 2009: 377.000; in 2008: 300.000). En dan is dit gebaseerd op slechts een greep uit de aangekondigde bezuinigingsplannen van lokale overheden en organisaties.
Geen nood. Minister De Jager zei in februari dat het ontslag van al die ambtenaren een zege is voor de economie. Niet alleen een zuinige overheid draagt daar aan bij, maar wat dacht je van al die “goed opgeleide en waardevolle arbeidskrachten” die beschikbaar komen op de markt?
Dat is een al even leuke grap, als die van Rutte’s 1 aprilmop. Want dat werkt alleen als bedrijven en organisaties ophouden mensen te ontslaan.

Ik geloof niet dat Rutte weet wat werk is. Tenzij hij van bedrog werk maakt. Het kan nooit ‘meer banen’ zijn.

Leun op mij.

Leunen Het was gisteren een beetje rare dag in Den Haag. Het CDA had een zaaltje afgehuurd om een nieuwe ‘godfather’ te kiezen. De ruim 600 CDA-leden werden bij aankomst opgewacht door leden van de AOb (Algemene Onderwijsbond), die snoephartjes uitdeelden. Een actie tegen de bezuinigingen nog het passend onderwijs. De CDA-leden zijn blijkbaar om te kopen met snoep, want het congres stemde tegen die bezuinigingen.

Een stuk of vijftig jongeren hielden in het centrum van Den Haag een
kussengevecht. Ik dacht eerst:goh, wat leuk. Jongeren die laten zien dat je een conflict ook met andere wapens uit kan vechten. Maar het ging nergens over, behalve over wat lol. Het was namelijk Wereld Kussengevechtdag.

Op het Plein verzamelden zich zo’n dertig mensen, die zich de
Dwaze Kinderen noemen. Zij voeren actie tegen de slechte ouderenzorg. En met slechte zorg bedoelen ze niet alleen dat hun ouders of grootouders te weinig persoonlijke aandacht krijgen in het verzorgingstehuis, maar ook dat er maar wat aangerommeld wordt met de hygiëne, het eten, de medicatie en de veiligheid. Er wordt zelfs gesproken van mishandeling.

En ineens gebeurt er iets raars in mijn hoofd. Of het wat te maken heeft met die drukte in Den Haag, geen idee. Er dringt zich een liedje op en nu zeurt het al uren “kom maar hier en leun op mij” door mijn kop. Ken je dat liedje?
H
et is een draak van een song. Bekend geworden van Ruth Jacott. Jaren geleden heb ik het zelf een keer gespeeld. Als grap op een feest. De zangers stak flink de draak met de draak en we zetten een fraai stukje ‘camp’ weg. Maar, nu komt het meest rare, ik vind dat nummer ook wel iets hebben. Iedereen om me heen verklaart me voor gek en begrijpt daar niets van. Nu zit ik te piekeren wat ik er dan wel zo aardig aan vind. Kan ik verdedigen waarom dat nummer wel iets heeft?

Het kan niet de tekst zijn. Te oppervlakkig, meer een wandtegelgedichtje. De melodie is ook niet spectaculair of bijzonder mooi. Er zit een verschrikkelijk ‘bruggetje’ in (en als je hart gerboken is…). De uitvoering is te schreeuwerig. Het zou meer ingetogen gebracht moeten worden. Zo’n benadering haalde Ruth Jacott bijna in een radiouitzending, begeleidt door een onbekend bandje (hier te zien en te
beluisteren op Youtube). Alleen erger ik me aan dat vibrato van Jacott. En ook hier is het refrein te hard.

Het enige wat ik er aardig aan vindt is dat een wat luie, maar lekker lopende ‘drive’ heeft. Een goede baslijn en lekker lopend slagwerk. De gospelachtige samenzang in het refrein kan ik ook wel waarderen. Maar alles bij elkaar is het een sentimentele draak, die prima past in het rijtje nummers als ‘You never walk alone’ en ‘We are the champions’. De uitvoering van een coverbandje
met de zanger van Bløf, is wel de manier om zo’n nummer te presenteren.

Misschien zijn er lezers die dat herkennen: je wordt overvallen door onverklaarbaar sentiment en ziet of hoort iets moois in een verder vreselijk stukje ‘camp’. Lelijk met een klein goud randje. Gooi het in de reacties en aan het eind van de komende week , presenteer ik hier jullie lijst van ‘Erg Verschrikkelijk Mooi”.

Eigen bijdrage tegen bezuinigingen.

Begrip De koopkracht is gedaald en toch hebben we iets meer uitgegeven, zegt het CBS. Mooi, zal Rutte denken, er is dus geen enkele reden op de bezuinigingen terug te komen.

Dan kunnen we twee dingen doen. De straat op en zeggen: rot op met je bezuinigingen. Het gaat alweer wat beter, dus handen af van onze bieb, zwembad, muziekvereniging en personeel. De laatste update van
Rutte’s Onrust, laat zien dat per vandaag 70 procent van alle maatschappelijke onrust uit acties tegen de bezuinigingen bestaat. Vorig jaar was dat nog maar 47 procent. In de update van de onrustmonitor een overzicht van alle acties (exceldocument!).

Je kan ook zeggen: we zijn er nog niet, Rutte heeft groot gelijk. En het toch jammer vinden dat je kind niet meer naar schoolzwemmen kan. Of het
gehandicapte personeel in je bedrijfskantine wordt ontslagen. Wat dan? Laat ik even een maf voorstel doen. De eigen bijdrage ter voorkoming van bezuinigingen.

Als iedereen eenmalig een eigen bijdrage doneert, kunnen de 18 miljard aan geplande bezuinigingen in een klap van tafel.
Hoe hoger het inkomen, hoe hoger de bijdrage natuurlijk. We halen even de verdeling van inkomensklasse erbij (CBS). De mensen met een inkomen tot 16 duizend euro sparen we. De mensen die tussen de 16 en 18 duizend euro aan persoonlijk inkomen hebben, betalen een eigen bijdrage van 50 euro. Dan gaat het oplopen. De miljonairs betalen een eenmalige bijdrage van 25.700 euro.
Wat levert dat op? Iets meer dan die 18 miljard! Kijk maar in dit exceldocumentje.

Zo kunnen we weer vier jaar vooruit, zonder bezuinigingen op onderwijs, cultuur, sport, defensie. Eén nadeel. Rutte zal zeggen: bedankt voor het bergrip en kan rustig blijven zitten. Maar goed, ongeveer de helft van de kiezers vindt dat best. We hebben dan weer wel tijd voor leuke dingen en hoeven niet de straat op om onze verworvenheden te redden.

Ontmantelbaarheid.

Ontmanteling Er wordt heel wat troep gemaakt. En dat moet weer opgeruimd worden. Dat gaat zomaar niet. Heel wat spul moet eerst uit elkaar worden gehaald. Mobieltjes, pc’s, wasmachines, noem maar op. Ze worden niet alleen uit elkaar gehaald, omdat er nog (her)bruikbaar spul in zit. De schadelijke elementen moeten ook verwijderd worden, om op zo milieuveilige manier mogelijk vernietigd te worden.

Alle maakbaarheid heeft op een bepaald moment zijn beste tijd wel gehad. Huizen worden gesloopt, auto’s gaan de shredder in en zelfs minder tastbare zaken worden afgebouwd. Afbouwen is een ongelukkige term. Het betekent niet het vervolmaken van iets, maar het ontmantelen van zaken. Dat is lang niet altijd eenvoudig en kan soms een aardig tijdje duren.

De kerncentrales in Japan zijn zo’n troep geworden, dat er niets anders overblijft dan ze
te ontmantelen. Normaal gesproken wordt een kerncentrale ontmanteld als de productieve levensduur er op zit. Zonder ongelukken is een kerncentrale maximaal zestig jaar bruikbaar. De ontmanteling gaat zeker veertig jaar duren. Het opgeslagen afval heeft nog duizenden jaren nodig, voor het een stralingsniveau bereikt van natuurlijk uranium. Kortom: van kernenergie kan je echt heel lang je lol op hebben.

In 1968 kreeg men in de
kerncentrale van Dodewaard de eerste kettingreactie voor elkaar. In 1997 werd, na 28 jaar productie, de boel stilgelegd. In 2003 werd de laatste splijtsof afgevoerd en in 2005 ging de 40-jarige wachttijd in. Die wachttijd is nodig om de nog aanwezige radioactiviteit af te laten nemen, zodat ook de laatste steen veilig gesloopt kan worden. Hoe langer een kerncentrale actief is geweest, hoe langer ook de totale ontmanteling zal duren, omdat de centrale veel radioactiever achterblijft dan een centrale met een korte activiteit. Van Dodewaard zijn we pas in 2045 af.

Afijn, dat kost een klap geld, want de zaak moet al de jaren wel worden beveiligd, gecontroleerd en onderhouden. Reken maar dat u deze ‘verwijderingsbijdrage’ net zo hard zelf betaalt, als die van uw overjarige wasmachine. Het is alleen een paar tientjes meer, dus wordt dat ‘gemeenschappelijk’ betaald. Via de energienota’s en de belastingen.
Als u een niet één, maar twee wasmachines wil, betaalt u aankoop en verwijderingsbijdrage helemaal zelf. Tenzij u uw buurman zo gek heeft gekregen mee te dokken. Een tweede kerncentrale staat niet op ieders verlanglijstje, maar volgens goed democratische principes betaalt hier wel iedereen aan mee.

Het gerucht gaat dat er zoveel fraais wordt geproduceerd, omdat de consument er om vraagt. Dat geldt voor de wasmachine en ook voor de kerncentrale. Energiebehoefte, nietwaar?
Maar denkt u wel eens naar over de ontmantelbaarheid van uw spulletjes en behoeften? Neem dan in uw overwegingen mee dat u sneller van uw fiets af bent dan van een kerncentrale.

1973

Interventie 1973 gaat de geschiedenis in als de VN-resolutie, waarmee besloten werd tot ingrijpen in Libië. Een bijzonder getal. Want 1973 doet ook denken aan de officiële opening van het World Trade Center. Die opening herinnert niemand zich, de terreuractie op de Twin Towers wel.

1973 is ook het jaar van Pinochet’s
staatsgreep in Chili. Zijn er nog lezers die de straaljagers herinneren, die Allende's residentie bestookten? En in 1973 vielen Egypte en Syrië met 200 vliegtuigen Israël aan, de inleiding tot de Jom Kippoeroorlog. In het Thaise Bangkok vielen ruim 1500 doden, toen de militaire junta een studentenopstand neersloeg. Geen VN-ingrijpen.
Goed nieuws was er ook. De V.S. beëindigden de Vietnamoorlog en de bombardementen op Cambodja. Een lange militaire interventie eindigde in de Parijse vredesakkoorden.

De VN-resolutie 1973 is natuurlijk niet terug te voeren op deze gebeurtenissen, maar dat deze resolutie tot stand kon komen, heeft wel te maken met de geschiedenis van de VN en het gegeven dat het bestaan van de VN niet heeft voorkomen dat oorlogen, staatsgrepen en hardhandig neerslaan van democratische bewegingen bijna dagelijkse kost is.
De VN is opgericht vanuit de gedachte dat een catastrofe als de Tweede Wereldoorlog, inclusief de genocide, zich nooit meer zou herhalen. Het idee van de VN als een verzameling van Vredes Naties, in plaats van Verenigde Naties, worstelt tot op vandaag nog met haar volwassenwording.

Naadloos ging de Tweede Wereldoorlog over in de Koude Oorlog, die in sommige delen van de wereld gloeiend heet werd gevoerd, en vele onafhankelijkheidsoorlogen. De VN stond erbij en keek ernaar, omdat de souvereiniteit van de staten erg hoog in het vaandel stond. En natuurlijk omdat de grote spelers, de V.S., Rusland, China, zeker tijdens de Koude Oorlog, regelmatig hun vetorecht in de Veiligheidsraad gebruikten om eigen belangen te verdedigen.
De meeste interventies van de VN bestonden uit verklaringen en resoluties waarin geweld werd veroordeeld en opgeroepen tot staakt het vuren. Maar ingrijpen? Zelden of nooit.

Dat zou na 2005 veranderen. Na de Wereld Top van 2005 zou de VN alle ellende op de wereld wel eens aanpakken. De zogenaamde RtoP-verklaring,
Responsibility to Protect, een gedragscode ter voorkoming van genocide, oorlogsmisdaden, etnische zuiveringen, en misdaden tegen de mensheid.
De drie pijlers de RtoP zijn: 1. Elke staat heeft de verantwoordelijkheid haar burgers te beschermen tegen al die ellende. 2. De internationale gemeenschap verplicht zich die staten te helpen, die de middelen ontberen deze verantwoordelijkheid in praktijk te brengen. 3. De internationale gemeenschap verplicht zich tot tijdig en ferm ingrijpen om schendingen te stoppen, als een staat er duidelijk blijk van geeft die verantwoordelijkheid niet te (willen) nemen.

Dat laatste is nu dus in Libië het geval. En, zoals wel vaker bij VN-besluiten, is dat niet naar ieders zin. Dat Gadaffi het er niet mee eens is, laten we maar even buiten beschouwing. Sommige critici zijn bang dat dit tot een jarenlang wespennest zal leiden, waar niemand beter van wordt. Anderen hekelen het militaire karakter en zijn tegen elke vorm van militaire interventie.
De angsten worden ook door sommige VN-landen gedeeld. Angst voor vervelende ontwikkelingen spelen zeker een rol bij de V.S., die daarom liever de NATO een leidende rol wil geven. Dat houdt de mogelijkheid open later het fanatieke Frankrijk op de donder te geven, als de boel ontspoort.
De kritieken op het militaire karakter komt natuurlijk van mensen die elke vorm van geweld afwijzen. Wat door roekeloze houwitsers wordt afgedaan als naïviteit of bij zich machteloos voelende mensen de vraag oproept: maar wat dan? Kritiek komt ook van mensen die zich afvragen waarom in Libië wel wordt ingegrepen, maar in Syrië en Jemen niet. Ook daar wordt keihard opgetreden tegen demonstranten.

Het begint met de vraag of anderen dan de Libiërs zelf, tot actie mogen overgaan. En zo ja, wie zijn dan gerechtigd tot actie en welke acties zijn toegestaan?
De situatie in Libië lossen we niet op met een humanitaire inzamelingsactie. En wie voelt er wat voor om zijn rugzak te pakken en aan de zijde te gaan staan van de Libiërs die vrijheid en democratie willen? Wie gaat er in Libië langs de kant van de weg staan om demonstraten te beschermen, zoals burgers in 2007 een cordon vormden rond demonstrerende monniken
in Myanmar?

Eén optie is de internationale gemeenschap vergeten. Concrete hulp aan Tunesië en Egypte om Libiërs die het geweld willen ontvluchten op te vangen. De no-fly zone kan dan de vluchtelingen beschermen tegen aanvallen uit de lucht. Gaddaffi heeft niet genoeg tanks om beide grenzen onder vuur te nemen.
De vraag blijft wel: welke humanitaire actie kan de achterblijvers wel beschermen tegen Gaddafi’s geweld?

Gastlog: Menstruerende monsters.

De Blogparel 2010 publieksprijs bestaat uit het 1x per maand plaatsen van een blog, geschreven door de winnaar. In dit geval een winnares. Tot en met december plaatsen we hier elke maand een artikel dat eerder verscheen op Trudy Schrijft. Wie dacht dat we met het Power Balancepolsbandje alles gehad hebben, moet dit beslist lezen.
Ongesteld
Menstruerende monsters

Na de bedel – , pandora -, en slavenarmband is er reeds een nieuw soort armband in ontwikkeling. Met de ‘the help for husbands’ armband zal een gewaarschuwd (mannelijk) mens voortaan voor twee tellen. De uitvinder Karl Dorn werkt momenteel aan een prototype van dit vernuftige sieraad.Wat een nonsens…

Als u het mij vraagt valt deze armband eerder onder de noemer alarmeringssysteem dan sieraad, want dit ‘systeem’ geeft groot alarm zodra de draagster in haar maandelijkse cyclus belandt is. Op het moment dat uw partner begint te vloeien verandert de armband namelijk van kleur.

Doel van deze armband is om begrip te kweken voor de humeurveranderingen van uw partner. Maar voor wie is deze armband nu een uitvinding? Voor de man? Dat zodra de armband vervaarlijk rood kleurt (althans, dat lijkt mij de meest logische alarmkleur in dit geval) je maar even op je tellen moet passen? Dat je de lippen gesloten houdt als Yolanthe tijdens de gouden harpuitreiking ten tonele verschijnt? Dat je niets zegt over haar platte buik gehesen in een zilvergrijs nauwsluitend jurkje? Dat je ook niet verteld dat het je best leuk had geleken om te kijken hoe ver je had kunnen komen in de serie/wedstrijd ‘Wie kiest Tatjana?’ Dat je zulke uitlatingen niet zult uitspreken zolang je partners polsbandje alarmrood gekleurd is? Uit angst voor het menstruerende monster naast je op de bank. Kan deze armband dus een fikse huwelijkscrisis voorkomen?

Ik vrees van niet…
Ik denk zelfs dat het een averechtse werking zal hebben. Mits er aan het menstruatiepolsbandje geen privileges verbonden zijn, zal een vrouw het nimmer aanschaffen, want ze denkt tenslotte dat er helemaal niets mis is met haar gemoedsgesteldheid. Ik denk daarbij aan een privileges in de trant van gratis chocolade, mogen voordringen bij de kassa, en een flinke arbeidstijdverkorting als ze in haar ‘vloeiende’ periode zit.

Ik denk dat deze bescheiden verzoekjes direct naar de prullenbak verwezen zullen worden. Dus de partner zal de armband haar cadeau moeten geven. Een dappere vent die dat durft.
Want een menstruatiepolsbandje cadeau geven, heeft ongeveer dezelfde gevolgen als dat je de vrouw een huishoudelijk apparaat cadeau geeft: Een maand lang geen vrijerijen, Champions league en pils in huis.

Nee, ik zie beslist geen stijgend aandelenpakket in deze gadget.
Ik denk dat het verstandiger is, als de man zich met een positieve kijk door de maandelijkse periode van zijn partner heen zal worstelen. Al vergt het wat kracht en uithoudingsvermogen, houdt in deze moeilijke periode voor ogen dat wij,- vrouwen – grotendeels van de maand best wel te hachelen zijn.

Dit artikel verscheen eerder hier op Trudy Schrijft.

Rutte's Onrust.

Crap Rutte valt niet te benijden. Vol enthousiasme wil hij het land er bovenop helpen, maar hij komt er maar niet aan toe. Het ene Europese overleg na de andere Eurovergadering kosten hem zijn dure tijd op zijn agenda. Bovenaan die agenda staat nog steeds:“Iedereen zal er iets van voelen”. Daar staat dan wel een beloning tegenover. We krijgen dit prachtige land terug.

Steeds meer mensen maken zich ongerust over de staat waarin dat land zal verkeren, op het moment dat het teruggegeven zal worden. Sterker nog, steeds meer mensen komen in beweging en proberen die zaken te redden, die zij prachtig vinden. Men begint blijkbaar te voelen, wat Rutte’s redding betekent. Het wordt alsmaar onrustiger in de samenleving. Het is nog niet zover dat het Binnenhof volstroomt en wordt omgedoopt tot Neerlands Tahrirplein, zoals Britse demonstranten hun Trafalgar Square
wel een jasmijntintje gaven, toen ze zit weekend te hoop liepen tegen hun bezuinigingen.

In Nederland lijkt een tsunami aan lokale acties aan te zwellen. Toen het kabinet Rutte van start ging, kreeg het meteen al een
hete december voor de kiezen. De maatschappelijke onrust was in de eerste maanden van het nieuwe kabinet al even groot als alle maanden daarvoor. In 2010 manifesteerde de maatschappelijke betrokkenheid van de burgers zich in 34 acties. Een gemiddelde van 2,8 per maand. De meesten betroffen arbeidsconflicten (50%), zoals cao-onderhandelingen en reorganisaties. De bezuinigingsplannen scoorden wel al 47% van alle onrust.

Het eerste kwartaal van 2011 zit er bijna op en we zien een fikse opleving van acties tegen de bezuinigingen. In de eerste drie maanden zijn er al 40 acties gevoerd, een gemiddelde van 13,3 per maand.. Daarvan betrof 68% de bezuinigingen. Arbeidsconflicten waren goed voor 25% van de acties.
In januari leek de rust terug te keren. Slechts acht acties, na de tien van december. Maar dat was snel anders. In februari werden er twaalf acties gevoerd en in deze maand staat de teller al op twintig. In drie maanden tijd is de maatschappelijke onrust al 15 procent groter dan heel 2010.

Vooral in het onderwijs is de onrust het grootst. Acties tegen bezuinigingen op het hoger onderwijs blijven elkaar opvolgen. De kabinetsplannen met het speciaal onderwijs brengen ook steeds meer mensen op de been. Maar ook de dreigende sluitingen van bibliotheken, zwembaden en club- en buurthuizen leiden tot tal van lokale acties. De actiebereidheid lijkt alleen maar groter te worden.
In dit exceldocument de laatste stand van zaken.

Wat kan Rutte doen om de onrust te beteugelen? De plannen doorzetten en er een schepje bovenop doen, zoals bij het
speciaal onderwijs is aangekondigd? Of de plannen bijstellen? Ik ben geen regeringsadviseur, maar dat laatste lijkt mij het wijste, wil het rustig blijven in dit prachtige land. Laat ik eerlijk zijn, het gaat mij ook om mijn eigen rust.

Als werkende in de daklozenopvang heb ik met twee zaken te maken. Minder personeel en meer daklozen. Dankzij de bezuinigingen doen we het werk met minder collega’s. Ach, wat harder werken, ook al dreigt er een slechtere cao uit de bus te komen, dat moet een betrokken burger er voor over hebben.
Maar hoe gaan we dat redden, nu het aantal nieuwe daklozen toeneemt? In 2009 hadden we hier gemiddeld twee aanmeldingen per week. In 2010 is dat opgelopen tot gemiddeld vier per week. Nu staat die teller al op gemiddeld zes per week. In nog maar drie maanden tijd. Elke dag komen er meer dan honderd individuen over de vloer, die onze opvang op de een of andere manier nodig hebben.

Ik ben Rutte’s onrust eigenlijk wel zat.

Dan dooft het licht.

Dan dooft het licht Gisteravond ging een uur het licht uit. Na een golf van duisternis vanuit Australië over de aarde rolde, begon ook hier de actie Earth Hour. Een symbolische milieuactie. Symbolisch, want zoveel stroom zal er niet mee bespaard worden, maar “we willen laten zien wat er kan gebeuren als mensen samenwerken”, zegt één van de organisatoren.

Vandaag, werd het een uur later licht. Vandaag zullen we weten of de samenwerking een succes is geworden. Iets echt weten, doe je altijd later. Er zijn natuurlijk wel van die visionaire zieners, die de mazzel hebben dat sommige dingen verlopen, zoals zij ze hadden voorspeld. Met een parmantig ‘zie je wel, ik wist het wel’, geven ze de twijfelaars het nakijken. Maar zeker weten kun je pas, als een voldongen feit achter de rug is. In de weg naar die ‘voldongenheid’, kan er altijd iets onverwachts gebeuren, die vooraf gestelde zekerheden onderuit schoffelen.

Zo weten we nu zeker dat kernenergie gevaarlijker is dan we misschien willen. We weten nu ook dat er veel meer mensen in de wereld vrijheid en democratie zo belangrijk vinden, dat ze de starten en pleinen er voor opgaan. We weten nog niet wat die maatschappelijke onrust op zal leveren. Maar we weten wel dat we het zo belangrijk vinden, dat we bereid zijn militaire middelen in te zetten om die vrijheidsdrang te beschermen tegen schietgrage dictators.

De jasmijnrevolutie spreekt zo tot de verbeelding dat demonstranten die in Londen tegen de bezuinigingen de straat op gingen, het pittoreske Trafalgar Square omdoopten
tot Tahrirplein. Om dat kracht bij te zetten, meenden een aantal demonstranten ook maar over te gaan tot wat schermutselingen en een bank bestormden. Dat kostte ruim 200 oproerkraaiers tijdelijk hun vrijheid.
Maar wat een melodramatiek. Wat heeft de heldhaftigheid van Egyptenaren op het Tahrirplein nou te maken met onvrede over bezuinigingen? Vrijheid en democratie is toch wat anders het inleveren van een paar rotcenten, die onze economie er weer bovenop moeten helpen?

Laten we er, even melodramatisch, een schepje bovenop doen. “Een volk dat voor tirannen zwicht
zal meer dan lijf en goed verliezen. Dan dooft het licht”.
Dat zinnetje uit een gedicht van
Henk van Randwijk, siert een herdenkingsmonument in Amsterdam. Het gedicht is niet alleen een ‘in memoriam’ voor slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, het roept ook op verder te kijken dan je neus lang is (maar gun Uw ogen wijder zicht, aanzie het land en alle mens tegader) en samen te werken tegen onrechtvaardigheid (wij staan tesaam voor het gericht, voor goed of kwaad te kiezen).

Ik kan me voorstellen, dat er nu mensen zijn die een verband zien tussen banken die riante
bonussen blijven uitkeren, investeren in wapenhandel, een wereldwijde kredietcrisis veroorzaken en de bezuinigingen die nodig zouden zijn omdat die banken staatssteun hebben gekregen. Bezuinigingen die iedereen zullen raken, heeft Rutte beloofd. En ja, als er tegen bezuinigingen wordt geprotesteerd en het antwoord is dat er 50 miljoen meer wordt bezuinigd, dan stellen mensen natuurlijk ook vragen over het democratische gehalte, waarmee dit beleid tot stand komt.
Dan zit er een kans in dat het Binnenhof eerdaags ook wordt omgedoopt tot Tahrirplein. Morgen daarover meer op dit weblog.